Amnestie politie-agenten houdt Zuid-Afrika verdeeld

AMSTERDAM - De Zuidafrikaanse president, Nelson Mandela, en vice-president F. W. de Klerk hebben gisteren hun onenigheid bijgelegd over amnestie voor 3500 politie-agenten en twee ministers die onder het apartheidsregime misdaden begingen.

Een kabinetscrisis lijkt van de baan, maar een fundamentele oplossing voor de in mist gehulde kwestie vonden de twee niet. Die moet nu komen van een (zoveelste) commissie, zo kwamen ze overeen.

Na hun beraad gaven De Klerk en Mandela een verklaring uit, waarin zij benadrukten dat zij uitgingen van “elkaars goede vertrouwen en integriteit”. Die toonzetting was alvast heel wat zachter dan de afgelopen week. Tijdens het kabinetsberaad van woensdag had De Klerk nog gezegd dat hij en zijn Nationale Partij “kwaadwillig beledigd” waren door het ANC, die een “oneerlijke, ongerechtvaardigde en onacceptabele aanval” zou hebben gedaan. Zo verbolgen was De Klerk, dat hij te kennen gaf 'zich op zijn positie te beraden'. Later ontkende hij dat hij daarmee had gedreigd op te stappen.

De ruzie begon vorige week, toen de ANC-minister van justitie, Dullah Omar, een ontdekking deed: De Klerk had in zijn nadagen als president, pal voor de verkiezingen eind april, amnestie verleend aan 3500 politiemannen en de ministers van defensie en politie, Magnus Malan en Adriaan Vlok. Op de lijst stond ook politie-chef Johan van der Merwe. Alle betrokkenen hadden een standaardformulier in het Afrikaans ondertekend, waarop zij eenvoudig vrijwaring van rechtsvervolging vroegen voor al hun daden, begaan tijdens de uitoefening van hun dienst.

Volgens De Klerk was er niets mis met deze verzoeken, en zijn inwilliging daarvan. Maar het ANC gaf te kennen dat dit generale pardon geen rechtsgeldigheid had, omdat het was verleend buiten medeweten van het ANC - dat destijds zitting had in de Nationale Overgangsraad, die gekend moest worden in alle besluiten van de regering.

De Klerk voert aan te hebben gehandeld op basis van twee amnestiewetten uit 1990 en 1992 - dezelfde wetten waardoor duizenden ANC-ballingen konden terugkeren en politieke gevangenen werden vrijgelaten. Maar de ANC'ers die destijds amnestie vroegen, moesten hun verzoeken uit en te na met toelichtingen omkleden. Dat is nogal andere koek dan de door De Klerk gestempelde standaardformulieren, meent het ANC.

De moeilijkheid met de wetten waarop De Klerk zich beroept, is dat de Nationale Partij en het ANC het destijds niet eens waren over de betekenis daarvan. Het ANC zat met het probleem dat zijn kader grotendeels in het buitenland of in de gevangenis zat, en er niet te ontkomen viel aan een juridische kwijtschelding van 'politiek gemotiveerde misdaden'. Maar het ANC wilde zich het recht voorbehouden om (na de verkiezingen) politieke, militaire en politie-functionarissen te vervolgen die buiten hun boekje waren gegaan bij de uitoefening van hun beroep.

Na de totstandkoming van de regering van nationale eenheid in mei brak over de kwestie meteen onenigheid uit tussen de coalitie-partners, ANC, NP en Inkatha. De discussie spitste zich toe op de wenselijkheid van een 'Commissie van de Waarheid', om onderzoek te doen naar alle misdaden en 'vuile trucs' die onder de apartheid zijn begaan.

Voor het ANC stond vast dat die commissie er moest komen. Overigens zijn er ook ANC'ers tegen het idee. De huidige ANC-minister van defensie, Joe Modise, beschuldigd van betrokkenheid van misdaden in gevangenenkampen van het ANC, is bijvoorbeeld tegen. Maar ook iemand als ANC-voorman Albie Sachs, die in 1988 een arm verloor bij een bomaanslag door de Zuidafrikaanse geheime dienst, ziet geen noodzaak in het openhalen van oude wonden.

Geen wonder dat ook Inkatha en Nationale Partij, beide beschuldigd van betrokkenheid bij de vuile oorlog tegen het ANC, tegen zo'n commissie waren. Furieus werden ze, toen het ANC de commissie er toch eenzijdig 'doordrukte'. Vervolgens spitste de discussie zich vooral toe op de werkwijze van de commissie: moest die in het openbaar werken of achter gesloten deuren?

De zin of onzin van de Waarheidscommissie houdt direct verband met de status van het pardon dat De Klerk de 3500 beambten verleende. Zelfs binnen de NP bestaat daarover geen eensgezindheid. De voormalige minister van Justitie, Kobie Coetsee, zegt destijds niets te hebben geweten van de amnestie; minister Pik Botha meent dat De Klerks amnestie niets te betekenen heeft zonder bekrachting door rechtbanken.

“Het verleden is het verleden”, zei Mandela gisteren. Daarmee doelde hij slechts op de stekeligheden tussen hem en De Klerk. Maar de kwestie houdt de partijen onderling en intern verdeeld. Mogelijk hebben De Klerk en Mandela al een compromis gevonden, zoals een Waarheidscommissie achter gesloten deuren. Maar dan nog is het probleem voor het kabinet, dat toch al steeds meer tekenen van verdeeldheid vertoont, niet opgelost.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden