Reportage

Antillianen in Leeuwarden moeten meer doen dan chillen

De winkel van de kapper Andy Rosaria. Beeld Reyer Boxem

Leeuwarden wil ‘kansloze Antillianen’ ontmoedigen om naar de Friese hoofdstad te komen. Geef ons dan een eigen buurthuis, reageren jonge Antillianen. Volgende maand moet een speciale ‘Antillianenconferentie’ zorgen voor oplossingen.

Muziek klinkt, de pasteitjes liggen klaar in de vitrine. ‘Volgende’, roept Andy Rosaria. Het is zaterdagmorgen tien uur, de kapperszaak in Leeuwarden zit vol. Voor veel Antilliaanse mannen is de gang naar de kapper op zaterdagmorgen vaste prik. De zaak fungeert als ontmoetingspunt voor Antilliaanse Leeuwarders.

Dat zijn er inmiddels 1500, tegen 900 in 2005. Dat komt door geboortes en verhuizing vanaf de Antillen, maar ook doordat Antillianen uit steden als Rotterdam sneller een flatje kunnen krijgen in Leeuwarden.

Overlast

Leeuwarden wil de toenemende instroom van ’kansloze Antillianen’ indammen. Die term staat, ook tussen aanhalingstekens, in de Veiligheidsagenda 2019-2023. Een groep van ruim honderd Antillianen zorgt voor overlast, variërend van lichte criminaliteit tot drugshandel en berovingen. Ze werken vaak niet mee aan scholing die de gemeente aanbiedt. Volgens de Leeuwarder burgemeester Ferd Crone is dat bijna tien procent van de Antillianen. “Toch veel.” Zelf spreekt hij liever van ‘minder kansrijke Antillianen’.

Een verdere toestroom zorgt voor grotere problemen, schrijft de gemeente, ook omdat er onder Antillianen sprake is van ‘hardnekkige sociale problematiek’: tienerzwangerschappen, vroegtijdig schoolverlaten, huiselijk geweld en vuurwapenbezit. Crone wil dat de politie scherper op deze groep gaat letten en hij wijst erop dat Antillianen die bijvoorbeeld niet meedoen aan een werkervaringstraject, wettelijk gekort kunnen worden op hun uitkering.

Rotterdamse Antillianen willen graag naar Leeuwarden, burgemeester Ferd Crone aldaar is terughoudend Beeld Reyer Boxem

De Veiligheidsnota van eind vorig jaar is nog steeds het gesprek van de dag in de kapperszaak, zegt eigenaar Rosaria. “Die term ‘kansloze Antillianen’ vind ik heel erg”, vertelt hij als met een tondeuse het achterhoofd van een klant scheert. “Ik werd er op aangesproken. Ik denk dan: Wat doe je als gemeente om hun kans te vergroten?” Aan de andere kant, zegt hij, moeten Antillianen ook hun eigen kans grijpen. “Als Antilliaanse jongens denken dat ze in Leeuwarden alleen kunnen chillen hebben ze het mis. Je moet je best doen om op eigen benen te staan.”

Dairon Felipie (34) die op de kappersstoel zijn beurt afwacht, is zo’n Antilliaan die op eigen benen staat. Hij heeft een baan als koelcelbouwer in Harlingen en kwam acht jaar geleden van Curaçao naar Leeuwarden. Hij begon met tomaten en paprika’s plukken in kassen in Sexbierum. “Ik had een proeftijd van negen maanden. Elke dag stond ik half zes op. Ik heb er vier jaar gewerkt. Dus als ik het kan, kunnen andere Antillianen dat ook.”

Fady Pieter (18) zit met oordopjes in op een zwarte bank. Op zijn elfde kwam hij van Curaçao met zijn moeder naar Nederland. Hij volgt een mbo-opleiding tot verkoper. Antillianen uit Rotterdam mogen best naar Leeuwarden komen, vindt hij. “Je moet ze niet meteen het stempel overlastveroorzaker opdrukken.” Wat goed zou werken is een eigen ruimte voor de Antilliaanse jeugd, oppert hij. “Een buurthuis, waar we onze eigen muziek kunnen draaien en spelletjes kunnen doen. Dan gaan jongeren niet op straat rondhangen.”

Beeld Reyer Boxem

Een buurthuis is mooi, maar moet geen broedplaats van problemen worden, reageert burgemeester Crone (PvdA). Hij benadrukt dat hij Antillianen niet wil weigeren. “Dat kan ook niet. We zijn een gastvrije gemeente.”

De PvdA-burgemeester zet in op ‘ontmoediging’: het beeld bijstellen dat sommige Antillianen van de Friese hoofdstad hebben. Crone: “Wij horen dat Antillianen tegen elkaar zeggen: ga maar naar Leeuwarden, want daar controleren ze niks en krijg je zo een uitkering.” Maar alle jongeren moeten actief meedoen met scholing of werktrajecten. “Dat geldt voor een Antilliaan evengoed als voor een Limburger.”

Discipline

Antilliaanse jongeren zou je echt helpen met taaltrainingen en cursussen, zegt Johnny Move in de kapperswinkel. “Door te laten zien hoe je niet in de schulden belandt. Wij Antillianen hebben een open cultuur. Wij willen plezier hebben, genieten, voor onszelf zorgen. Als je een Nederlander 300 euro geeft voor drie weken, verdeelt hij het per dag. Bij een Antilliaan is het na drie dagen op. Discipline, budgetbeheer, je verantwoordelijkheid nemen, dat soort dingen krijg je van huis uit niet echt mee. Daar moet aandacht voor zijn.”

Crone zou graag meer doen voor de groep jongeren. Maar er is geen geld voor. Met de 1,5 miljoen die de gemeente van het rijk kreeg voor specifiek Antillianenbeleid werden gezinnen ondersteund. Crone gaat volgende maand op een conferentie met de Antilliaanse gemeenschap in zijn gemeente om tafel om te kijken hoe de problemen verder aangepakt kunnen worden.

Lees ook:

Racisme in Nederland? Kom nou!

Is er racisme in Nederland? Jazeker, en dat zelfs ‘op veel terreinen en in verschillende gedaanten.’ En dat moet iedereen -- van politici tot sinterklaasvierders - erkennen, schreef het College voor de Rechten van de Mens in zijn jaarrapportage in 2014.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden