Ariël Sjaron en de joodse diaspora

De oproep van Sjaron aan de Franse joden om 'zo spoedig mogelijk' naar Israël te verhuizen, is in Frankrijk slecht ontvangen. De regering voelde zich geschoffeerd door Sjarons uitspraak dat er in Frankrijk van een 'losgeslagen antisemitisme' sprake is waartegen opgetreden zou moeten worden. De Franse autoriteiten zijn namelijk al lang diep bezorgd over het groeiende aantal antisemitische incidenten en doen ertegen wat in hun vermogen ligt. Op Israëlische verwijten zitten ze niet te wachten.

J.A.A.van Doorn

Voormannen van het Franse jodendom waren evenmin gecharmeerd. Wij zijn Franse burgers, was het commentaar, die joods zijn zoals anderen een andere godsdienst belijden, maar dat neemt niet weg en dat mág ook niet wegnemen dat we honderd procent Frans zijn en zelfs, zoals een woordvoerder het uitdrukte, 'tot de ziel van dit land behoren'.

Toch is de oproep van Sjaron slechts een herhaling van wat alle Israëlische leiders sinds jaar en dag betogen: dat de joden in de diaspora zich in de Joodse staat dienen te vestigen. Nu door de onveiligheid in Israël de immigratie sterk is teruggelopen, wordt een beroep op de diaspora klemmender.

Immigratie is voor Israël altijd van levensbelang geweest. Een eeuw geleden woonden er in het gebied dat nu Israël heet, slechts enkele tienduizenden joden. Voor het stichten van een levensvatbare joodse staat was dus massale immigratie noodzakelijk. Het probleem was echter een voldoende aantal joden bereid te vinden huis en haard te verlaten en de herculische taak op zich te nemen uit het niets een joods tehuis op te bouwen.

Indien Israël het geheel en al had moeten hebben van idealisten, zou het project zeker zijn mislukt. De bescheiden groepen bevlogen pioniers konden slechts tot een bevolking van miljoenen groeien door de toestroom van joden die zich elders ongewenst voelden of bedreigd werden.

De opeenvolgende immigratiegolven die de joodse gemeenschap in Palestina en nadien de Joodse staat schoksgewijs demografisch deden groeien, zijn dan ook overwegend toe te schrijven aan perioden van oplaaiend anti-semitisme in landen met een grote joodse minderheid.

De eerste golven kwamen al begin van de vorige eeuw uit Oost-Europa waar een latent anti-joods klimaat nu en dan in bloedige pogroms tot ontlading kwam. De vervolging in nazi-Duitsland zette een toestroom van Duitse joden op gang, duidelijk vluchtelingen die zich primair Duitsers voelden, en volgens een bekende anekdote dan ook wel werden begroet met de ironische vraag: 'Kommen Sie aus Deutschland oder kommen sie aus Ãœberzeugung?'.

De stichting van Israël in 1948 leidde tot de immigratie van joden uit Noord-Afrika en het Midden-Oosten, honderdduizenden die van de ene dag op de andere als ongewenste inwoners werden uitgewezen. De laatste grote golf kwam een jaar of tien geleden, toen de grenzen van het Oostblok opengingen en vooral veel joodse Russen, in de Sovjet-Unie nooit als volwaardige burgers beschouwd, de weg naar Israël kozen.

Het klinkt bitter maar het valt niet te ontkennen: zonder antisemitisme, zelfs zonder jodenvervolging was het zionisme een papieren ideaal gebleven. Reeds de grondlegger van de idee van een Joodse staat, Theodor Herzl, was van die waarheid doordrongen. Als Oostenrijks correspondent in Parijs getroffen door het in Frankrijk heersende antisemitisme raakte hij ervan overtuigd dat een joods tehuis weliswaar de oplossing van het 'joodse vraagstuk' zou zijn maar dat het vrijwel onmogelijk was voldoende joden voor dat ideaal te winnen. In zijn dagboek filosofeert hij, met huivering, over het positieve effect dat een pogrom op zijn project zou kunnen hebben.

Wilden de zionisten slagen, dan zouden ze elke kans moeten aangrijpen om joden naar Israël te krijgen. Een uiterste aan realisme legden zionisten aan de dag die in 1933, meteen na de machtsoverdracht aan Hitler, contact zochten met het nazi-bewind om joden met behoud van het grootste deel van hun vermogen naar Palestina te laten emigreren. Ze sloten een pact met de duivel, de Ha'avara-overeenkomst, waarin nazi-Duitsland en vertegenwoordigers van de joodse gemeenschap in het Britse mandaatgebied Palestina de voorwaarden overeenkwamen waaronder Duitse joden zouden kunnen vertrekken.

De overeenkomst was een succes: enkele tienduizenden joden emigreerden onder redelijk goede condities. Maar het was ook een tour de force die bij veel joden diepe weerzin opriep. Begrijpelijk, want met dit contract in de hand kon Duitsland overeenkomstig de nazi-ideologie joden uitwijzen en tegelijk de kritiek van de internationale gemeenschap pareren: het gebeurde in samenwerking met joodse instanties.

Sommige zionisten gingen in hun enthousiasme trouwens wel erg ver. Ze ontzagen zich niet Hitlers streven naar een zuiver-Germaans Duitsland goedkeurend te vergelijken met hun eigen wens om een zuiver-joods nationaal tehuis te stichten. Joseph Goebbels was in ieder geval tevreden: hij liet ter ere van het goede contact met de joodse gemeenschap in Palestina een penning slaan met aan de ene kant een hakenkruis en aan de andere een davidsster.

Wie bereid is onze tijd even cynisch te bekijken, zou de groei van het aantal Europese moslims en hun anti-joodse houding onbedoeld voordelig voor Israël kunnen noemen: de Europese joden wordt met harde hand bijgebracht dat hun plaats in Israël is. Het is deze vertrouwde zionistische logica die Ariël Sjaron tot zijn weinig subtiele oproep heeft gebracht. Het siert de Franse joden dat zij hem doorzagen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden