Angola, even de redder in nood

De rollen zijn omgedraaid. Nu de Portugese economie zich aan de rand van de afgrond bevindt, investeren de Angolezen massaal in Portugal, hun voormalige kolonisator.

De brede Avenida da Liberdade met aan weerszijden oude eiken was ooit het bastion van de rijke Portugees. Hier kochten de zwaar opgemaakte vrouwen hun tassen van Louis Vuitton en hun mantelpakjes van Chanel. Maatpakken voor de mannen werden aangeschaft bij Hugo Boss, of bij het chique Prada waar een speciaal ingehuurde jongeman de deur opent.

Die tijden zijn voorbij, rijke Portugezen kom je op de Avenida da Liberdade steeds minder vaak tegen. Het zijn nu de Angolezen die de winkels afstruinen. Met hun privéjet vliegen de stinkend rijke Afrikanen voor één of twee dagen naar Lissabon om inkopen te doen. Complete winkels worden van tevoren afgehuurd. Een fenomeen dat sinds de crisis alleen maar is toegenomen.

De elites van Angola worden ook wel de nieuwe rijken van Portugal genoemd. Dat is voor de meeste Portugezen even wennen, want ineens zijn de rollen omgedraaid. De voormalige kolonie is niet meer afhankelijk van de grote broer. Dankzij een enorme rijkdom, vergaard met oliewinning, is Angola in staat om grote bedragen te investeren, onder meer in Portugal. Dat komt het Europese land dat in 2011 aanklopte bij de Europese Unie voor een noodkrediet goed uit.

Zo is staatsoliebedrijf Sonangol met bijna 20 procent de grootste aandeelhouder van Millennium, de grootste bank van Portugal. Maar het is vooral de politieke Angolese elite - gelieerd aan de Angolese president Dos Santos die al sinds 1979 het Afrikaanse land bestuurt - die haar vleugels uitslaat. Isabel dos Santos, de dochter van, is het bekendste voorbeeld. Gewapend met een kapitaal van zo'n twee miljard dollar vergaart met olie-opbrengsten, investeert Dos Santos in toonaangevende Portugese banken en mediabedrijven. "Het is duidelijk dat de politieke elite van Angola macht probeert te vergaren in Europa", zegt Ricardo Soares de Oliveira, verbonden aan de universiteit van Oxford. Hij deed onder meer onderzoek naar de Angolese investeringen.

Volgens Soares de Oliveira is Portugal dé perfecte springplank. "De Angolezen zijn gewend aan de manier van zakendoen en spreken de taal." Overigens zijn de investeringen niet geheel zonder risico's. Angolezen brengen hun eigen wet- en regelgeving mee. Witwaspraktijken en corruptie zijn een vrij normaal fenomeen, hoewel daar nooit diepgaand onderzoek naar gedaan is.

Daar kan Maria - niet haar echte naam - over mee praten. Deze timide Angolese die al sinds haar zevende in Lissabon woont, slaat haar donkere ogen neer als ze praat over haar geboorteland en de corruptie. Naarmate het gesprek vordert, besluit ze niet met haar echte naam in de krant te komen, omdat ze bang is voor politieke represailles vanuit Angola.

Maria (26) emigreert op haar zevende naar Portugal. Haar ouders blijven achter in Angola, maar willen hun kinderen de kans geven om een zekere toekomst op te bouwen in een ander land waar geen oorlog woedt (zie kader). Veel van de jonge Angolezen die nu in Portugal wonen zijn, net als Maria, zonder ouders geëmigreerd.

Maria groeit op bij haar oom en tante in Lissabon, gaat naar school en studeert communicatie. Kort na elkaar overlijden haar beide ouders. Haar jongere broertjes die destijds niet mee geëmigreerd zijn, blijven alleen achter in Angola. Maria staat nu op het punt haar leven in Lissabon inclusief haar Portugese vriend achter zich te laten - de verhuisdozen zijn al gepakt - en tijdelijk terug te keren naar Angola om haar broers te helpen. Met weemoed.

Ze heeft al een baan bij het ministerie. "Ja, in Angola, liggen de banen momenteel voor het oprapen", vertelt Maria. "Mits je de juiste connecties hebt." Die heeft Maria, want de vrouw van haar broer heeft een belangrijke positie op het ministerie.

"Maar liever blijf ik in Portugal. Jullie Europeanen spreken van een crisis. Ik merk daar weinig van, zeker in vergelijking met Angola. Het land is de afgelopen jaren rijk geworden, maar daar profiteert maar een kleine elite van. Het aantal zeer arme mensen is nog altijd in de meerderheid. Er vinden vreselijke dingen plaats in mijn geboorteland. Zo ken ik vrouwen die in ruil voor een baan verkracht zijn. In vergelijking met Angola is Portugal een paradijs. Ik ga er voor twee jaar naartoe om mijn broertjes uit de brand te helpen, maar daarna keer ik meteen terug. Ik houd van Portugal."

Rijkdom
Hoewel Maria haar geboorteland schril vindt afsteken bij de rijkdom van Portugal, verkiezen veel Portugezen in tijden van crisis een baan in de voormalige kolonie. Inmiddels wonen er 110.000 Portugezen in Angola en dat aantal neemt de laatste maanden alleen maar toe. "Het is een natuurlijke plek voor de Portugese expats", zegt onderzoeker Soares de Oliveira. "Ze wonen in afgeschermde compounds en helpen met het opbouwen van de infrastructuur, de gezondheidszorg en andere publieke zaken. Dat is niet nieuw. Zo woonde de huidige premier van Portugal lange tijd in Angola. Zijn vader was daar arts. Maar de laatste paar jaar is het aantal Portugezen dat zich in Angola vestigt in rap tempo toegenomen en is het niet meer enkel de Portugese elite die emigreert."

Ingenieurs, veel ingenieurs sturen wij momenteel richting Angola, vertelt Jorge Fonseca van recruitmentbureau Ema Partners in zijn werkkamer op de tweede verdieping van een statig pand in een zijstraat van de Avenida da Liberdade. Tien procent van de Portugezen die bij zijn bureau aanklopt, stuurt Fonseca richting Angola. "De rijkdom in Angola is ongekend, maar het ontbreekt de Angolezen aan kennis. Ze weten niet goed hoe ze wegen en spoorlijnen moeten aanleggen. Daar kunnen wij bij helpen."

Fonseca ontkent niet dat het land op sommige onderdelen door en door corrupt is en dat de kloof tussen rijk en arm niet is verdwenen sinds de economische voorspoed. "Angola is een staat in opbouw. Er kan nog veel verbeteren, en daar kunnen de Portugezen bij helpen. Het helpt bijvoorbeeld al dat de jonge generatie Angolezen hier massaal naartoe trekt om te studeren. Die kennis zullen ze overbrengen."

De Angolese student informatietechnologie aan de universiteit van Lissabon Fausto Cruz (24) is daar een voorbeeld van. Hij beaamt dat dingen in zijn geboorteland langzaam verbeteren. "Maar het probleem blijft dat een kleine elite de rijkdom in handen heeft, terwijl de rest van de bevolking niet profiteert. Tegelijkertijd stijgen de prijzen exponentieel. De huur van een flat in hoofdstad Luanda is vergelijkbaar met de huur van een appartement op Manhattan. Een eenpersoonskamer kost zo'n 7000 dollar per maand."

Toch denkt ook Cruz erover terug te keren naar Angola. Zijn ouders - moeder dokter en vader accountant - stuurden hem destijds naar Portugal vanwege de studie. Bovendien hadden ze al een appartement aan de rand van Lissabon waar hij niets voor hoefde te betalen.

Hoewel hij Lissabon zal missen, beseft Cruz dat werken in Portugal momenteel onmogelijk is. Hij wil graag een eigen bedrijf beginnen en denkt dat Angola daarvoor meer mogelijkheden biedt. "De vooruitzichten hier zijn slecht. Ik denk dat ik in Angola meer voor elkaar kan krijgen."

Ja, beaamt het Angolese model Nadia, in Angola liggen de kansen momenteel voor het oprapen, maar ik woon liever in Portugal. "Modellenwerk is een opkomend fenomeen in Angola, terwijl de markt in Portugal al min of meer bepaald is", vertelt het model in het huis van haar tante in de rijke badplaats Espadril, grenzend aan Lissabon. Hoewel Nadia momenteel niet in Portugal woont, vliegt ze geregeld naar haar tante en struint ze de Portugese warenhuizen af op zoek naar de nieuwste mode. "Mijn salaris gaat volledig op aan Portugese spullen. Ook de inrichting van mijn huis in Luanda bestaat voor het grootste gedeelte uit meubels die ik heb laten verschepen."

De relatie tussen Portugal en Angola zal de komende jaren belangrijker worden, voorspelt Fonseca van Ema International. In economisch opzicht kan Portugal al niet meer zonder Angola. "Europa raakt steeds meer uit zicht."

Dat de Angolese wet- en regelgeving te wensen overlaat, is volgens Fonseca geen reden om de relatie te beëindigen. "De investeringen zijn ontzettend belangrijk voor de Portugese economie. We kunnen veel van elkaar leren."

Oost-Europa bij de EU - Portugese fabrieken leeg
In 2011 kreeg Portugal een noodkrediet van 78 miljard euro van de Europese Unie. Al jaren produceren Portugese bedrijven niet genoeg om de economie draaiende te houden. Toen de Oost-Europese landen begin 2000 stuk voor stuk toetraden tot de Europese Unie, verplaatsten grote Portugese bedrijven hun fabrieken naar de nieuwe lidstaten omdat arbeid daar goedkoper was dan in Portugal zelf. Daarmee verloor de Portugese economie een belangrijke inkomstenbron. Sinds die tijd kwakkelt de economie. De overheidssector is te groot gegroeid en investeringen blijven uit.

In ruil voor de Europese lening moet Portugal harde bezuinigingen doorvoeren. Salarissen vooral in de publieke sector - worden gekort, pensioenen worden naar beneden bijgesteld en staatsbedrijven worden geprivatiseerd. De Angolese elite is geïnteresseerd.

De burgeroorlog in Angola
In de negentiende eeuw was Angola een kolonie van Portugal. In 1975 werd het Afrikaanse land onafhankelijk en vanaf die tijd tot aan 2002 vond er een bloedige burgeroorlog plaats. De marxistisch georiënteerde partij MPLA die de macht greep op het moment dat de Portugezen het land hadden verlaten, vocht een bloedige strijd uit met de rebellengroep Unita.

Gedurende de jaren negentig ondernamen beide partijen - onder toeziend oog van de Verenigde Naties - verschillende pogingen om een vrede tot stand te brengen. Tevergeefs. Pas toen rebellenleider Jonas Savimba werd gedood, maakte dat de weg vrij naar een definitief vredesakkoord.

Sinds die tijd groeit de economie van Angola als kool. Dat is onder meer te danken aan de grondstoffen die het land bezit. De overheid is begonnen met het herstellen van de infrastructuur, onder meer met hulp van de Portugezen en Chinezen.

Een kleine politieke elite profiteert en heeft alle staatsbedrijven in handen. Het merendeel van de bevolking blijft arm en leeft van minder dan 1 dollar per dag. De levensverwachting ligt laag en de kindersterfte behoort tot de hoogste ter wereld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden