Artistiekeling of manager aan het roer

Hoe moeten de kunstmusea in de 21ste eeuw worden bestuurd? Genieten artistiekelingen de voorkeur? Bevlogen mensen als Rudi Fuchs en Chris Dercon. Of zijn juist managers pur sang nodig? Mensen die niet noodzakelijkerwijs een kunsthistorische achtergrond hoeven te hebben, types als Wim van Krimpen van het Gemeentemuseum Den Haag en Kees van Twist van het Groninger Museum.

In de kunstwereld wordt druk gespeculeerd over potentiële kandidaten, nu twee belangrijke directeursposten binnenkort vrijkomen. Dercon verlaat op 1 juni 2003 Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. Hij wordt artistiek leider van het Haus der Kunst in München. Rudi Fuchs vertrekt eind deze maand als directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Hij gaat kunstcolleges geven. De namen van hun mogelijke opvolgers rollen inmiddels over straat, waarbij steevast die van Sjarel Ex van het Centraal Museum in Utrecht opduikt voor de vacature in Boijmans. Maar ook voor het Stedelijk wordt hij getipt. Generalist Ex zou hoge ogen gooien vanwege zijn veelzijdigheid: hij kan mensen motiveren, is goed in het werven van sponsors, durft moeilijke beslissingen te nemen en heeft ook nog een design-achtergrond.

Ook Wim Pijbes van de Kunsthal en Kees van Twist van het Groninger Museum worden genoemd, evenals Stevijn van Heusden, zakelijk directeur van het Stedelijk, die net als Fuchs zijn vertrek heeft aangekondigd en opnieuw een gooi zou willen doen naar Boijmans. Eerder was hij daar bijna benoemd tot directeur, maar de toenmalige burgemeester Peper van Rotterdam wierp een blokkade op. Peper wilde geen ambtenaar en Van Heusden was indertijd werkzaam op een departement. Dercon, die veel lager op de kandidatenlijst stond dan Van Heusden, kreeg de voorkeur van Peper. Van Heusden heeft een design-opleiding en dat zou in zijn voordeel kunnen zijn, omdat bij Boijmans na de woelige jaren met Dercon behoefte bestaat aan een figuur als oud-directeur Wim Crouwel, die ook uit de design-wereld kwam.

Opvallende naam in het geruchtencircuit is verder die van de Française Cathérine David, directeur van het kunstcentrum Witte de With in Rotterdam, waar Chris Dercon de scepter zwaaide voor zijn benoeming in Boijmans. Vooral het feit dat ze een vrouw is, zou in haar voordeel kunnen werken, menen sommigen. Anderen menen dat ze geen schijn van kans maakt, omdat ze te veel op Dercon lijkt. Ook in het Amsterdamse schijnt een lobby gaande te zijn voor een vrouw met als meest pikante kandidate de kunstcritica Anna Tilroe.

De 'poppetjes' domineren in de geruchtenmolen, maar veel interessanter is natuurlijk de vraag of Boijmans en het Stedelijk kiezen voor een artistiek of een zakelijk zwaargewicht. Tot voor een aantal jaren stelden rijksoverheid en gemeentebesturen het liefst een kunsthistoricus-van-naam aan, wiens naam het visitekaartje van het museum moest worden. Henk van Os w s het Rijksmuseum, net zoals Rudi Fuchs synoniem was voor het Stedelijk Museum, en Frans Haks vereenzelvigd werd met het Groninger Museum. Maar de laatste jaren krijgen artistieke directeuren steeds vaker een manager naast zich. Fuchs had Stevijn van Heusden naast zich als zakelijk directeur. Dercon kreeg na fikse ruzies met zijn hoofdconservatoren, die hem openlijk een 'chaoot' noemden, eveneens een manager aan zijn zijde: Hugo Bongers.

Het succes van de niet-kunsthistoricus Wim van Krimpen met de Kunsthal in Rotterdam, die nu met dezelfde voortvarendheid het Haags Gemeentemuseum leidt en ook nog in recordtempo heeft verbouwd en uitgebreid met een Fotomuseum en Museum voor Moderne Kunst, lijkt het tij definitief te hebben gekeerd ten gunste van de museumdirecteur mét managementkwaliteiten. ,,Een paar jaar geleden zagen we dat al aankomen'', zegt directeur Annemarie Vels Hein van de Nederlandse Museumvereniging. Formeel heeft de vereniging geen bemoeienis met de benoeming van museumdirecteuren. Als het om gemeentelijke musea gaat, ligt die bevoegdheid bij het college van B. en W. ,,Maar we hebben onszelf wel afgevraagd of we gelukkig moeten zijn met de komst van managers pur sang aan het hoofd van musea.'' Die vraag werd volgens Vels Hein des te actueler na de benoeming van Kees van Twist (afkomstig van de Avro) tot directeur van het Groninger Museum en de overstap van Ruvert Ophorst van kantoorinrichter Ahrend naar het Cobra Museum.

De tijd dat een museum goed geleid kan worden door een kunsthistoricus zonder enige ervaring op het gebied van management, is volgens Vels Hein geweest. ,,Daarvoor komt er tegenwoordig te veel op de musea af. Maar een ex-manager van een snoepjesfabriek als museumdirecteur lijkt ons ook geen goed alternatief.'' Om toch enigszins sturing te kunnen geven in dit overgangsproces, ontwikkelt de museumvereniging met het instituut Nijenrode momenteel een leergang museummanagement. De doelgroep bestaat volgens Vels Hein uit mensen met een culturele bagage die een leidende functie ambiëren en daarvoor ook de kwaliteiten hebben. ,,We richten ons op het aanstormend talent en niet zozeer op vastgelopen museumdirecteuren.'' Met deze opleiding bekent de museumvereniging duidelijk kleur. Vels Hein: ,,Inderdaad, wij prefereren een combinatie van artistieke en zakelijke kwaliteiten, bij voorkeur van eigen kweek.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden