Angst voor stank, veel vrachtwagens met biggen en grote gebouwen / Commotie over varkenscomplexen

Twee Brabantse boeren willen vier mega-varkensbedrijven beginnen. Met tachtigduizend vleesvarkens. Omwonenden zijn boos.

Door de vele regen is het veenland zompig. „Zoals het moet zijn”, lacht J. Veldhuis. Wild opgeschoten bomen en struiken ontnemen het zicht op slootjes tussen de weilanden, met hier en daar een verscholen boerderij, maar de weidsheid blijft machtig mooi. Vroomshoop, een rustige boerenenclave in de gemeente Twenterand.

Maar hoe lang blijft die rust?

In het buitengebied Fortwijk ligt immers ook een landbouwontwikkelingsgebied, een van de 26 die de provincie Overijssel heeft aangewezen. Hier mag de intensieve veehouderij, die elders tegen de milieugrenzen aanzit of plaats moet maken voor natuurontwikkeling, nog groeien. Tot grote schrik van veel omwonenden.

De Brabantse onderneming Family Farmers heeft hier in Vroomshoop grond gekocht om twee megabedrijven te beginnen. Ook in de buurtschap Marle, gemeente Hellendoorn, willen de Brabanders twee varkensflats bouwen, met plaats voor 19.000 en 24.500 dieren.

„Dat is industrie”, moppert D. Bouma uit Vroomshoop. „Het heeft een ontwrichtende werking op de gemeenschap”, meent de Hellendoornse veearts Bert Mostert. „Ik kan voor niemand een voordeel bedenken om die bedrijven hier neer te zetten.”

Zowel in Vroomshoop als in Marle is een actiegroep opgericht. Ze maken bezwaar tegen de te verwachten stank (geurhinder heet dat eufemistisch), vrachtwagens met veevoer, biggen en slachtvarkens die af en aan zullen rijden, de omvang van de gebouwen die niet passen in het landschap en verstoring van natuur en recreatie.

„De ellende is begonnen met de varkenspest in 1997”, stelt Veldhuis, die het comité in Vroomshoop aanvoert. „Daarna kwam de reconstructie, die de explosie van varkensbedrijven zou oplossen. Maar de provincie Overijssel heeft verzuimd een dam op te werpen tegen bedrijven van buiten.”

Veldhuis bood begin deze maand 1019 handtekeningen van Vroomshopers aan aan burgemeester Koetje van Twenterand. „Maar wat kan de gemeente doen? Het bestemmingsplan is al twee jaar geleden aangepast.”

In Hellendoorn hebben ze meer hoop op succes. De gemeente is begonnen met het opstellen van een gebiedsvisie voor Marle, waaraan de aanvragen van Family Farmers en andere nieuwkomers zullen worden getoetst.

De actiegroep in Marle opperde vorige week dat de status van het gebied moet worden aangepast, zodat alleen bestaande bedrijven er kunnen uitbreiden.

„Ik heb ook niks met die grote bedrijven, zeker als ze niet regionaal geworteld zijn”, zegt gedeputeerde P. Jansen (CDA). „Maar we moeten ons wel aan de regels houden. De landbouwontwikkelingsgebieden zijn bedoeld voor bedrijven die elders moeten verkassen, maar je kunt geen onderscheid maken.”

„De gemeenten kunnen wel een maximum stellen aan nieuwe vestigingen. Maar grenzen aan de omvang en het aantal dieren, dat is moeilijk. Je moet ook de eigen bedrijvende mogelijkheid bieden om te groeien. De intensieve veehouderij is een belangrijke economische factor in onze provincie”, legt Jansen uit.

Ook in de buurtschap Notter, bij Wierden, groeit de angst voor reusachtige indringers. „We hadden in 2002 moeten reageren op het Reconstructieplan”, beseft J. Nollen, zelf boer.

„Maar dit was door niemand te voorzien. Ook de boeren van LTO Noord willen deze ontwikkeling niet. De ruimte voor familiebedrijven wordt straks door anderen opgeslokt. Maar de organisatie kan geen grenzen stellen aan de omvang van een bedrijf.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden