Ik heb een droom

Annejet van der Zijl: ‘Mooi dat ik op 4 mei hun namen kan noemen’

Annejet van der Zijl Beeld Jörgen Caris
Annejet van der ZijlBeeld Jörgen Caris

In de serie 'Ik heb een droom' vraagt Trouw mensen naar hun dromen, overdag en 's nachts. Vandaag schrijfster Annejet van der Zijl.

Noor Hellmann

“Nachtelijke dromen zie ik als een soort opruimingsdienst: oude rommel in de kelder gaat mee met het grofvuil, waarna je weer met een fris hoofd kunt beginnen.

Nare dromen vind ik daarom niet zo erg. Een tijdlang had ik machteloze dromen dat ik op het station de trein wilde halen maar mijn benen niet kon bewegen. Ook een telefoonnummer intoetsen om te zeggen dat ik later kwam, lukte niet. Grappig genoeg verdwenen die dromen toen ik eenmaal een eigen auto en een mobiele telefoon had.

De fijnste droom die ik me herinner was een weerzien met mijn vader, een paar maanden na zijn overlijden. Hij glimlachte me heel lief toe en ik omhelsde hem. Hij rook heel lekker. Het was net of hij even was opgedoken om te zeggen: het gaat goed met mij.

Als ik aan een boek werk droom ik daar zelden over. Alleen toen ik ‘Bernhard’ schreef, werd ik weleens wakker terwijl ik allemaal ingewikkelde zinnen aan het construeren was. Dat boek heeft me hoofdbrekens gekost, ik moest opboksen tegen bestaande mythes over hem en wist dat ik er veel commentaar op zou krijgen.

Bij ‘De Amerikaanse prinses’ was dat anders. Dat verhaal kwam ik tegen toen ik al lang rondliep met een vaag, romantisch plan om eens een boek te schrijven met als uitgangspunt een oude vrouw die aan zee woont en haar leven overdenkt. Toen ik in haar sterfhuis kwam, dacht ik: dit is het.

Nieuw avontuur

Ik heb altijd wel dagdromen over iets wat ik nog eens zou willen. Vooral als ik met mijn hond door de duinen wandel kan ik goed nadenken. Die dromen gaan over de beloftes van een nieuw avontuur. De opwinding als je aan een project begint: hoe loopt het af?

Ik heb er nooit van gedroomd een bekend schrijfster te worden. Toen ik eenmaal boeken schreef, hoopte ik er genoeg mee te kunnen verdienen om een volgend boek te kunnen schrijven. Dat het allemaal zo’n vlucht heeft genomen overstijgt alle dromen.

Het fijnste van succes is de vrijheid om te doen wat je zelf wilt. De keerzijde is dat die buitenkant van het schrijverschap het nogal eens dreigt over te nemen. Ik ben het gelukkigst als ik ongestoord kan werken, te veel afleiding kan me echt kribbig maken.

Toch twijfelde ik geen moment toen ik de vraag kreeg de 4 mei-voordracht te houden. Mijn verhaal gaat over Waldemar en Rika Nods, die hun hulp aan Joodse onderduikers tijdens de oorlog met de dood moesten bekopen, en over de essentie van heldhaftigheid.

Met ‘Sonny Boy’ heb ik hen onder de puinhopen van de geschiedenis vandaan kunnen halen. Ik vind het heel mooi, ook tegenover hun familie, dat ik hun namen straks in de kerk nog eens ten overstaan van heel Nederland kan noemen.”

Schrijfster Annejet van der Zijl (1962) houdt volgende week in De Nieuwe Kerk in Amsterdam de 4 mei-voordracht. Thema: ‘De kracht van het persoonlijke verhaal’.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden