ATB'ers duwen crossers kopje onder

GIETEN - Onder het bekende motto 'If you can't beat them, join them' probeert de internationale crossgemeenschap raakvlakken te vinden met het sterk groeiende leger mountain-bikers. Na de stormachtige opkomst van het vooral in de Verenigde Staten razend populaire ATB-fietsen - ATB staat voor all terrain bikes - werd het snelle faillissement van het veldrijden voorspeld. De blubberridders ploeteren nog voort, maar vraag niet hoe.

Zucht de crossfamilie al decennia lang vruchteloos naar erkenning, de mountain-bikers genoten in no time aanzien van de hoogste sportinstanties. Het veldrijden speelt zich af in een obscuur achterkamertje van het UCI-complex. Het is maar een kleine sport in een oninteressant afzetgebied: België, Nederland (beter: Noord-Brabant), Tsjechië en Zwitserland. Het ATB is een trendy vrije-tijdsbesteding in het land van de onbegrensde mogelijkheden; daar waar de internationale wielrenunie het fietsen op de weg maar niet van de grond krijgt, maar het terreinrijden de harten van tv-producers en sponsors heeft gestolen. Gisteren gaf Gerrie van Gerwen, de Nederlandse voorman van AICCross, de veldritsectie van de UCI, in deze krant al een treffende typering van de jongste loot aan de boom. “Het is net als rock and roll. Het is een vrijheidsuiting. Alles mag, niets moet.”

De UCI en het IOC hebben het terreinfietsen vervolgens in de lift omhoog geplaatst. De wielrenunie kreeg een kans voor open doel zich eindelijk in de commercieel aantrekkelijke nieuwe wereld te settelen, het IOC honoreerde het verzoek van 'Atlanta', om de mountain-bike in plaats van de dodelijk saaie ploegentijdrit over honderd kilometer op de agenda van de Olympische Spelen van 1996 te plaatsen. Op straffe van ingrijpen door het Internationaal Olympisch Comité kon de UCI geen kant op: als de sport zichzelf niet moderniseert, helpt het IOC wel een hard handje. Het was in een mum van tijd geregeld. De veldrijders daarentegen, ondervonden in het recente verleden nooit enige steun van betekenis om hun tak van de wielersport toe te voegen aan het schrale programma van de Winterspelen.

“Ik kreeg er de schijten van”, zegt Van Gerwen nogal plastisch, toen de ATB'ers als in een springvloed de crossers kopje onder duwden. Maar na het slikken van wat norit loopt het de Brabander beduidend minder dun door de broek en probeert hij opgewekt de goede kanten van het veldrijden te vermengen met de mountain-bike. “Het was een heel vervelende situatie. Ik was bezig het veldrijden op een moderne leest te schoeien, toen plotseling van alle kanten de mountain-bike werd gepromoot. Nu ik alles heb laten bezinken, moet ik concluderen dat de cyclo-cross een paar sterke ijzers in het vuur heeft. De mountain-bike maakt daar al gebruik van. Voor beiden kan dat in de toekomst plezierige gevolgen hebben.”

Het codewoord heet in dit verband televisie-coverage. Van Gerwen: “Sporten kunnen zonder tv niet meer bestaan. Dat is een probleem van de mountain-bike. Een wedstrijd, of je nu de afdaling of de cross country hebt, is moeilijk in beeld te brengen. Dat noopt de ATB tot aanpassingen. De cyclo-cross speelt zich af op een parcours van twee kilometer. Op dat punt zullen we elkaar zeker vinden. Je denkt toch niet dat voor de Olympische mountain bike-wedstrijd (in Atlanta staat alleen de cross country op het programma - red) een parcours van twaalf kilometer wordt uitgezet?”

De fietsen mogen dan op elkaar lijken, voor de wedstrijden geldt dat maar in beperkte mate. Van Gerwen: “Een cyclo-cross is flitsend en explosief. Eén uur crossen staat gelijk aan dríe uur wegrennen. Bij een mountain-bikewedstrijd heb je een lange aanloop.” Twee namen uit het ATB-circuit - Bart Brentjens, houder van de wereldbeker, en Peter Arntz - waagden zich zondag in Gieten op de crossfiets. Ze speelden geen rol van betekenis. “De mountain-bike is een echte doe-sport”, merkt Gerrie van Gerwen verder op. De aantrekkingskracht van die karaktereigenschap laat zich voelen in de (ongelijke) concurrentiestrijd. VVV's in bergstreken hebben de mountain-bike toegevoegd aan hun zomerse vakantiepakket.

Het is de vraag hoelang het veldrijden stand zal houden onder de orkaankracht waarmee de ATB'ers door het sportieve universum worden geblazen. In de huidige ontwikkelingsfase is het het jachtterrein van coureurs die op de weg weinig meer te zoeken hebben. Greg LeMond en Adri van der Poel, om een paar te noemen, dromen stilletjes van een mooi afscheid als wielrenner op het Olympische podium van Atlanta. Niet dat het veldrijden op coureurs in de herfst van hun carrière zit te wachten, het is wel een hele toer om de jongeren uit de fluoriserende pakken te houden en tot het heroïsche geploeter in de blubber - lichtjaren verwijderd van mediterrane, glamourachtige locaties - te bewegen.

De komende drie jaar zijn beslissend. De UCI investeert tot 1998 een deel van de revenuen van de weg (tv-inkomsten uit wereldbekerwedstrijden en het WK) in het opkrikken van het veldrijden. De cyclus om de Coupe du monde is het middel om dat doel te bereiken. Op de weg was een soortgelijk project al snel tot mislukken gedoemd. Van Gerwen heeft de uitstraling van een onverbeterlijke optimist, maar moet toch toegeven dat het groeiproces zich trager ontwikkelt dan hij gehoopt had. “We begonnen het eerste jaar op het nulpunt. De organisatoren moesten we met het zaklantaarntje zoeken. Onze tweede doelstelling, renners en coaches enthousiasmeren, hebben we daarentegen bereikt. In het tweede jaar streefden we verbreding van de media-aandacht na. Die blijft achter bij de verwachtingen, dat moet ik toegeven. In het derde jaar, 1995 dus, moet de aandacht van de media optimaal zijn en kan er een begin worden gemaakt met het vinden van extra geld. In het vierde jaar dient dat zijn beslag te krijgen, waarna we in het vijfde jaar op volle kracht moeten draaien. Lukt dat niet, dan moeten we ermee ophouden. Dan is de cyclo-cross alle aandacht en moeite niet waard.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden