Boekrecensie

András Forgách schreef een magistrale roman over foute ouders

Moeder van András Forgách.

Wanneer de Hongaarse schrijver András Forgách ontdekt dat zijn moeder werkte voor de geheime dienst, moet hij zijn jeugd herschrijven.

Toen hij in 2007 zijn roman over zijn familie afrondde (‘Dat is het leven’), was de Hongaarse schrijver András Forgách ervan overtuigd dat hij voorgoed met zijn familiedemonen had afgerekend. Maar in 2013 kreeg hij telefoon van een onderzoeker in de archieven van de geheime politie in Boedapest. Die had een dossier gevonden over Forgáchs moeder. “Er zijn dingen die we pas kunnen begrijpen als we ze zelf meemaken. Zo’n gebeurtenis is dat op een dag blijkt dat je moeder een informant voor de veiligheidsdienst was.” 

De schrijver voelde zich genoodzaakt zijn hele kindertijd te herschrijven. Het resultaat is ‘De akte van mijn moeder’, geen getuigenis van dertien-in-een-dozijn, maar een magistrale roman in de beste Hongaarse traditie.

De geschiedenis van Forgáchs ouders is complex. Zijn moeder, Bruria Avi-Shaul, werd geboren in Palestina, waar haar (Joods-Hongaarse) familie al in de jaren twintig heen trok. Zijn vader, Marcell Forgách, werd geboren aan de Roemeens-Hongaarse grens. Als twintigjarige kwam hij in Palestina terecht, waar zijn moeder hem had heen gestuurd om te ontsnappen aan de nazi’s. Heel zijn familie kwam om in de Holocaust, wat - zo suggereert de schrijver - misschien wel de basis vormde van zijn rusteloze persoonlijkheid. In 1947 kwamen de ouders, ondertussen gehuwd, als overtuigde stalinisten naar Hongarije, ‘gelokt door de mogelijkheid om als communisten het communisme te helpen opbouwen’.

Tegen het imperialisme

Het eerste deel van ‘De akte van mijn moeder’, dat 200 bladzijden beslaat, is een fictief relaas, waarin de schrijver een reeks onbegrijpelijke gebeurtenissen uit zijn jeugd herschrijft op basis van zijn verbeelding en de feiten uit de dossiers. Dat zijn vader begin jaren zestig voor het Hongaarse persagentschap in Londen werkte, was achteraf gezien enkel denkbaar als ook hij een document als geheim agent had ondertekend. Dat dossier is nooit teruggevonden, maar in de akte van zijn moeder wordt naar hem verwezen als naar ‘Pápai’ - zijn moeder krijgt later overigens de naam ‘mevrouw Pápai’.

IJzingwekkend is de scène waarin de schrijver als kind op stap is met zijn vader in Londen, waar Pápai plots in het Hongaars worden aangesproken door een figuur die vraagt of hij soms in Engeland wil blijven. Forgách toont hoe zijn vader daarop begint te fulmineren tegen het imperialisme en de onderdrukking van de arbeidersklasse. Later verklaart zijn vader dat dit een ‘agent-provocateur’ was, iets wat het kind niet begrijpt, maar de schrijver van nu des te beter.

De schrijver schetst zijn vader als een intelligente, grappige man, die lijdt aan buien van grote neerslachtigheid. “Overal zag hij mensen die op zijn vernietiging uit waren.” Gaandeweg werd hij paranoïde (‘in het geval van een strenge communist een logische ontwikkeling’, sneert Forgach) tot hij uiteindelijk in de psychiatrie belandde. Op dat moment, in 1975, werd ‘mevrouw Pápai’ gerekruteerd als geheim agent, wat ze zou blijven tot haar dood in 1985.

Uitstekende observator

Dat András Forgách op twintigjarige leeftijd werd ontboden op de afdeling paspoorten, waar iemand hem benadert om geheim agent te worden, is een andere ‘kleine’ gebeurtenis die na lectuur van het dossier een andere strekking heeft gekregen. Het is immers zijn moeder, weet hij nu, die hem aan de dienst heeft voorgesteld als een mogelijk bruikbaar ‘object’.

Omslag ‘De akte van mijn moeder’ Beeld Frank Castelein

Forgách is een uitstekende observator, die goed heeft nagedacht over de methoden van de geheime politie. Hij beschrijft ze meesterlijk. Over de man die hij destijds voor zich had, lezen we: “Starend naar zijn goed verzorgde handen bleef de luitenant-kolonel een hele tijd zwijgen. Terwijl de officier de nagels van zijn linkerhand bestudeerde en zijn rechterhand losjes op het nieuwe paspoort legde, dwaalde zijn blik naar de jongen, met de uitdrukking van een roofdier dat nog niet besloten heeft wat het met zijn prooi zal doen: meteen doden of er eerst nog even mee spelen.”

Afluisterapparatuur

De dissidente kringen waartoe Forgach als twintiger behoorde, komen ook in een ander licht te staan. In het familieappartement ‘onder de burcht van Boeda’ was het een komen en gaan van dissidente schrijvers, onder wie György Petri de meest gevierde was. Natuurlijk werden ze in de gaten gehouden, en er is geen treuriger hoofdstuk dan dat waarin ‘Mevrouw Pápai’ verplicht wordt de geheime dienst toegang tot het appartement te verschaffen om er afluisterapparatuur te plaatsen. De schrijver verbeeldt zich het moment waarop het zijn moeder begint te dagen dat ze haar zoon in het vizier hebben: “Terwijl ze naar luitenant Dóra keek, zag mevrouw Pápai plotseling iets wat ze niet kon benoemen. Ze werd doodsbang. Ze wist niet wat Dóra wist over haar zoon en zijn bezigheden.”

Het tweede deel van ‘De akte van mijn moeder’ bestaat uit citaten uit de dossiers, gelardeerd met commentaren van de schrijver. Die balanceren op de grens van ongeloof, boosheid en erkenning van de schuld van zijn moeder. Natuurlijk is dat noodzakelijk: de lezer wil nu eenmaal weten hoe de schrijver het verraad heeft ervaren. Toch zit Forgáchs grote meesterschap in het eerste deel: het op feiten gebaseerde, maar gefictionaliseerde verhaal van zijn ouders. Daarin treft hij zo’n fraaie toon dat zijn boek als het ware ‘ondanks de feiten’ een echte literaire parel mag worden genoemd. Forgách brengt daarin een geweldig eerbetoon aan zijn ouders, die hij beschrijft als de naïeve idealisten die ze ten slotte waren, terwijl hij niet kan vergeten - de dossiers liegen niet - dat ze mensen hebben verraden. Merkwaardig genoeg deden ze dat uit overtuiging.

“Veel mensen zullen dit vreemde gedachten vinden. Maar de twee jonge communisten, die zich bepaalde idealen vast in het harde hoofd hadden geprent, voelden deze dingen zo, en niet anders.”

András Forgách
De akte van mijn moeder
Vert. Rebekka Hermán Mostert. Cossee; 333 blz., € 24,99

Recensenten van Trouw bespreken pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers. Meer recensies leest u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden