Amsterdam verscherpt toelating op scholen

Van onze onderwijsredactie AMSTERDAM - Amsterdam gaat de toelating tot het voortgezet onderwijs verscherpen.

Ouders kunnen vanaf komend schooljaar jaar niet langer met hun kind langs verschillende scholen gaan om het zo 'hoog' mogelijk in het voortgezet onderwijs te krijgen.

Laat de ene school een kind op grond van z'n score bij de Cito-toets niet toe tot bijvoorbeeld mavo, dan doet een andere school dat voortaan evenmin.

De toelating tot Amsterdamse scholen wordt scherper, omdat de huidige, soepele toelating een oorzaak zou zijn van de hoge cijfers voor 'schooluitval' in de hoofdstad. Toelating tot het voortgezet onderwijs gebeurt overal in Nederland op grond van twee criteria: het advies van de basisschool en een toetsuitslag, vaak die van het Cito. Die uitslag is een getal tussen 500 en 550.

Meer gewicht

De Amsterdamse afspraak tussen de gemeente en het voortgezet onderwijs houdt ook in dat toetsen in verhouding meer gewicht krijgen, al noemde PvdA-wethouder drs. J. van der Aa de voorspellende waarde van toetsen gistermorgen 'beperkt'. “Het advies van een ervaren leerkracht is nog altijd een van de beste voorspellers”, zei hij, “beter dan een goede test. Al zul je altijd verhalen houden van kinderen die, tegen alle adviezen in, toch in vijf jaar een havo-diploma haalden.”

Wijkt het advies van een basisschool een beetje af van wat de toets uitwijst, dan moeten de nieuwe school en de leerkracht van groep acht voortaan met elkaar overleggen. Wijkt de toets sterk af van wat de basisschool adviseert, dan moet het kind een extra test doen. Die is over de hele stad identiek.

Scholen die zich niet aan de afspraak houden riskeren financiële straf. Ze delen niet meer mee in het gemeentelijke onderwijsbudget van Amsterdam, jaarlijks 16 miljoen gulden. “Dat is een paar ton per school”, aldus Van der Aa, “dus er is wel degelijk een stok achter de deur.”

De praktijk leert dat Amsterdamse kinderen 'hoger' worden doorverwezen dan kinderen in de rest van Nederland. Amsterdamse kinderen behalen fors lagere Cito-uitslagen, maar ze komen niet in de bijpassende onderwijssoort terecht. Het verschil tussen score en werkelijkheid is het grootst, bijna elf punten op de Cito-schaal, bij scholen voor VBO/avo ('brede' scholengemeenschappen).

- Vervolg op pagina 3

Lat moet net zo hoog als in de rest van Nederland VERVOLG VAN PAGINA 1

Een kind met 515 punten blijkt in Amsterdam op een dergelijke school te worden toegelaten, terwijl een zelfde kind elders in Nederland op het IVBO zit, het individueel beroepsonderwijs. De drie categorale gymnasia in Amsterdam zijn maar een fractie soepeler dan hun collega-scholen elders in Nederland.

De grootste aanscherping is in Van der Aa's plan dan ook te zien bij de regels voor de brede scholengemeenschappen. Zij moeten de lat tien punten hoger gaan leggen - waar hij in de rest van Nederland in de praktijk al wordt gelegd. Op zo'n school is een Amsterdams kind voortaan pas 'automatisch toelaatbaar' vanaf 526 Cito-punten.

Van der Aa verwacht van zijn maatregel vooral dat het beroepsonderwijs in de hoofdstad zal groeien. De wethouder: “De eerste klas is daar nu vaak klein, pas in de hogere klassen zijn er meer leerlingen. Daaraan zie je dat kinderen te hoog worden doorverwezen, stranden, en pas dan op de juiste plek terechtkomen.”

Waren de Amsterdamse groep acht-kinderen van 1995 op de nieuwe manier doorverwezen, dan was maar 47 procent van de kinderen automatisch op de school terechtgekomen waar ze nu zitten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden