Armoede wordt het gevaarlijkste knelpunt/'Leer de Afrikanen om zichzelf te helpen'

AMSTERDAM - De Russische boer Boris is stikjaloers op zijn buurman Ivan, want die heeft een geit. Op een dag verschijnt een goede fee aan Boris, die hem zegt dat hij één wens mag doen. En Boris wenst dat de geit van Ivan dood zal gaan.

Het grapje van de econoom David Landes (70) in zijn boek 'Arm en rijk', is niet zozeer bedoeld om aan te tonen dat Boris een domme boer is. Landes wil ermee zeggen dat Russen anders dan Europeanen hebben geleerd te denken over onderwerpen als eigendom, handel, economische groei. Boris wenst niet dat hij óók een geit krijgt, Boris ziet liever dat iedereen even arm is.

David Landes, emiritus hoogleraar geschiedenis en economie aan de Harvard universiteit en deze week op werkbezoek in Nederland, hanteert in zijn indrukwekkende boek wel vaker een zwierige pen. Zoals wanneer hij de wereld onderverdeelt in drie soorten landen: landen waar de mensen veel geld uitgeven om niet aan te komen, landen waar de mensen eten om te leven en landen waar de mensen niet weten hoe ze aan hun volgende maaltijd komen.

Hij noemt de tegenstelling arm-rijk (liever nog deelt hij de wereld in als West tegenover de Rest) het “grootste en gevaarlijkste knelpunt dat de wereld in het derde millennium te wachten staat”. Landes schrijft dat het in ons eigen belang is dat we de arme landen gezonder en welvarender maken. Anders komen de armen de welvaart zelf ophalen.

Door diep de wereldgeschiedenis in te duiken (hij is per slot van rekening behalve econoom ook historicus), zoekt Landes een oplossing. Of, zoals hij het liever zelf bescheiden zegt: “een bijdrage te leveren aan het antwoord op de vraag hoe wij ons welzijn kunnen beschermen”.

Zijn speurtocht door de historie leverde een overduidelijke conclusie op: in een gematigd klimaat kom je tot grotere prestaties dan in een tropisch klimaat, waar bovendien nog allerlei infectieziekten op de loer liggen. Met andere woorden: het kon niet anders dan dat Europa zich tot een rijke wereldmacht zou ontwikkelen terwijl Azië en Afrika, maar ook Boris en Ivan in Rusland wel moesten achterblijven.

Het is een glibberig pad waarop Landes zich begeeft. In het verleden zijn hier diverse historici en economen onderuitgegaan door de geringere activiteit van de mens in de tropen te verwarren met luiheid. Racisme krijgt zo moeiteloos een wetenschappelijke bodem. Maar Landes houdt zich staande, mede doordat hij zijn theorie al tijden loslaat op symposia, congressen en universiteiten. Daardoor weet hij inmiddels welke woorden moeten worden vermeden. Bovendien heeft Landes zich dermate goed gedocumenteerd, dat zijn theorie inmiddels wereldwijd respect afdwingt.

Europa kwam vrij laat tot ontwikkeling, als je het vergelijkt met wat er al gaande was in Egypte en Mesopotamië, doordat eerst de ijzeren hakwerktuigen moesten worden uitgevonden om de bossen weg te kappen en landbouwgrond te creëren. Maar daarna ging het hard. Grotendeels dus door dat uitstekende klimaat, dat mensen aanzet tot activiteit. En terwijl in Azië en het Midden-Oosten alle energie werd gestoken in majestueuze projecten als tempels, paleizen en piramides, stortten de Europeanen zich op de landbouw.

Daarnaast ontwikkelde de Europeaan het begrip 'particulier eigendom', terwijl in andere beschavingen dictaturen ontstonden waarin alles erop gericht was de macht van de heersers te vergroten. Ook in Europa waren er despotische regeringen, maar nooit kregen die de macht van een totalitair regime als in China, onder meer doordat hier telkens nieuwe concurrenten opstonden om de leiding over te nemen. Zo kon het typisch Europese fenomeen van de gemeente ontstaan; woonkernen met een eigen bestuur en waarin alles draaide om de handel.

Alleen in zo'n bedding konden uitvinders opstaan die uiteindelijk een industriële revolutie ontketenden. Waar in China de heersers het volk dwongen ergens land te bebouwen, daar moesten de Europese heersers het juist op een akkoordje zien te gooien met het volk door allerlei vrijstellingen, vrijheden en privileges te verlenen. Daardoor werd hier een uitstekende voedingsbodem geschapen voor economische activiteit, waardoor de Europeanen alle wereldzeeën beheersten en overal koloniën konden stichten. Een beschaving die zelfs de pest kon overleven, ook al maakte vermoedelijk de helft van het aantal inwoners dat niet meer mee.

Met zijn Eurocentrische bril verkende Landes vervolgens de rest van de wereld - en die kon alleen nog maar tegenvallen. Bovendien heeft zijn theorie iets onontkoombaars: moet Afrika zich er maar bij neerleggen dat het nu eenmaal niet het geschikte klimaat heeft voor economische voorspoed? Landes: “Nee. Door menselijk ingrijpen kan er veel veranderen. Het (warme) zuiden van Amerika was veel minder productief dan het noorden. Als de airconditioning er niet was, dan was het zuiden nog achtergebleven gebied. Je kunt niet alles van airconditioning voorzien, maar de meest noodzakelijke plekken wel, ook in Afrika.”

“Het klimaat is natuurlijk maar een deel van het verhaal. De meeste economen houden er niet van klimaat of cultuur mee te nemen in hun analyses, want die kunnen zij niet beheersen. Cijfers wel. Economen willen meten, alles in hun modellen plaatsen.”

Dat doen ze misschien omdat er uitzonderingen op Landes' regel bestaan: waardoor kwamen bijvoorbeeld de Aziatische Tijgers opeens tot bloei, ondanks hun verlammende klimaat? Landes: “Aan die groeicijfers moet je niet zo veel waarde hechten. Bekijk wat daar is gebeurd eens over een periode van vijftig jaar en dan stelt het niet zoveel voor. In die landen speelde veel meer de vooraanstaande positie van de Chinezen. Zij hebben in Thailand, Maleisië, Indonesië en Taiwan de industrie opgebouwd. Zij hielden rekening met de klimatologische omstandigheden, waardoor de werknemers liever naar hun werk gingen dan thuis in de hitte te blijven zitten.”

Armoede is dus geen onafwendbaar noodlot, maar is met menselijk ingrijpen te verhelpen. In eerste instantie, zegt Landes, moet dat door de betreffende landen zelf gebeuren. Een uitgangspunt dat de huidige minister van ontwikkelingssamenwerking, Herfkens, lijkt te omarmen. Zij wil de huidige lijst van zestig landen die Nederlandse hulp ontvangen, inkorten tot twintig. Landes: “Ik heb altijd het gevoel dat het voornaamste doel van noodhulp is dat de donor zich er beter door voelt. De Nederlandse regering doet er goed aan, telkens na te gaan hoe het politieke systeem van het land in elkaar steekt. Daar draait namelijk alles om. Afrika heeft grote problemen, waarvan de politieke situatie een afspiegeling is; zo'n situatie kweekt juist dictators en guerrillaleiders. Afrika gaat van crisis naar crisis. Als je de Afrikanen wilt helpen, dan moet je ze leren hoe zij zichzelf kunnen helpen. Zij moeten leren zelf te produceren, rekening houdend met hun omstandigheden.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden