Review

Arme Poe! Pedofiel, necrofiel én masochist

Welke klassiekers moeten we in de 21ste eeuw nog lezen? Deze maand houdt Willy Wielek vijf klassieke thrillers tegen het licht. Deze week: 'The Fall of the House of Usher' van Edgar Allan Poe.

From childhood's hour I have not been

As others were - I have not seen

As others saw - I could not bring

My passions from a common spring

Arme Edgar Allan Poe! Het gekras van de raaf met zijn 'Nevermore!' in het legendarische gedicht 'The Raven' luidde in 1845 paradoxalerwijze een periode van beroemdheid in voor de schrijver, die nu als een van de onsterfelijken wordt beschouwd, een genie en voorloper van velen. Maar zijn abjecte armoede werd door die roem niet verzacht: zijn kindvrouwtje Virginia, stervende aan de tering, moest zich warm zien te houden met een oude legerjas en de kat. Twee jaar later stierf Poe, veertig jaar oud. Aan delirium? Aan een hartaanval? Aan een hersentumor? Wie zal het zeggen?

Arme Poe! Toen hij twee jaar was verdween zijn vader in het niets en stierf zijn moeder. Hij werd opgenomen in het huis van de koopman John Allan, aan wie hij zijn tweede voornaam ontleende, maar nooit geadopteerd, hetgeen leidde tot wrok en vele bittere brieven. Was Poe in de verkeerde tijd en, vooral, in het verkeerde land geboren? Dat 'enorme barbaarse rijk voorzien van gaslampen', zoals een van zijn grote bewonderaars, de Franse dichter Baudelaire, het noemde? Werd hij door het ongeluk achtervolgd?

Het is waar dat hij werd onderschat. Het is ook waar dat de journalist Griswold, die een soort biografie van hem schreef, zijn nagedachtenis besmeurde door feiten en brieven te vervalsen. En de tijd waarin hij leefde kende geen financieel vangnet: had je geen geld dan moest je lenen of bedelen, dat kwam voor de trotse Poe op hetzelfde neer. Aan de andere kant. . . het is heel vreemd dat hij niet in zijn onderhoud kon voorzien, want hij was een uitstekend jounalist, met een oog voor nieuwigheden die het publiek bekoorden. Maar zodra hij zich ergens, bij een krant of een tijdschrift, enigszins comfortabel had geïnstalleerd, deed hij iets wat zijn positie onmogelijk maakte. Hij schreef een vernietigende recensie over werk van zijn baas, hij verscheen niet op zijn werk of hij verscheen wel in laveloze toestand. Waarbij aangetekend moet worden dat hij al van een glas wijn geheel ongans werd. En dan vertrok hij maar weer naar een andere stad om daar zijn geluk te beproeven met hetzelfde resultaat. Hij leed aan een verregaande vorm van zelfdestructie, masochisme kun je het ook noemen. Als je de psychoanalyse op hem loslaat blijkt hij een wonder van sublimering: hij was in aanleg pedofiel, necrofiel, sadist, masochist en nog een heleboel enge -ismen meer, maar hij praktiseerde die zonden niet. Want weliswaar was zijn Virginia pas dertien jaar oud toen hij haar trouwde (dat mocht toen, al vond men het niet netjes) algemeen wordt aangenomen dat het huwelijk nooit is geconsumeerd.

Arme Poe! Maar wat een oeuvre heeft hij nagelaten! Hij schreef de blauwdrukken van krimi's waarop ontelbaren hebben voortgebouwd. In 'The Murders in the Rue Morgue' was er het geheim van de gesloten kamer; in 'The Purloined Letter' het letterlijk voor de hand liggende dat over het hoofd wordt gezien; in 'The Golden Bug' (een van zijn beste verhalen) de ontcijfering van een code. En dan natuurlijk de griezelverhalen. Wie is er niet schatplichtig aan? 'And much of Madness and more of Sin and horror the Soul of the plot.' In 'The Fall of the House of Usher' komen de meeste lijnen die hij in zijn werk uitzet tezamen: de verlaten ruïne of abdij of kasteel met ontelbare pikdonkere kelderkrochten; een mooie jonge vrouw die aan een onbekende ziekte lijdt en daaraan bezwijkt; ze wordt bijgezet in een tombe of ingemetseld in een muur en herrijst, in dezelfde of een andere gedaante. En dan is er altijd iets verborgens, iets vaags, wat de horror alleen maar vergroot. Is het een zonde? Is het in 'The House of Usher' misschien incest? Het kostte in l839 veel moeite om het verhaal gepubliceerd te krijgen omdat het te 'Germaans' zou zijn. Waarop Poe antwoordde: ,,De terror komt niet uit Duitsland maar uit de ziel.'' In 'The Fall of the House of Usher' is de schrijver niet de afstandelijke verteller, de dader of het slachtoffer, maar een bezoeker. Een oude vriend verzoekt hem dringend naar het oeroude voorvaderlijke kasteel te komen. Al bij aankomst wordt hij door afschuw en depressie bevangen: het kasteel is doods en leeg, de bomen en planten in de omgeving kwijnen weg. Hij vindt zijn vriend in een toestand van nerveuze opwinding, die zijn oorsprong vindt in mentale uitputting. Zoals zoveel figuren van Poe heeft deze Roderick Usher de grenzen van de ziel verkend, gepoogd een hoger bewustzijnsniveau te bereiken om uiteindelijk tot zielenrust te komen - pogingen die maar al te vaak utopieën blijken en in krankzinnigheid eindigen. De tweelingzuster van Roderick, met wie hij in zielsverwantschap en misschien meer dan dat leeft, is dodelijk ziek. De bezoeker ziet haar maar één keer: dan sterft zij. Zij wordt ingemetseld in een crypte, maar weken later, als hij zijn vriend een verhaal voorleest om zijn zenuwen tot rust te brengen terwijl buiten de elementen woeden, wordt er tegen een muur gebonsd als de held van het verhaal dat ook doet en valt de muur als de held hem intrapt. En daar verschijnt de dode zuster, bebloed en wel. Ze stort ter aarde, neemt Roderick in haar val mee. . . en dat is het einde van het huis en het geslacht Usher. Ik heb het verhaal gelezen toen ik nog erg jong was en ik herinnerde mij vaag de plot. Maar veel scherper stond mij het tempeest voor de geest: een storm bij heldere hemel onder een bloedrode maan. Dat is de doorzichtige stof waaruit horror wordt geweven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden