Asbest het dak af, en dan zonnepanelen erop

Oude boerenschuren en fabrieken zijn massaal bedekt met asbestdaken. In Overijssel en Gelderland worden ondernemers verleid ze te vervangen door zonnepanelen. Een lastige klus.

Eindelijk is het dak van machinefabriek Schuitemaker in Rijssen asbestvrij. De directeuren Jeroen Tuik en Rik Bakker lopen door de fabriekshallen vol landbouwmachines en zoutstrooiers. Maar hun ogen zijn vandaag naar boven gericht: op het asbestvrije dak. De zonnepanelen zijn nog onderweg, vertellen ze.

Op het provinciehuis in Zwolle zijn ze in hun nopjes met bedrijven als Schuitemaker. Op Overijsselse boerderijen en fabrieken liggen miljoenen vierkante meters asbestdaken, vooral op boerenschuren. Toepassing van asbest is sinds 1993 verboden in Nederland, omdat vrijkomende asbestvezeltjes kankerverwekkend zijn. Overijssel en Gelderland, waar ooit asbestfabrieken stonden, maken nu haast met asbestsanering.

Het inruilen van oude asbestdaken voor zonnepanelen is in beide provincies een manier om ondernemers te verleiden om een nieuw dak te nemen. De provincie Overijssel en landbouworganisatie LTO Noord wisten vorig jaar 115 boeren te verleiden met het project 'Asbest van het dak, zonnepanelen erop'. Maar tijdens het project bleek ook dat de zonnepaneelactie voor lang niet alle agrariërs aantrekkelijk was.

Asbest eraf, zonnepanelen erop: het klinkt eenvoudig. In 1999 experimenteerde Noord-Brabant al eens met zo'n programma, Maar ook de provinciale milieuambtenaren van Overijssel weten inmiddels dat zo'n ommezwaai niet zo eenvoudig is. De wensen, verantwoordelijkheden, financiële mogelijkheden en belangen van overheid en ondernemers lopen nogal uiteen. Maar in Rijssen lukte het: vier bedrijven, waaronder Schuitemaker, vervingen hun asbestdaken voor duurzame exemplaren. "Rijssen is in één keer een derde van zijn asbestdaken kwijt", vertelt directeur Tuik.

Twee branden in Twente waarbij veel asbest vrijkwam, vormden de aanleiding van het project in de Overijsselse gemeente. In 2006 reageerden Rijssense ondernemers ontstemd toen ze na een bedrijfsbrand wekenlang niet naar hun eigen bedrijf mochten vanwege neergedwarrelde asbestdeeltjes. Die brand was voor Schuitemaker en drie andere firma's een eyeopener. Ineens doorzagen ze dat (het afbranden van) een asbestdak grote maatschappelijke en financiële gevolgen kan hebben.

Via de bedrijvenkring ontstond overleg met de gemeente Rijssen-Holten en de provincie over een proefproject om asbestdaken te vervangen door duurzame exemplaren. Ook de Kamer van Koophandel en VNO-NCW dachten mee. Studenten van de hogeschool Saxion ontwikkelden een rekenmodel waarmee ondernemers kunnen vaststellen of de ruil 'zonnepanelen voor asbest' financieel haalbaar is. Wat bleek: standaardregelingen stimuleren amper.

"Met ons dak verdienen we geen geld", legt Bakker uit. Waarom investeren in een gebouw als je daardoor andere zaken moet laten liggen in de bedrijfsvoering? Bij Schuitemaker gaf een mix aan argumenten uiteindelijk de doorslag om wel een nieuw dak aan te schaffen, vertelt Tuik: minder maatschappelijke risico's voor Rijssen, een beter werkklimaat voor de werknemers, een lager tarief bij verzekeraars, voldoen aan nieuwe regels voor afvoer van lasrook en, ten slotte, lagere energiekosten door isolatie en zonne-energie.

Het belangrijkste probleem is de terugverdientijd van een duurzaam dak, zeggen Tuik en Bakker. Een boer verdient een dak vol zonnepanelen sneller terug dan een bedrijf als Schuitemaker, een energiegrootverbruiker die gewend is aan een laag energietarief. Voor Schuitemaker duurt het ruim vijftien jaar voordat de investering eruit is, heeft Bakker berekend.

Voor de provincies Overijssel en Gelderland is het van belang dat meer boeren en bedrijven het Rijssense voorbeeld volgen. Asbest vormt een groot risico voor de volksgezondheid. Door brand of verwering kunnen asbestdeeltjes loskomen - en door bewoners worden ingeademd.

Overijssel steekt 1 miljoen euro in het saneren van asbestdaken op bedrijventerreinen. Gelderland opende deze zomer een zonnepanelen-voor-asbestregeling voor boeren. Gelderland en de EU steken er elk 900.000 euro in.

In Overijssel is Rob van Arkel programmaleider Gezond en Veilig Leefmilieu. Namens het provinciebestuur moet hij ervoor zorgen dat het aantal asbestdaken bij bedrijven (exclusief landbouw) eind 2015 met 40 procent is verminderd en eind 2018 met 80 procent. Een ambitieuze doelstelling, maar zelfs in deze tijden van crisis ziet Van Arkel mogelijkheden.

"De bouw heeft het nu moeilijk", zegt Van Arkel. "Waarom wachten op een asbestverbod dat in 2024 ingaat? Het is beter de daken nu aan te pakken. Dat biedt kansen voor werkgelegenheid."

Volgens Van Arkel moeten zonnepanelen niet gezien worden als een doel, maar als een middel voor boeren en bedrijven om hun business case rond te krijgen. Alleen nobele intenties trekken de meeste ondernemers niet over de streep. Maar alleen een pot met geld doet dat ook niet. "Je neemt zo'n besluit niet op basis van een zonnepanelensubsidie", zegt Tuik. "Het kan wel een laatste zetje zijn. Dat hadden wij niet nodig. De subsidie was voor ons de slagroom op de taart."

Tuik vermoedt wel dat subsidies meer ondernemers over de streep trekken om hun daken te verduurzamen. Maar de overheid zou ondernemers ook op andere manieren kunnen verleiden: gemeenten zouden bedrijven tijdelijk kunnen vrijwaren van lokale belastingverhogingen. Ze zouden tegemoet kunnen komen aan speciale bedrijfswensen. Uiteindelijk maakt elke ondernemer die overweegt zijn dak te vervangen een kosten-batenanalyse: die moet gunstig uitvallen, anders gebeurt er niks.

Daar zit de flessenhals, volgens Van Arkel. "Eigenaren zien het vervangen van een asbestdak als een kostenpost, terwijl de baten van de sanering elders neerslaan. Bijvoorbeeld bij de gemeenten die minder risico's lopen als asbestdaken verwijderd zijn. Of bij verzekeraars."

Het experimenteren met regelingen gaat in Oost-Nederland door. Verleidingsmodellen moeten het worden. Want één ding is duidelijk: er ligt meer asbest op bedrijfsdaken dan de subsidiepotjes aankunnen.

Landelijk beleid in aantocht
Nederland telt circa 130 miljoen vierkante meter asbesthoudende daken, stelt het Rijk. Demissionair staatssecretaris Joop Atsma (CDA) wil ze allemaal laten vervangen. Omdat 75 procent van deze daken zich bevindt in de agrarische sector, sluit hij op verzoek van deze sector en de Tweede Kamer met landbouworganisatie LTO Nederland een zogeheten Green Deal. Met Aedes, de koepel van de woningbouwcorporaties, spreekt Atsma over de sanering van asbestdaken op huurwoningen.

Atsma overweegt het principe 'zonnepanelen voor asbestdaken' landelijk in te voeren om de sanering te versnellen. Anders zou het nog tot 2044 duren voordat alle asbestdaken in Nederland verwijderd zijn. Het besef dat vrijkomende asbestvezels zeer gevaarlijk zijn voor de gezondheid is er. Maar de saneringskosten stellen de overheid en de eigenaren van asbesthoudende daken voor grote problemen. Momenteel broedt Atsma op mogelijke financiële regelingen.

Zijn beloofde maatschappelijke kosten-batenanalyse laat nog op zich wachten. De overheid wil niet voor alle kosten opdraaien en boeren, woningcorporaties en fabriekseigenaren evenmin. Een voortijdige vervanging van deze daken, nog voordat ze zijn afgeschreven, drijft de bedrijfskosten op. Atsma weet niet of er genoeg gecertificeerde bedrijven zijn om jaarlijks miljoenen vierkante meters asbestdaken te verwijderen.

Op verzoek van LTO Nederland ontwikkelt het Rijk een handleiding voor agrariërs die asbestdaken willen inruilen voor zonnepanelen. Daarin wordt ingegaan op het woud aan fiscale mogelijkheden. Met de handleiding kunnen ze vaststellen of vernieuwing van hun asbestdak financieel haalbaar is.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden