OpinieHet nieuwe normaal

Anderhalve meter afstand kan bubbels doorbreken

We kunnen in onze bubbels blijven zitten, maar het coronavirus geeft ons ook verbinding met mensen die eerst ver van ons afstonden, signaleert Saniye Çelik, lector diversiteit en inclusie aan de Hogeschool Leiden.

Door de corona-uitbraak is nagenoeg iedereen voor wie dat mogelijk is, overgestapt op werken en studeren op afstand. Hetzij vanuit huis via internet, hetzij op de vertrouwde werkplek, maar dan wel met inachtneming van de zo hartstochtelijk aanbevolen anderhalve meter afstand tot de medemens. Door die 150 centimeter kunnen we het leven van anderen en van onszelf redden. We ­geven elkaar de ruimte en we houden meer rekening met elkaar.

Gedragskundigen verbazen zich erover dat wij ons (bijna) allemaal binnen een mum van tijd de nieuwe etiquette hebben eigen gemaakt. In hoog tempo hebben we de transitie ondergaan naar online in verbinding staan met elkaar, en we tonen ons meer dan vroeger bezorgd voor elkaar. De vraag is of deze crisis de verbinding tussen mensen versterkt of dat het isolement hun leefwereld juist kleiner maakt. Het lijkt erop dat door de anderhalvemeterregel iets paradoxaals gebeurt: afstand lijkt inclusie te versterken maar ook het zich ­terugtrekken in de eigen bubbel.

Laten we eerst stilstaan bij het begrip inclusie, want inclusiviteit wordt vaak verward met diversiteit. Diversiteit gaat over verschillen tussen mensen, inclusie over het insluiten van deze verschillen. In een inclusieve omgeving geven we ruimte aan elkaar en hoort ­iedereen erbij, kortom, ervaart ieder ­geborgenheid.

Individuele keuze

Diversiteit is een vaststaand feit in onze samenleving, maar inclusie blijft een individuele keuze. Door de uitbraak van het coronavirus lijkt het dat we ons anders zijn gaan gedragen. Omdat het ons persoonlijk raakt, gedragen we ons anders. We letten bijvoorbeeld meer op elkaar. Waarden als saamhorigheid en gelijkheid krijgen meer betekenis. Frappant is dat we onze geliefden, vrienden en collega’s op anderhalve meter afstand hebben gezet. Maar mensen die veel verder van ons af stonden, hebben we naderbij gehaald tot die anderhalve meter. We zijn ons ervan bewust dat we allemaal in hetzelfde schuitje zitten. Er is één maar: geldt die betrokkenheid echt voor iedereen of sluiten we mensen buiten?

Elk individu kan in meer of mindere mate bijdragen aan meer inclusie. Collega’s, studenten en buren vragen elkaar vaker dan eerder hoe het gaat en wensen elkaar een goede gezondheid. Er ontstaan allerlei initiatieven om elkaar te ondersteunen en binnenboord te houden. Denk aan de mensen die boodschappen doen voor niet zo mobiele buren, of aan scholen die leerlingen voorzien van laptops zodat die op afstand onderwijs kunnen volgen. Het coronavirus zorgt voor verbinding.

Samen moeten we het doen

De woorden samen en anderhalve meter afstand lijken het nieuwe normaal te worden. We horen ze overal: in de ­politiek, het onderwijs, de zorg. Het maakt niet uit wie je bent, waar je vandaan komt, wat je identiteit is, we zorgen voor elkaar is nu het devies. “Samen met 17 miljoen mensen moeten we het doen”, herhaalt premier Rutte bijna dagelijks sinds de corona-uitbraak.

Hoe bemoedigend dat ook is, we weten dat we de honderd procent inclusie niet kunnen bereiken. Er zullen altijd met elkaar botsende verschillen zijn tussen mensen. Altijd onoverbrugbare tegenstellingen. Daarom zullen we moeten accepteren dat het aardse paradijs ver voorbij onze horizon van mogelijkheden ligt. Zeker, crises als deze kunnen ervoor zorgen dat mensen ook in hun eigen bubbel blijven.

Toch is er geen andere conclusie mogelijk: wonderlijk genoeg breekt de anderhalvemeternorm het ijs en maakt die de doorvaart vrij naar meer inclusie in de samenleving en op het werk. Wie dat van belang vindt, trekt deze tendens ná de crisis door en zorgt ervoor dat de inclusiegolf doorsijpelt tot de haarvaten van de samenleving. Dan komt het aardse paradijs misschien wel anderhalve meter dichterbij.

Lees ook:

De coronacrisis laat zien: de wereld kan beter. Gaat ons dat lukken?

Is de coronacrisis een kans om de wereld te verbeteren, vraagt het filosofisch elftal zich af. Of is dat naïef utopisme?

Prinses Irene: ‘Samen-leving is een prachtig woord’

De mens is vergeten dat hij deel uitmaakt van een groter geheel, zegt prinses Irene van Lippe-Biesterfeld. De coronacrisis is een kans om dat te veranderen. 

Een staatsman in crisistijd. Wat doet dat met het leiderschap van Mark Rutte?

Mark Rutte weet niet wat hij meemaakt. Ineens is hij premier in een ongekende crisis. Wat zegt dit over het leiderschap van Rutte? Wordt hij er een andere leider door, of wacht hem na het virus een ander land? Het wordt in ieder geval loodzwaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden