Arm besteelt arm: toch gek dat je daar zo weinig over hoort

Beeld ANP XTRA

Schattig initiatief: sinds maandag kun je op de site politie.nl opzoeken hoe vaak er wordt ingebroken in je wijk. Je tikt je postcode in, en hopla, daar verschijnt een aanklikbaar plattegrondje met cijfers van recente inbraken. "Burgers", aldus nationaal korpschef Gerard Bouman, "krijgen zo een realistisch en actueel beeld, waardoor ze alerter worden en meer voorzorgsmaatregelen nemen."

Nu geldt je druk maken over kleine criminaliteit geloof ik als heel onsexy. Dat mogen alleen domrechtse lezers van een zeker ochtendblad doen. Ik heb dat nooit zo goed begrepen. Een inbraak is geen pretje voor wie het overkomt. Bovendien neemt het verschijnsel toe. Volgens de jongste CBS-gegevens lag het aantal woninginbraken vorig jaar 32 procent hoger dan in 2005 (terwijl de geregistreerde criminaliteit als geheel juist afnam).

De aanklikbare plattegrondjes die de politie nu in de strijd gooit zijn niet alleen maar aandoenlijk. Ze openbaren ook een nogal pijnlijke kloof. In één oogopslag zie je plotseling wie de voornaamste slachtoffers zijn van dit soort criminaliteit - zeker in een grote stad als Amsterdam. De inbraakcijfers zijn er relatief hoog in krachtwijken als Bos en Lommer en Osdorp, en relatief laag in de zogeheten nette buurten.

Onuitstaanbaar, natuurlijk. Welstandige burgers zijn immers doorgaans prima verzekerd, of kunnen hun spullen moeiteloos vervangen. Bij onbemiddelde burgers is dat minder vanzelfsprekend. Zo bezien treft een inbraak hen dus veel harder.

En nog een gedachte dringt zich op. De doorsnee-inbreker komt vermoedelijk óók uit zo'n wijk. Het lijkt me althans niet heel waarschijnlijk dat hij een pand bewoont aan de Keizersgracht of in het Museumkwartier. Dus benadeelt hij vooral lieden die het evenmin erg getroffen hebben in dit ondermaanse.

Arm besteelt arm. Toch merkwaardig dat je daar zo weinig over hoort.

Correctie: een kleine speurtocht leert dat wetenschappers het fenomeen wel degelijk hebben beschreven - zij het in omfloerste bewoordingen. Zo noemt een recente studie van de Politieacademie het aannemelijk "dat een deel van de inbrekers ervoor kiest in zijn vertrouwde, nabije omgeving in te breken". En: "Men veronderstelt dat er een verband is tussen de afstand van de woning van de dader en het toekomstige object. Hoe kleiner deze afstand, hoe groter de kans dat er ingebroken wordt." Maar hard, empirisch bewijs ontbreekt. Onderzoekers blijken verbluffend weinig te weten over de modale inbreker, laat staan over diens zieleroerselen - om de simpele reden dat hij zelden wordt gepakt.

Want officieel mogen woninginbraken gelden als 'high impact delicten' die derhalve veel aandacht verdienen, dat zou je niet zeggen als je kijkt naar het 'ophelderingspercentage'. Dat schommelt in Nederland al jaren rond een schamele 8 procent. Volgens voornoemde studie is dat, vergeleken met de ons omringende landen, opmerkelijk laag. Belangrijkste reden: de politie zou over te weinig 'capaciteit' beschikken om ijveriger aan het speuren te slaan.

Dat wij zelve alerter dienen te zijn en meer voorzorgsmaatregelen moeten nemen - ik geloof het graag. Maar dat kleine criminelen vrijwel ongestoord hun gang kunnen gaan, lijkt me het echte probleem. Waarvoor niet kleinburgers zoals u en ik, maar uitgerekend de krachtwijkbewoners de prijs betalen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden