Amerika bestaat niet

President Obama sprak in zijn State of the Union over de Verenigde Staten als één natie. 'Eenheid? Dit zijn elf naties', zegt historicus Colin Woodard.

Het was een mooie speech waarmee Barack Obama in 2004 op slag beroemd werd. Maar wat had hij ongelijk, met zijn "Ik zeg deze avond: er is niet een progressief Amerika en een conservatief Amerika, er is een Verenigde Staten van Amerika!"

Negen jaar later, voorbij de helft van zijn presidentschap, roffelt hij nog altijd op dezelfde retorische trom. "Wat volgens mij het volk van deze natie verenigt, ongeacht ras of regio of partij, jong of oud, rijk of arm, is het simpele, vaste geloof in kansen voor iedereen", zei hij dinsdag in zijn State of the Union. Maar wie het nieuws in zijn land een beetje volgt, vraagt zich af: welke Union?

De Verenigde Staten zijn erger verdeeld dan ooit. Over de rol van de overheid, de rechten van werknemers en van immigranten, wapenbezit en abortus. Dat ene, verenigde Amerika, Obama heeft het niet omhoog kunnen praten uit de politieke en ideologische slangenkuil.

Omdat het niet bestaat.

Tot dat besef kwam journalist en historicus Colin Woodard jaren geleden toen hij terugkwam van een correspondentschap voor The San Francisco Chronicle in Midden-Europa. "Ik heb in Boedapest gestudeerd, daarna schreef ik over de Balkan, over de spanningen tussen de groepen daar, en wat er uiteindelijk gebeurde in Bosnië."

Iedereen in de Balkan kent de geschiedenis. "Dat de grenzen op de kaart daar niet overeenkomen met de historische scheidslijnen, dat weet je niet alleen, je voelt het gewoon, als je bijvoorbeeld in Polen het stuk binnenrijdt dat niet onder het Oostenrijks-Hongaarse rijk viel. En toen ik terugkwam in de Verenigde Staten voelde ik precies hetzelfde."

Zijn land, besefte Woodard, bestaat net als ooit het Habsburgse rijk uit meerdere naties. Hij schreef daarover het boek 'American Nations', want hij vindt dat zijn landgenoten het moeten weten: "Wij kennen ons eigen verhaal niet. Dat is geen optimale situatie. Mensen zijn zich ervan bewust dat regio's een grote rol spelen, en ze weten ook wel of ze in een 'blauwe', Democratische of een 'rode', Republikeinse staat wonen. Maar ze hebben daarbij niet de juiste landkaart voor ogen."

Elf naties, elf culturen
Die kaart negeert de grenzen van de vijftig deelstaten van de Verenigde Staten. Zij negeert zelfs de landsgrenzen die door Noord-Amerika zijn getrokken, want de elf naties van Woodard bestrijken ook heel Canada en een deel van Mexico. Elf culturen zijn het, op één na allemaal door Europeanen naar het continent gebracht. En zoals dat gaat met culturen, verloren ze allerlei tradities en brachten immigranten er nieuwe ideeën binnen, maar dat betekende nog niet dat ze versmolten.

Een toetssteen van de regionale identiteit is in Amerika opvallend vaak het begrip 'vrijheid', zegt Woodard. Heel Amerika zweert erbij, maar overal betekent het weer wat anders. Voor mensen uit de straatarme, bergachtige streek landinwaarts van de eerst koloniën, de Appalachen, betekent vrijheid dat de overheid zich niet met je bemoeit, en je buren al evenmin. Wat Woodard 'Greater Appalachia' noemt, werd bevolkt door straatarme mensen uit Noord-Ierland en het grensgebied tussen Engeland en Schotland. Eeuwen van conflicten hadden hen geleerd uitsluitend op de eigen clan of familie te vertrouwen.

Vrijheid betekende iets heel anders voor de Nederlanders die zich rond Manhattan vestigden en langs de Hudson. Een democratie was 'New Netherland' niet, de Verenigde West-Indische Compagnie was er de baas, en later een Engelse gouverneur. Maar als handelscentrum moest de kolonie het hebben van volstrekte vrijheid van meningsuiting, geloof en negotie. Woodard trekt een rechte lijn naar de positie van het huidige kosmopolitische New York als financieel en cultureel centrum.

En voor de suiker- en katoenboeren in 'the Deep South' hield vrijheid vooral 'privilege' in: het recht om te leven zoals je wilde, heel vanzelfsprekend ten koste van mensen die het minder getroffen hadden, zoals je slaven. In die streken vind je nu de radicaalste voorstanders van onbelemmerd ondernemerschap en lage belastingen.

Elf naties proberen volgens Woodard al zo'n vier eeuwen, in steeds wisselende coalities, Noord-Amerika te domineren. Vier eeuwen, niet ruim twee, zoals de meeste Amerikanen hem automatisch zouden verbeteren: "De stichters van Amerika zijn niet die mannen die zich aaneensloten om de Britten te bevechten. Die waren de achter-achterkleinkinderen van de echte stichters."

Die kwamen met heel verschillende doelstellingen naar Amerika. Neem de twee belangrijkste groepen, de Engelsen die aan land gingen in wat nu Boston, Massachusetts is en de Engelsen die dat deden in Charleston, South Carolina.

Puriteinen
De eersten waren afkomstig uit East Anglia, de uitstulping van Engeland waar Nederland elke avond tegenaan kijkt als op het journaal het weerbericht aan de beurt is. Die nabijheid had zijn weerslag: ook daar bloeide het calvinisme, in een variant die zo streng was, dat de beoefenaren, de Puriteinen, het in Engeland niet uithielden en op zoek gingen naar een gebied waar ze het ware geloof konden beleven en verspreiden.

Dat werd eerst Massachusetts, en gaandeweg het grotere gebied dat nu de verzamelnaam New England heeft. De bewoners heten Yankees. Ze wonen graag in compacte stadjes en dorpjes die zoveel mogelijk hun eigen zaken regelen. Het verminken van andersgelovigen en het executeren van echtbrekers is in onbruik geraakt, maar nog steeds willen Yankees graag andere mensen vertellen hoe ze het beste kunnen leven.

Dat moesten ze liever niet proberen met de inwoners van het Diepe Zuiden. Dat waren planters uit Barbados, waar een keiharde slaveneconomie een selecte groep Engelse suikerboeren grote welstand had gebracht. Die suikerteelt lukte alleen in de Amerikaanse kuststrook, maar verder naar het westen kon je ook heel profijtelijk katoen verbouwen

En de rest is geschiedenis. Die slavenhouderij leidde tot grote tegenstellingen met de Yankees en andere groepen in het jonge Amerika, en uiteindelijk tot een burgeroorlog. Die werd gewonnen door de Yankees.

"Die oorlog was zo traumatisch, met honderdduizenden doden, dat er daarna een verhaal werd geconstrueerd over een land dat een eenheid was", zegt Woodard. "Vóór de Burgeroorlog zeiden mensen 'mijn land' en dan bedoelden ze New England of New Netherland. Na de oorlog kreeg je het door historici uit Harvard en Yale geschreven verhaal over de Pilgrim Fathers die naar Amerika kwamen via Leiden. Maar dat is de Yankee-versie van de geschiedenis. En die is al een hele tijd aan het slijten. De polarisatie is veel te sterk."

Twee coalities: zuid en noord
De politieke tweedeling in de Verenigde Staten waar Obama vergeefs een einde aan hoopte te maken, moet je volgens Woodard zien als de tegenstelling tussen twee coalities, een zuidelijke en een noordelijke, van elk drie naties. Enkele andere naties wisselen regelmatig van kamp, waardoor soms de noordelijken en soms de zuidelijken de politieke overhand krijgen.

De scheidslijnen liepen vroeger dwars door partijgrenzen heen, maar dat is voorbij. President George H.W. Bush was bijvoorbeeld wel Republikein, maar kreeg veel stemmen uit New England, waar hij was opgegroeid. Dat doen nu niet veel Republikeinen hem meer na. Zijn zoon, president George W. Bush groeide op in Texas en was overduidelijk een kind van het Diepe Zuiden.

Krijgt Woodard met zulke analyses niet enorm op zijn kop van historici en lezers, in een land waarvan de ontstaansgeschiedenis met een geur van heiligheid is omgeven? "Nee, dat is juist zo grappig. De kritiek die ik krijg, gaat vooral over hoe ik de grenzen trek: ze zeggen bijvoorbeeld, Pittsburgh hoort toch echt bij Greater Appalachia. Daar hebben ze heel concrete gedachten over; iedereen weet dat New York City en 'upstate New York' twee heel verschillende culturen zijn, mensen hebben het sinds jaar en dag over 'de drie Marylands', en 'de drie Texassen'. Maar het grote overzicht hadden ze niet."

En wordt hij niet wanhopig als hij politieke analyses leest die dan toch weer doen alsof we het hebben over één land dat het tijdelijk even met zichzelf te kwaad heeft?

"Van een bepaald soort analyse krijg ik dat wel ja. Als de commentator iets beweert over 'het Amerikaanse ideaal', want dat is dan altijd het ideaal van maar één regionale cultuur. Of als peilers een verkiezing verkeerd voorspellen, omdat ze geen idee hebben dat dwars door een staat of district de grens tussen twee naties loopt."

De Verenigde Staten, het land van elf volken
De Amerikanen zijn niet één volk, verdeeld over vijftig staten, vindt Colin Woodard, maar elf volken, die in heel Noord-Amerika strijd leveren om grondgebied en invloed. De kenmerken van die volken grijpen vaakterug op de koloniale tijd.

1. Yankeedom
Oorsprong: Engelse calvinisten, op zoek naar een plek om ongestoord hun geloof te beleven en te verspreiden.

Waarden: onderwijs, democratie, een sterke lokale overheid.

Opgekomen in: New England in de VS.

Huidig gebied: New England; een aantal staten ten westen daarvan; de aan de Atlantische Oceaan gelegen provincies van Canada.

Bijdrage aan de VS: het idee van Amerika als voorbeeld voor de hele wereld, leerplicht, top-universiteiten, het einde van de slavernij, anti-discriminatiewetten, het sociale vangnet.

2. New Netherland
Oorsprong: Nederlandse kolonisten die handel kwamen drijven met de indianen, aangevuld met immigranten uit een veelheid van landen.

Waarden: vrijheid van meningsuiting en religie; handeldrijvend en materialistisch.

Opgekomen in: New York (de stad en de staat); Delaware, delen van Connecticut en New Jersey.

Huidig gebied: de stad New York en een klein omliggend gebied.

Bijdrage aan VS: de constitutionele grondrechten; het handels- en culturele centrum New York City.

3. Midlands
Oorsprong: Engelse Quakers, die in eigen land vervolgd werden; immigranten uit andere door godsdienstoorlogen geteisterde landen die bij de Quakers welkom waren ongeacht religie.

Waarden: tolerantie, wantrouwen tegen sterke centrale regering.

Opgekomen in: Pennsylvania.

Huidig gebied: Pennsylvania en de ten westen en noorden daarvan gelegen staten; de Canadese provincie Ontario.

Bijdrage aan VS: het standaard-Amerikaans, gematigde opvattingen, de vaak doorslaggevende stem bij presidentsverkiezingen.

4. Tidewater
Oorsprong: jonge, niet ervende zonen van Engelse landedelen.

Waarden: standsverschil tussen de elite en arme boeren (later: slaven); paternalisme ten opzichte van die groepen.

Opgekomen in : Virginia, Maryland, North Carolina, Delaware.

Huidig gebied: Slinkende delen van die staten.

Bijdrage aan VS: de staatsvorm, met Senaat en kiescollege voor president.

5. Greater Appalachia
Oorsprong: 'Borderlanders' uit het eeuwenlang onrustige grensgebied tussen Engeland en Schotland en uit Noord-Ierland.

Waarden: persoonlijke vrijheid, vertrouwen op familie en wantrouwen tegen overheid; vechtlust.

Opgekomen in: het deel van het Appalachen-gebergte dat van Georgia tot Virginia loopt.

Huidig gebied: de Appalachen en gebieden ten westen en zuiden ervan, tot in Oklahoma en Texas.

Bijdrage aan VS: bluegrass-muziek, evangelische kerken, veel militairen.

6. The Deep South
Oorsprong: Engelse suikerrietplanters uit Barbados

Waarden: extreem elitarisme: ideale staatsvorm is de Romeinse republiek, waarin niet alleen zwarten, maar zelfs inferieure blanken slaaf zijn.

Opgekomen in: Zuid-Carolina.

Huidig gebied: zuiden van de VS, tot in Texas.

Bijdrage aan VS: de Burgeroorlog, de zwakke positie van werknemers, de zwarte cultuur, blues.

7. New France
Oorsprong: Franse kolonisten, vermengd met Indianen.

Waarden: egalitair, consensus, weinig religieus.

Opgekomen in: het oosten van Canada.

Huidig gebied: delen van Québec, New Brunswick en Louisiana.

Bijdrage aan Canada: multiculturalisme, nadruk op consensus.

Bijdrage aan de VS: jazz.

8. El Norte
Oorsprong: Spaanse kolonisten.

Waarden: hard werken, weinig waardering voor regeringen in de verre hoofdsteden Mexico-Stad en Washington.

Opgekomen in: de grotendeels aan hun lot overgelaten noordelijke uithoeken van het Spaanse imperium.

Huidig gebied: Amerikaanse en Mexicaanse grensstaten.

Bijdrage aan VS en Mexico: ranches, cowboys.

Bijdrage aan Mexico: verzet tegen dictaturen.

9. Left Coast
Oorsprong: Yankees die kwamen koloniseren, Borderlanders die goud kwamen zoeken.

Waarden: het idealisme en vertrouwen in de overheid van de Yankees, het individualisme van de Borderlanders.

Opgekomen in: de westelijke kuststrook van de Verenigde Staten en Canada, van San Francisco tot Alaska.

Huidig gebied: dezelfde kuststrook.

Bijdrage aan de VS: Silicon Valley, de milieu-, vredes- en homobewegingen.

10. Far West
Oorsprong: migranten van overal die kwamen werken voor spoorweg- en mijnbouwbedrijven.

Waarden: scepsis tegenover overheid, maar afhankelijk van grote bedrijven en staatssubsidies.

Opgekomen in/huidig gebied: de voor landbouw ongeschikte strook tussen de grens met Mexico en Noord-Canada.

Bijdrage aan VS en Canada: het ideaal van een land van onbegrensde mogelijkheden, ontgonnen door stoere pioniers.

11. First Nation
Oorsprong: de oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika.

Waarden: gemeenschappelijk eigendom van natuurlijke hulpbronnen.

Opgekomen in: heel Noord-Amerika, in de Verenigde Staten en zuidelijk Canada, vrijwel overal uitgeroeid of verdreven naar reservaten.

Huidig gebied: autonome regio's in Canada, Groenland, enkele grote reservaten in de VS.

Bijdrage aan de VS en Canada: geen. Maar in Canada en Groenland krijgen ze steeds meer autonomie en dus invloed.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden