ATAL BEHARI VAJPAYEE

“Veertig jaar heb ik gewacht. Nu is het mijn beurt.” Om zijn mond hangt nog steeds de grijns van iemand die zijn onzekerheid verbergt achter ferme taal. Lispelend, als altijd, maar beslist. Een wazige glans over de spottende ogen. Atal Behari Vajpayee (71) op zijn best. Een man die meent dat hij de nieuwe premier van India moet zijn.

Twee jaar geleden was hij het al: voor dertien dagen. Zijn partij, de rechts-nationalistische Bharatiya Janata Partij (BJP), was bij de landelijke verkiezingen als grootste uit de bus gekomen. Vajpayee vormde een kabinet, presenteerde zijn ploeg in het parlement en verloor prompt het vertrouwensvotum. Dit keer, zo meent hij, moet de BJP met haar acht bondgenoten een meerderheid kunnen halen. Het wachten is op de verkiezingsuitslag, begin volgende maand.

Jawaharlal Nehru, de eerste premier van het onafhankelijke India, schijnt ooit voorspeld te hebben dat Vajpayee leider van de grootste democratie ter wereld zou worden. In elk geval zal met hem aan het bewind het Zuid-Aziatische land bestuurd worden door een democraat in hart en nieren. Want hoe groot ook de angst van sommigen in binnen- en buitenland voor een BJP-regime van 'fanatieke hindoes', over Vajpayee persoonlijk klinkt doorgaans niets dan politieke lof.

De jonge Atal Behari gaf zijn studie op voor de strijd voor een vrij India. Als lid van de Congrespartij is hij in de jaren veertig door de Britse heersers gevangen gezet. Zo'n tien jaar na de onafhankelijkheid van 1947 werd hij lid van de Jana Sangh, een voorloper van de BJP. Vajpayee was toen al geruime tijd lid van de RSS, het Nationaal Vrijwilligerskorps, een kaderorganisatie die nog altijd een grote rol achter de schermen van de hindoe-politiek speelt. De banden met de RSS, volgens sommigen een extremistische club die verantwoordelijk is voor de moord op Mahatma Gandhi, heeft hij nooit verloochend.

In 1957 maakte hij zijn debuut in de Lok Sabha, het Indiase parlement. De vrijgezel Vajpayee ontpopte zich als een charmant maar geducht spreker, een man die eeuwenoude verzen wist te citeren om de gebreken van het tijdsgewricht bloot te leggen. Hij kan het nog steeds. Als hij spreekt over het 'uur van crisis' waarin India heet te verkeren, dan refereert hij aan de huidige politieke malaise door woorden te gebruiken die rechtstreeks afkomstig zijn uit de Bhagavad Gita, het religieuze traktaat waarin de god Krishna de twijfelende krijger Arjuna aanzet tot een rechtvaardige strijd.

Hij heet een romanticus, een politicus tegen wil en dank, een einzelgünger te zijn. Maar velen hebben hem ook leren kennen als een pragmaticus, een sluwe vos bovendien, die de verschillende stromingen binnen zijn partij bijeenhoudt op de gulden middenweg en ondertussen ook het vertrouwen van niet-BJP kiezers weet te winnen. “Ik zal bij alle onderwerpen die voor het land van groot belang zijn naar consensus toewerken”, zei hij onlangs. Daaraan zal Vajpayee de handen meer dan vol hebben.

Persoonlijk lijkt hij ertoe in staat. Aan het einde van de jaren zeventig was hij korte tijd minister van buitenlandse zaken voor de toenmalige Janata-regering. Vajpayee, de vertegenwoordiger van een Hindutva-partij, oftewel van het 'cultureel nationalisme' van de hindoe-meerderheid in India, begon zijn ambtsperiode met het aanhalen van de banden met moslimlanden. De relatie met het buurland en aartsvijand Pakistan leek op te bloeien, al was het slechts omdat Vajpayee zijn Pakistaanse collega besprenkelde met verzen in het Urdu, de moslimtaal die ook een taal van India is.

Menig partijgenoot van hem kent echter een veel minder poetische en milde inborst. De voorzitter van de BJP bijvoorbeeld, L. K. Advani, vertegenwoordigt de radicalere vleugel van de partij. Het is zelfs niet helemaal uitgesloten dat hij en niet Vajpayee voor het premierschap naar voren zal worden geschoven, hoezeer Advani dit ook tegenspreekt. Ook los hiervan zal Vajpayee moeite hebben met de boodschap van BJP'ers die Indiase moslims menen te moeten 'zuiveren' en die ervoor kiezen openlijk over de nucleaire drempel te gaan en een kernbom te maken.

Vajpayee zelf richt zich in zijn campagne liever op onschuldiger onderwerpen als gezondheidszorg, onderwijs, gelijke behandeling van man en vrouw, het gevecht tegen de corruptie, en ontwikkeling van de gebrekkige infrastructuur. De BJP is de partij van de economische cultuur van 'swadeshi', wat letterlijk 'van het eigen land' betekent. Dat wil niet zeggen dat buitenlandse investeerders de deur zal worden gewezen. Wel heeft India, in de woorden van Advani, “computerchips en geen aardappelchips” nodig.

In 1984 haalde de BJP slechts twee parlementszetels. Twee jaar terug kwam de partij als grootste uit de bus, een succes dat waarschijnlijk dit keer herhaald zal worden, al lijkt een absolute meerderheid niet in het verschiet. De sterke groei van de BJP komt voor een groot deel voor rekening van de populariteit van Vajpayee. “Soms, als ik alleen ben, voel ik hoe ik in het duister tast”, dichtte hij ooit. Maar zet hem voor een publiek en de redenaar in hem, de man met humor die de volkssentimenten kent, krijgt onmiddellijk de overhand.

In haar verkiezingsprogramma vraagt de BJP tien jaar om in India te bereiken “wat anderen in vijftig jaar niet is gelukt”. Maar juist een partij die zich als geen andere laat inspireren door de aloude culturele en religieuze tradities van het land weet dat 'Moeder India' in zo'n korte tijd nauwelijks te veranderen valt. Niettemin heeft de BJP veel steun bij de Indiase stedelijke middenklasse. Het is een van de paradoxen van de partij, voor wie de koe letterlijk zeer heilig is, maar die zich tegelijkertijd weet te profileren als een Indiase variant op een rechtsliberale VVD.

In het 'raadsel' Vajpayee komen dergelijke paradoxen samen. De man die meent dat zijn tijd gekomen is om het land van bijna een miljard mensen te leiden, is ook de man die een eenzame wandeling met zijn hond verkiest. “Jaayen to jayeen kahan”, luidt een van zijn regels: “Waarheen moet ik gaan?” Wellicht moet binnenkort de twijfelaar Vajpayee plaatsmaken voor de overtuigde politicus. Opiniepeilingen wijzen hem al geruime tijd aan als de favorietste premier. Hij grijnst. En hij wil.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden