Amerikaanse minimalist Charlemagne Palestine bouwt voort op vertrouwde patronen

Het Impakt Festival duurt nog t/m zondag en biedt in de Utrechtse zalen van Kikker en 't Hoogt muziekoptredens, installaties, films, video en multimediaprodukties. Voor meer informatie, telefoon: (030) 294 44 93.

Palestine behoort in één adem genoemd te worden met medepioniers Philip Glass, Steve Reich, Terry Riley en LaMonte Young. Van de vijf heeft hij nooit een groot publiek bereikt, omdat hij als enige trouw is gebleven aan de fysieke, tijdloze uitgangspunten van de repetitieve muziek.

Kun je van Glass en zeker van Reich - van Riley en Young hoor je al jaren niet meer zoveel - zeggen dat er een zekere ontwikkeling in hun muziek zit, die van Palestine is al jaren onveranderd. Het enige verschil is misschien de verminderde energie van de pianist. Vroeger was hij onvermoeibaar en konden zijn concerten uren duren. Tegenwoordig beperkt hij zich keurig tot twee behapbare sets. Maar de aanpak is identiek. Nog steeds omringt hij zich met 'opgezette' dieren (poppen van apen) en 'magische' voorwerpen uit Afrika en het verre oosten. En nog steeds speelt hij zijn muziek terwijl hij onophoudelijk een sigaret rookt.

Palestine ziet zijn muziek als een 'work in progress', een werk dat voortdurend opnieuw wordt uitgevonden en verfijnd. Dat klopt wel. De patronen zijn elke keer anders en de aanpak duidt op een zekere verfijning; maar, nogmaals, een daadwerkelijke ontwikkeling is er niet. In Palestine's geval is dat geen bezwaar. Zijn muziek heeft weliswaar een eindstadium bereikt, maar dat maakt de herhaling van het muzikale product niet minder waardevol.

Andere middelen

Er zijn namelijk niet zoveel mensen die vergelijkbare muziek maken. Componisten als Phill Niblock, Glenn Branca en Rhys Chatham bereiken vergelijkbare resultaten met andere middelen. Zij gebruiken ensembles en/of orkesten en zetten middels excessieve geluidsversterking geluidsmuren op waarin vergelijkbare boventoonstructuren ontstaan.

Palestine doet dat met de Bösendorfer Imperial Grand Piano, waarvan hij de demperpedaal voortdurend ingedrukt houdt, zodat de tonen gaan rondzingen. De basis van zijn muziek vormen simpele, met krachtige aanslag gehouwen, gradueel verschuivende patronen. Maar waar het om draait zijn de bouwwerken van boventonen die de zaal al snel tot in alle hoeken en gaten vullen. In die bouwwerken hoor je al gauw hele orkesten: strijkers en blazers, vooral hobo's en klarinetten. Het kan suggestie zijn, maar het resultaat is er niet minder boeiend om.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden