'Arabische massa's zijn nu zelf aan zet'

Hoofdredacteur Al-Koeds al-Arabi optimistisch over revoluties

In 1996 krijgt Abdel Bari Atwan, hoofdredacteur van Al-Koeds al-Arabi, een ongebruikelijke uitnodiging: drie dagen mag hij doorbrengen in de grotten van Tora Bora met Osama bin Laden.

Atwan vertrekt vanuit het kantoor van zijn in Londen gestationeerde, pan-Arabische krant in het diepste geheim naar de Afghaanse bergen. Later schrijft hij dat de Spartaanse omstandigheden van zijn logeeradres nog uit te houden waren, maar dat het eten erbarmelijk was.

Enige tijd daarna wordt hij gebeld door een contactpersoon: "Sjeik Bin Laden moest hartelijk lachen om het gedeelte over het slechte avondmaal. Hij belooft dat hij je een volgende keer een feestmaal met gevuld lamsvlees zal voorzetten."

Bin Ladens gastvrijheid brengt de carrière van Atwan in een stroomversnelling. Ontelbare optredens brengen hem van Al-Jazeera tot de BBC en Fox News. Atwans directe bewoordingen en vlammende manier van spreken maken hem geliefd én gehaat. Geboren in een Palestijns vluchtelingenkamp in Gaza, groeide hij uit tot een van de meest gevraagde commentatoren over de ontwikkelingen in het Midden-Oosten.

Hij lijkt gelaten onder alle berichten over Bin Ladens dood. "Hij is nu in handen van zijn God. Laat Hem een oordeel vellen."

Atwan maakt zich meer zorgen om mislukte staten waar Al-Kaida, met of zonder Bin Laden, vrij spel heeft. Hij richt zich liever op de toekomst van de Arabische wereld, waarover hij optimistischer is. "Westerlingen zeggen dat wij barbaren zijn, terroristen? Ha! De Arabische massa's hebben aanvankelijk met louter vreedzame middelen en zelfopoffering gedemonstreerd voor meer vrijheid en democratie. De Amerikanen zeiden hetzelfde te willen, maar gebruikten daarvoor van meet af aan bommen en granaten in Afghanistan en Irak. Met de revoluties van de afgelopen maanden hebben de gewone Arabieren bewezen dat zij vele malen beschaafder zijn dan de gemiddelde westerling."

De ontwikkelingen in de regio kunnen consequenties hebben voor Atwan zelf. Zijn Al-Koeds al-Arabi geldt sinds jaar en dag als een van de weinige onafhankelijke (pan-) Arabische kranten. "Ik kan mijn krant wel opdoeken", lacht hij. "De regimes in het Midden-Oosten vallen, de kritische stemmen zijn eindelijk overal te horen. Wat kunnen wij, als luis in de pels van de Arabische overheden, nog toevoegen?"

Zo'n vaart loopt het echter niet. Egypte zoekt weliswaar voorzichtig toenadering tot Al-Koeds, maar in Tunesië, Syrië, Jemen en Saoedi-Arabië is de krant nog altijd officieel verboden, de website geblokkeerd.

Van de veelgeroemde objectiviteit van de westerse pers is Atwan niet erg onder de indruk. "Het Westen kijkt niet primair naar wat goede journalistiek is. Voor hen is de belangrijkste afweging hoe de Arabische media tegenover het Westen staan. Ten tijde van de Amerikaanse inval in Irak was Al-Jazeera zeer kritisch over de invasie, liet de stem van de Arabische massa's horen en zond de video's van Bin Laden uit. Al-Jazeera heette toen de spreekbuis van terrorisme. Alsof niet elk zichzelf respecterend medium de kans zou aangrijpen om als eerste een boodschap van de meest gezochte man op aarde uit te zenden. Nu wordt Al-Jazeera door Hillary Clinton persoonlijk geprezen, omdat die achter de invasie in Libië staat."

Niet dat de mening van het Westen er veel toe doet. De tijd dat Arabische journalisten met jaloezie keken naar hun kritische, goedbetaalde evenknieën in Europa en Amerika is aan het verdwijnen, meent Atwan. "Al-Jazeera opent over de hele wereld nieuwe kantoren en rekruteert de beste journalisten. Terwijl veel westerse collega's opgesloten zitten in hun luxe hotels, zijn wij degenen die de taal spreken en al deze politiek gevoelige regio's kennen."

Atwan hamert erop dat er maar één woord is dat de gevoelens van de Arabische populaties wereldwijd kan samenvatten: vernedering. "Decennialang worden mensen systematisch gekleineerd door hun eigen regimes die hen geen geld of vrijheden gunnen. Het Westen, met al zijn gepraat over democratie, steunt hen daar schaamteloos in. Nu zijn wij zelf aan zet om onze rechten af te dwingen."

Al-Jazeera wint prestigieuze prijs voor berichtgeving over Midden-Oosten
De Engelstalige afdeling van de Arabische nieuwszender Al-Jazeera is door de Columbia Universiteit van New York onderscheiden met een prestigieuze journalistiekprijs. De prijs wordt toegekend voor uitzonderlijke journalistiek in het publieke belang. Al-Jazeera English kreeg de onderscheiding voor haar berichtgeving over de onrust in het Midden-Oosten. Al-Jazeera heeft volgens de jury de Engelssprekende wereld een dienst bewezen met grondige diepteverslagen over de Arabische opstanden sinds het begin van dit jaar. Het toekennen van de Columbia-prijs is opvallend, gezien de anti-Amerikaanse reputatie van de zender. Ook is Al-Jazeera in grote delen van de Verenigde Staten niet te ontvangen.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden