Aspirientje tegen kanker

Wie elke dag een aspirientje slikt, heeft 20 tot 30 procent minder kans op kanker. Toch hoeven we voorlopig niet massaal aan de aspirine. „Voor zulk langdurig en preventief gebruik moet een middel volkomen veilig zijn.”

Een bescheiden dosis aspirine, jaren achtereen geslikt, verlaagt de kans op allerlei soorten kanker flink. Het risico daalt met 20 tot 30 procent. Met deze ontdekking komt het oude vertrouwde aspirientje in beeld als preventief middel tegen kanker, schrijven Britse onderzoekers deze week in het vakblad The Lancet.

In Nederland slikken volgens de Stichting Farmaceutische Kengetallen 1,7 miljoen mensen langdurig aspirine (of het chemisch vrijwel identieke Ascal) om hun hart en vaten te beschermen. Het voordeel van de antitumorwerking pikken zij gratis mee. Een kinderdosis aspirine, die 75 tot 100 milligram werkzame stof bevat, blijkt al voldoende. Dat is dezelfde dosis die mensen krijgen voor hun hart en vaten. Een pijnstiller voor volwassenen bevat 500 milligram, maar die zwaardere vorm van aspirine onderdrukt de kanker volgens de Britten niet sterker dan een kinderpilletje.

De deskundigen bestudeerden acht oude onderzoeken waarin mensen minstens vier jaar lang aspirine hadden geslikt ter voorkoming van hart- en vaatziekten. In de studies, vaak al tientallen jaren geleden afgerond, was ook geregistreerd hoeveel mensen aan kanker waren overleden. Die gegevens waren alleen nog nooit uitvoerig geanalyseerd.

Aanwijzingen voor het preventieve nut van aspirine tegen kanker bestonden al langer, maar echt bewijs was tot nu toe schaars. Een van de Britse onderzoekers had de afgelopen jaren al wel laten zien dat het middel de mens enigszins beschermt tegen maag- en darmkanker. Bij andere soorten kanker spraken de resultaten elkaar tegen.

Toen de wetenschappers de acht relatief kleine studies naplozen, leek het er aanvankelijk niet op dat aspirine een rem zette op het ontstaan van kanker. Misschien deed het middel wel iets, maar dat voordeel was te zwak om statistisch te worden opgemerkt.

Daarom veegden de onderzoekers de patiënten uit alle studies bijeen tot één grote dataset met ruim 25 duizend personen; 660 van hen waren tijdens de studies aan kanker overleden. In zo’n omvangrijke groep worden kleine effecten vaak alsnog zichtbaar. Zo kwam de antikankerwerking overtuigend naar voren.

Aspirine verlaagde het aantal tumoren in verschillende organen, vooral de slokdarm, alvleesklier, longen, maag, darm, prostaat en hersenen. Tegen kanker in het bloed en de nieren deed het pilletje niets. Omdat er weinig vrouwen aan de studies hadden meegedaan, kunnen de Britten nog geen uitspraak doen over bijvoorbeeld borst- en baarmoederhalskanker.

De hamvraag luidt nu: moeten mensen massaal aspirine gaan slikken ter voorkoming van kanker? Hoofdonderzoeker Peter Rothwell (46) van de Oxford universiteit doet het zelf wel, sinds twee jaar, erkende hij tegenover de BBC. Toch raadt hij niet iedereen aan om zijn voorbeeld te volgen. Aan aspirine kleeft namelijk een belangrijk nadeel: het verhoogt de kans op bloedingen in maag en darm. Zulke bloedingen zijn verantwoordelijk voor veel ziekenhuisopnames. Sommige mensen overlijden er zelfs aan.

Maar bij een kinderdosis aspirine valt de schade mee, relativeert Rothwell. Grote inwendige bloedingen treden jaarlijks sowieso op bij een op de duizend mensen; een kleine dosis aspirine zou dat lage basisrisico slechts verdubbelen. Bij mensen boven de 75 jaar wordt het een ander verhaal; bij hen neemt het bloedingsgevaar snel toe. Ouderen kunnen daarom beter niet aan aspirine beginnen, zegt Rothwell. Maar wat hem betreft kunnen mensen van 45 tot 70, in overleg met hun arts, zeker overwegen om preventief te gaan slikken.

Dick Richel, hoogleraar kankergeneeskunde in het AMC in Amsterdam, vindt de studie ’heel interessant en veelbelovend’. Toch waarschuwt hij voor overhaaste beslissingen. „Aspirine is geen onschuldig middel. Sterker nog: als het anno 2010 was uitgevonden, zou het vanwege de strenge veiligheidseisen misschien niet eens zijn toegelaten.”

Het middel remt de bloedstolling en tast het maagslijmvlies aan. Die combinatie verklaart waarom er ernstige maagzweren en -bloedingen kunnen optreden. Wie al een andere bloedverdunner slikt, loopt met aspirine erbij helemaal grote kans op fikse bloedingen.

Uit het Britse onderzoek blijkt overigens dat mensen het middel minimaal vijf jaar moeten slikken om hun kans op kanker te verlagen. Hoe langer je het neemt, hoe beter de bescherming.

„Zeker voor zulk langdurig en preventief gebruik moet een middel volkomen veilig zijn”, benadrukt Richel. „Het lijkt me daarom niet geschikt voor iedereen van middelbare leeftijd, maar misschien wel voor risicogroepen met een verhoogde kans op kanker. En dan nog: het effect van een gezonde leefstijl en vooral stoppen met roken is vele malen groter.”

Anton Berns, wetenschappelijk directeur van het Nederlands Kanker Instituut in Amsterdam, pleit eveneens voor voorzichtigheid. „Tegelijkertijd vind ik het gunstige effect indrukwekkend. Vooral bij een ziekte als slokdarmkanker, waar de genezingskansen nog steeds beroerd zijn: preventie zet dan zeker zoden aan de dijk. Bovendien verlaagde het dagelijks slikken van aspirine, vijf tot tien jaar lang, de totale sterfte met 10 procent. In dat getal zijn de extra doden als gevolg van bloedingen al verrekend. Het zou goed zijn als de Gezondheidsraad hier eens zorgvuldig naar kijkt en een advies opstelt over de vraag hoe we hier verstandig mee kunnen omgaan.”

De onderzoekers weten nog niet precies waar het kankerremmende effect van aspirine door wordt veroorzaakt. Ze wijzen erop dat het middel het enzym Cox-2 remt. Dit enzym bevordert de groei van weefsel, verhindert de dood van genetisch beschadigde cellen en stimuleert de ontwikkeling van nieuwe bloedvaatjes. Al die processen zijn gunstig voor een beginnende kankercel. Dus als aspirine ze remt, krijgt zo’n cel waarschijnlijk minder snel voet aan de grond.

Het gunstige effect kan ook zitten in het feit dat aspirine ontstekingen dempt. „Het wordt steeds duidelijker dat ontstekingen de groei van tumoren kunnen stimuleren”, zegt Berns. „Ontstekingscellen geven allerlei stoffen af die de celgroei bevorderen. Ze vergroten bovendien de doorbloeding. Als een tumor veel ontstekingscellen bevat, betekent dat vaak een slechtere prognose voor de patiënt.” Een rem op ontstekingen, via aspirine, kan dus ook een rem op kanker zijn.

Hoe aspirine het ook doet, de bescherming houdt jaren aan. Dat bleek toen de Britten de proefpersonen uit de afgeronde studies twintig jaar na dato opnieuw benaderden. In de tussentijd waren veel mensen aan kanker overleden. Onder degenen die tijdens de proef aspirine hadden geslikt lag de sterfte aan kanker nog altijd 20 procent lager dan onder degenen die een nepmiddel hadden gekregen.

De onderzoekers vermoeden dat het beschermende effect van aspirine in werkelijkheid nog veel groter is dan nu gevonden. Want de mensen in de oude studies slikten de pillen maar een beperkt aantal jaar en veel van hen stopten er voortijdig mee. Wie 25 jaar elke dag braaf zijn aspirientje slikt, zou zijn risico dus wel eens veel sterker omlaag kunnen brengen. En dat tikt aan in de ontwikkelde wereld, waar vier op de tien mensen kanker krijgen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden