architectuur

Te zien t/m 21 juli, Nederlands Architectuurinstituut, Museumpark 25, Rotterdam, di t/m za 10 tot 17 uur, zon- en feestdagen 11 tot 17 uur. Catalogus.

De tentoonstelling is bijna een eenpersoons-kruistocht van NAi-medewerker Hans Ibelings. Hij strijdt tegen de onderwaardering van de twee architectuur-decennia die een cruciale rol hebben gespeeld in de wederopbouw van Nederland. De gebouwen uit de jaren vijftig en zestig heten saai te zijn, monotoon en grauw. Ibelings wil met zijn expositie de rijkdom laten zien van de periode.

Hij toont bijvoorbeeld de sublieme manier waarop zowel stedebouwkundig als architectonisch ruimte werd geschapen. De bouwers van toen hadden een goed oog voor de herwonnen persoonlijke vrijheid van hun klanten. Hun ontwerpen kenmerkten zich door een grote openheid. Je kon bij wijze van spreken altijd de horizon zien, waarachter de mogelijkheden voor economische en persoonlijke welvaart voor het grijpen lagen.

De architectuur van de jaren vijftig en zestig borduurde voort op het transparante en lichte modernisme van de Nieuwe Zakelijkheid. Deze architectuurstroming uit de jaren twintig en dertig werd gekenmerkt door grote ramen, veel licht in de gebouwen, een heldere en sobere opzet van de plattegrond en de gevel (het 'doos'-concept) en de afkeur van overbodige details of ornamenten. Waar de Nieuwe Zakelijkheid echter slechts door een kleine groep architecten werd beleden en vrijwel uitsluitend op individuele gebouwen werd toegepast, extrapoleerden de architecten van de jaren vijftig en zestig de mentaliteit naar gebruik op grote schaal. Onder de architecten die het tijdsgewricht mede vorm gaven, zitten illustere namen als H. A. Maaskant, J.J.P. Oud, Gerrit Rietveld, Sybolt van Ravesteyn, Van den Broek en Bakema en Alexander Bodon. Architecten die voor een deel ook vóór de oorlog al actief waren.

Naast de visionaire kijk op ruimte en ruimtelijkheid vraagt Ibelings in zijn tentoonstelling ook aandacht voor de sobere, maar efficiënte detaillering van de gebouwen: een gekleurde perspexplaat onder een raam, een iets excentrisch in het vlak geplaatst balkon, een uitsnede uit een rechthoekig patroon. Het zijn architectonische details die niet nadrukkelijk op de voorgrond treden, maar wel onmisbaar zijn voor de uitstraling van een gebouw.

Door de expositie ga je veel beter kijken naar gebouwen die je tot dan toe vanzelfsprekend voorbij fietste. Genadeloze horizontale en verticale schema's blijken veel genuanceerder dan gedacht. De lyriek van Ibelings wordt ineens voelbaar. Een transparant trappenhuis als een los vlak naast een bandvormig flatgebouw, balkons die een symfonie vormen met het strakke raster van de rest van de gevel, ze beginnen ineens te leven. De architecten waren niet louter mathematica, ze gebruikten de strikt rechthoekige beeldentaal - schuine lijnen zijn zeldzaam, om over ronde maar te zwijgen - als een nuchter en pragmatisch, maar ook poëtisch idioom. De keerzijde van de zonneschijn zien we pas drie decennia later: het verpauperde en vergrauwde uiterlijk, de inmiddels als monotonie ervaren opzet van strak in het gelid staande woonblokken, de zielloosheid van wijken vol deprimerende flats. De open ruimte is een leegte geworden en van een veld vol mogelijkheden werd het een troosteloos vlak. Onderhoud blijkt cruciaal om de glorie van de jaren vijftig en zestig ook glorieus te houden.

De inrichting van de tentoonstelling is zodanig, dat je vertrouwd wordt gemaakt met het optimisme van het tijdsgewricht, terwijl je ook langzaam warm wordt gemaakt voor de mentaliteit van ontwerpen. Prachtige perspectieve tekeningen - de grootse ruimtes kregen vaak al op een A4-tje vorm - en veel foto's stammend uit de periode maken het langzaam gegroeide euforische gevoel verder af. Er is zo'n ingesleten negatief beeld over de architectuur van de jaren vijftig en zestig, dat Ibelings alleen de mooie visionaire kant wilde laten zien. Daar paste de realiteit van vandaag - een wandje met foto's van de huidige staat van de gebouwen bijvoorbeeld - in zijn ogen niet bij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden