Angst voor slachtpartijen in Burundi na 'haatspraak'

President Nkurunziza jaagt politieke tegenstanders bijna letterlijk de dood in

"Een laatste waarschuwing", zo noemt president Pierre Nkurunziza van Burundi het. "Een oorlogsverklaring", zeggen de mensen op straat. Afgelopen maandag gaf de president van het piepkleine Oost-Afrikaanse land in een radio- en televisietoespraak zijn tegenstanders nog vijf dagen om de wapens in te leveren.

"Zij volgen dan een maatschappelijke training van twee weken. Zo niet, dan worden ze beschouwd als vijanden van de staat en zullen ze als zodanig berecht worden."

De speech van Nkurunziza eindigt met een oproep tot dialoog, maar in de straten van hoofdstad Bujumbura weten ze wat hij echt bedoelt. "Het uitroeien van de oppositie", meent een journalist nadat hij eerst goed om zich heen kijkt om te checken of niemand van de geheime dienst meeluistert.

In een land dat al maanden geregeerd wordt door angst, is de vrees nu tastbaar. "Nog een paar dagen, dan begint het moorden pas echt", zegt de verslaggever die bijna dagelijks bericht over doden en gewonden. Sinds president Pierre Nkurunziza eind april aangaf zich verkiesbaar te stellen voor een derde termijn, zijn er grootschalige protesten in de hoofdstad. Die werden hardhandig de kop in gedrukt. Inmiddels is ook de pers monddood gemaakt.

Nu ligt ook het woord 'genocide' bij velen op de lippen. Burundi kent, net als buurland Rwanda, een lange geschiedenis van etnisch conflict tussen de Hutu-meerderheid en de Tutsi-minderheid. Tijdens de burgeroorlog van 1993 tot grofweg 2005 zijn ruim 300.000 mensen omgekomen.

President Nkurunziza's moeder is Tutsi, maar hij identificeert zich met zijn vader, een Hutu-politicus die in 1972 werd vermoord toen er een Tutsi-minderheid aan de macht was.

Oppositieleider Charles Nditije vindt de speeches een zoveelste alarmbel. "Er zijn lijsten van activisten die gedood zullen worden", zegt hij. "Dit is een keerpunt in het conflict en kan het begin zijn van weer een burgeroorlog."

De woorden van Nkurunziza zijn extra beangstigend omdat ze volgen op die van de voorzitter van de senaat. Die vertelde een dag eerder dat de veiligheidstroepen wachten op toestemming om een schoonmaakactie te beginnen. Hij noemde het 'Operatie Kora', oftewel 'Aan het werk'. Diezelfde terminologie werd gebruikt in de aanloop naar de genocide in buurland Rwanda in 1994.

"Waarschuw uw mensen", zei hij tijdens een veiligheidsbijeenkomst. "De operatie zal duidelijk zijn. Alles zal eindigen hier, in uw wijken. Men stopt de brand door een verwoestende brand. Op de dag dat we zeggen 'kora', zal er niets meer zijn. We zullen geen traangas gebruiken, we zullen niet richten op armen en benen. Alles zal verbranden."

Een hardnekkig gerucht dat de ronde doet is dat de overheid tenten neerzet en mensen die de oppositie niet steunen, uitnodigt om daar naartoe te komen zodat de 'opstandige' wijken volledig schoongeveegd kunnen worden. "Wie achterblijft zal sterven", vertelt een jonge vrouw die zegt van een politieagent gehoord te hebben dat er bussen zijn ingehuurd om vrouwen en kinderen in veiligheid te brengen.

De namen van de opgevoerde journalist en vrouw zijn bekend bij de redactie.

undefined

Waar het om begon

De aanleiding voor de huidige crisis is de derde termijn van president Pierre Nkurunziza. Volgens de grondwet mag een president slechts twee termijnen dienen. Maar volgens het kamp Nkurunziza telt zijn eerste termijn niet omdat hij in 2005 - als onderdeel van de Arusha vredesbesprekingen - door het parlement werd gekozen en niet direct door het volk.

Een staatsgreep tegen Nkurunziza in mei mislukte, waarna hij de door de VN als 'onvrij en ongeloofwaardig' bestempelde verkiezingen in juli dit jaar won.

Het verzet tegen Nkurunziza bleef, maar ging ondergronds. Geruchten over een rebellie doen al maanden de ronde en sinds enkele weken zijn er kleinschalige aanvallen op politieposten opgeëist door rebellen en lijken gewapende activisten ook de hoofdstad bereikt te hebben.

Sinds het begin van de onrust in april zijn ruim 200.000 mensen het land ontvlucht. Het Rode Kruis meldt ongeveer 300 doden, maar er wordt gevreesd dat veel doden niet worden gerapporteerd. Kritische journalisten zijn hun leven niet veilig in het land. Drie weken geleden werden een journalist, zijn vrouw en hun twee kinderen door veiligheidstroepen vermoord (zie foto hierboven).

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden