Anne Frank en Henriëtte Boas

In huize Frank, toen alles nog gewoon was op het Merwedeplein, luidde een gevleugeld woord: 'God weet alles, maar Anne weet alles beter'. Voor ons, levend in het Nederland van 1998, geldt de aanvulling: 'maar Henriëtte Boas weet alles het beste'. Daar neem ik afstand van.

Henriëtte Boas (Trouw, Podium, 25 augustus) en ik zijn het roerend eens, dat de opwinding over de exacte tekst waarmee een tienermeisje het huwelijk van haar ouders beschrijft, sterk overdreven is.

Des ter erger is het, dat Cor Suijk met die paar velletjes tekst de halve wereldpers op zijn kop zet.

Er is echter nog een aspect. Dit meisje is met haar zuster in Bergen-Belsen vermoord; haar moeder is in Auschwitz vermoord. Zij wist dat ze werd vermoord omdat ze Joods was. Voor haar, toen zij haar dagboek schreef, stond dit einde niet vast; voor ons die haar tekst lezen, staat het wel vast.

Aan het feit dat wij dit weten, mogen wij ons niet onttrekken. Respect voor een slachtoffer van de holocaust schrijft ons voor, met zijn of haar nalatenschap eerlijk om te gaan. Het RIOD heeft zich met zijn uitgave van 1986 aan deze norm gehouden. De vraag: 'is het echt, is het compleet, is het eerlijk' kon na deze uitgave als afgedaan worden beschouwd.

In 1946 zat men met vragen als: 'Mocht het woord menstruatie in het boek worden gedrukt?' Uitgever De Neve vroeg het aan zijn biechtvader en het mocht. 'Konden hatelijkheden over Annes moeder zomaar worden prijsgegeven?' Vader Frank deed wat zo kort na de dood van zijn vrouw begrijpelijk was, hij schrapte die. Nu, na zoveel jaar, had Suyk de aanvullende tekst met gepaste bescheidenheid aan het RIOD moeten afstaan.

Buitengewoon schandelijk vind ik Henriëtte Boas' opmerking: “Ik vraag mij af of Anne niet humoristisch zou hebben gereageerd op de lange rijen bezoekers die elke dag voor de deur van het Anne Frankhuis op toelating wachten.” Als Anne Frank was blijven leven, had ze haar dagboek misschien tot een roman bewerkt, misschien had ze het in een schoenendoos gestopt om eerst eindexamen te doen en dan journaliste te worden, en misschien was ze met een Canadese bevrijder getrouwd. Maar Anne Frank is niet blijven leven, ze is dood.

Haar naam staat in het boek 'In Memoriam'; lees de namen en lees er de jaartallen bij en de plaats van herkomst van Annie Aa 11-9-1941 Amsterdam, 2-7-1943 Sobibor, tot Rachla Zijtenfeld-Herszkowicz 15-1-1903 Pabjanice, 7-5-1943 Sobibor. Zeventienhonderd kolommen met namen.

Erfenis

Onder de erfenis van Anne Frank versta ik iets anders dan mevrouw Boas. Voor mij bestaat deze uit de papieren die Miep Gies na de arrestatie van de onderduikers op 4 augustus 1944 teruggevonden heeft: dagboeken en door Anne beschreven losse vellen. Miep las er niet in, maar bewaarde alles voor later.

Otto Frank werd 27 januari 1945 in Auschwitz door de Russen bevrijd en kwam 3 juni 1945 in Amsterdam aan. Hij woonde voorlopig bij Jan en Miep Gies in de Hunzestraat. Miep schreef mij, dat zij pas begin augustus, toen het bericht kwam dat Margot en Anne in Bergen-Belsen waren gestorven, de papieren aan Otto gaf met de woorden: “Hier, Otto, de erfenis van je dochter.” Die erfenis was gewoon wat Anne had opgepend in de eindeloze uren van verveling, ergernis en verlangen in het achterhuis. Daar gaat het om.

Met de interpretatie van Annes geschriften houd ik mij niet bezig. Dat is iets voor hen, die Anne Frank voor hun karretje willen spannen. Ook daarin zijn Henriëtte Boas en ik het eens.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden