Andrew Jackson: een bijna platgedrukte president

John Quincy Adams liet zich niet zien bij de inauguratie van zijn opvolger Andrew Jackson als zevende president van de Verenigde Staten op 4 maart 1829. Daarvoor was er in de voorgaande jaren misschien ook wel te veel gebeurd. Net als nu met Donald Trump keek een belangrijk deel van het establishment in Washington ondertussen ook met angst en beven naar het aantredende staatshoofd. Ze vreesden bovendien dat met en via hem de lagere klassen zich meer zouden gaan roeren. Jackson gold als een populist. Dat hij door sommigen 'king mob' (koning van de meute) werd genoemd, was veelbetekenend.


Adams en Jackson, allebei 61 jaar oud, hadden een gezamenlijke geschiedenis. In 1824 waren ze ook al de belangrijkste twee kandidaten bij de presidentsverkiezingen. Jackson, een oud-militair die het in meerdere oorlogen tegen de Britten had opgenomen, verzamelde de meeste kiesmannen, maar wist geen absolute meerderheid te behalen. Het Huis van Afgevaardigden moest uitsluitsel geven en de volksvertegenwoordigers daar hielpen Adams in het zadel.


Tijdens de campagne van 1828 stonden de twee opnieuw tegenover elkaar. Het liep uit op wat wel de smerigste verkiezingsrace in de Amerikaanse geschiedenis is genoemd. Het kamp van Adams maakte een groot nummer van het verleden van Rachel, de echtgenote van de tegenstander. Zij was nog niet gescheiden van haar eerste echtgenoot toen ze met Jackson ging samenleven. Om die reden werd de vrouw afgeschilderd als een bigamist en een hoer.


De aanhangers van Jackson noemden op hun beurt Adams een pooier, omdat hij een jonge Amerikaanse zou hebben geregeld om de Russische tsaar Alexander I te paaien. Zeker niet waar was de beschuldiging dat de zittende president met overheidsgeld een biljart voor het Witte Huis had gekocht. Dat had hij met eigen geld betaald.


Maar het beeld bleef hangen. Adams, zoon van een van de Founding Fathers, werd gezien als lid van de elite. Hij sprak -verdacht!- meerdere talen (zijn vader en hij waren ook allebei ambassadeur in Nederland geweest). Jackson presenteerde zichzelf als man van het volk en profiteerde van zijn militaire status. Zij bijnaam 'Old Hickory' (oud notenhout) verwees naar zijn hardheid.


Jackson won met overmacht. Maar zijn electorale zege kreeg een bittere nasmaak, toen zijn vrouw op 22 december 1828 overleed aan een plotselinge hartaanval. De aankomend president wees met de beschuldigende vinger naar Adams en zijn aanhang.


De inauguratie vond voor het eerst plaats voor de oostgevel van het Capitool. Het zou tot en met de beëdiging van Jimmy Carter (1977) de plek blijven. Daarna werd het de westkant van het gebouw.


Het was druk voor de trappen van het Capitool die 4de maart 1829. Aanhangers van Jackson hadden soms lange reizen gemaakt om de inauguratie bij te wonen. Na de ceremonie braken ze door de afzettingen en probeerden ze de nieuwe president persoonlijk te feliciteren. Die wist zich slechts met moeite een weg door het gedrang te banen naar zijn paard.


Hij maakte ook nog de fout om een receptie te geven in het Witte Huis. Die was -Jackson was immers de kandidaat van het volk- voor iedereen toegankelijk. Volgens veel lezingen liep het gruwelijk uit de hand. Er werd tot bloedens toe geduwd en getrokken, vrouwen vielen flauw, meubilair, glaswerk en porselein sneuvelden en de nieuwe president werd bijna platgedrukt. Pas toen de drank buiten werd geserveerd, stroomde de ambtswoning weer een beetje leeg.


Of de ontvangst werkelijk zo chaotisch verliep, wordt inmiddels door sommige historici betwijfeld. Mogelijk hielp de gevestigde orde de horrorverhalen de wereld in: dit kwam ervan als de proleten de macht veroverden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden