Amsterdam barst van lotingsstress

Nieuwe plaatsingsmethode voor middelbare school leidt tot iets minder verliezers, maar ook minder winnaars

De helpdesk voor uitgelote eersteklassers in Amsterdam is inmiddels ondergebracht op een geheim adres. De desk kreeg telefonische bedreigingen van ouders die woedend zijn over de school die hun kind kreeg toegewezen.

De teleurstelling in de stad is groot nadat bijna 2000 van de 8000 achtstegroepers niet op hun school van eerste voorkeur werden geplaatst, vertelt Menno van de Koppel van de Onderwijs Consumenten Organisatie (OCO). "Dat is vier keer meer dan vorig jaar." In Amsterdam werd er afgelopen jaar voor gekozen om kinderen een ranglijst van favoriete scholen te laten maken. Schoolkeuze is in de stad geen kwestie meer van één voorkeur, maar van een waaier aan voorkeuren. De gedachte is dat door kinderen op een van de favoriete scholen te plaatsen in plaats van op die ene, er meer kinderen op een school terechtkomen die ze echt leuk vinden.

De koepel van schoolbesturen OSVO wilde zoveel mogelijk kinderen in hun top-3 plaatsen. Een klein aantal zou misschien terechtkomen op een school die 4de, 5de of 6de op de ranglijst staat. Amsterdam wilde zo een einde maken aan het drama van eerdere jaren, waarbij zo'n 500 leerlingen werden 'uitgeloot' en een moeizame zoektocht moesten aangaan naar een nieuwe plek.

Maar het resultaat van de nieuwe loting was minder goed dan verwacht: 375 kinderen vielen buiten hun top-3. Vooral op havo- en vwo-niveau doen zich problemen voor. Pijnlijk is dat klasgenootjes vaak wel een plek kregen op de school die een leerling juist zo leuk leek. Van de Koppel: "Er zijn klasgenootjes die allebei zijn geplaatst op een middelbare school van 4de of 5de voorkeur, en als zij zouden ruilen beiden op hun eerste keus zouden belanden. Maar ruilen mag niet."

Op deze bizarre situatie hadden de leerlingen misschien beter voorbereid moeten worden, denkt hoogleraar economie Bas van der Klaauw, die onderzoek deed naar het plaatsingssysteem. Deze is inherent aan het nieuwe systeem. Hij heeft er wel een paar goede argumenten voor. "Een leerling is alleen een aantrekkelijke ruilpartner als hij terecht is gekomen op een populaire school. Daarom zullen leerlingen ook als tweede, derde, vierde voorkeur populaire scholen opgeven. Dat zal de druk op deze scholen nog verder vergroten. De uiteindelijke plaatsing kan daardoor slechter uitvallen dan in een systeem dat ruilen verbiedt."

Door het nieuwe systeem wilde Amsterdam juist dat kinderen niet meer strategisch zouden kiezen, en een ranglijstje van scholen zouden geven die zij echt het leukste vinden.

Een ander probleem met ruilen is dat je een ander kind ermee dupeert. Van der Klaauw: "Een ruilsituatie kan alleen maar tot stand komen als er minimaal drie leerlingen bij betrokken zijn. Als twee leerlingen ruilen, loopt er ergens in de stad een derde leerling rond die niet uitgeloot is op een school, maar daar een gunstiger lotingsnummer had dan een leerling die er uiteindelijk wel heen kan." Maar Van der Klaauw geeft toe dat het lastig blijft. "Het systeem is misschien gewoon te moeilijk uit te leggen."

Ondertussen proberen ouders op eigen houtje alsnog een goede plek voor hun kind te regelen. Een rector die anoniem wil blijven maar bekend is bij de redactie, zegt dat hij nu al iedere dag dezelfde ouders van zo'n veertig uitgelote kinderen aan de lijn krijgt met de vraag of er al plek is.

Van de Koppel van OCO vraagt zich af of het systeem zo in stand kan blijven. "De nieuwe plaatsingsmethode levert iets minder verliezers op, maar ook minder winnaars. Je moet als scholen met ouders en de gemeente een ethische discussie voeren of je dat wilt."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden