Ambtenaren gaan op de racefiets nieuw elan tonen

EMMEN - Twee topambtenaren van de gemeente Emmen voerden lange tijd een schrikbewind. In juni 1996 werden ze ontslagen. Op 9 september zullen ze dat voor de bestuursrechter aanvechten. Dezelfde maand verschijnen ze, samen met een oud-interim-gemeentesecretaris voor de strafrechter. Is Emmen inmiddels over de problemen heen?

“Geen enkele naoorlogse gemeente heeft op bestuurlijk en ambtelijk niveau zo'n enstige crisis meegemaakt”, zegt waarnemend burgemeester P. van der Velden van Emmen. In april 1996 kwam hij naar Drenthe. Een schokkend rapport van Ed van Thijn, Jos Staatsen en Jean Engelen van het Amsterdamse interim management bureau BCG was toen net verschenen. De hoofdverantwoordelijken voor de verziekte verhoudingen, het voltallige gemeentebestuur en de directeuren H. van den Elst en H. Boersma, hadden daarop het strijdtoneel verlaten.

De ellende in Emmen begon met een reorganisatie die eind jaren tachtig was ingezet. Het model van centrale sturing van het management werd losgelaten. Een klein aantal topambtenaren zag daardoor kans het gemeentebestuur steeds meer te domineren.

De in 1991 aangetreden gemeentesecretaris, formeel de hoogste ambtenaar en scharnier tussen ambtenarij en bestuur, werd het eerste slachtoffer van het getouwtrek om de macht.

Na diens vertrek in 1993 maakten H. van den Elst, H. Boersma en de bij Moret, Ernst en Young ingehuurde interim-gemeentesecretaris L. Rasser op het gemeentehuis de dienst uit. Op een arrogante en agressieve manier, aldus het BCG-rapport. Op alle mogelijke manieren werd het personeel geïntimideerd. Medewerkers moesten loyaliteitsverklaringen ondertekenen en kregen te maken met woedeuitbarstingen en scheldpartijen. Uit bureauladen verdwenen stukken, gewiste persoonlijke computerbestanden werden teruggehaald.

Van medezeggenschap en inspraak was toen al lang geen sprake meer. Het gemeentebestuur, verstoken van informatie en vertrouwend op de professionaliteit van het management, berustte in de situatie. Onthullende artikelen in het Nieuwsblad van het Noorden werden afgedaan als stemmingmakerij.

Ook op financieel gebied kenden de hoge ambtenaren weinig grenzen. Terwijl de gemeente voor grote bezuinigingen stond, vertoonden ze “een opzichtige eet-, pauze- en drinkcultuur” binnen Emmense horecagelegenheden. Financieel directeur Boersma schafte voor zijn werkkamer bovendien perenhouten meubilair aan ter waarde van tienduizenden guldens.

Inmiddels liggen de meubels in de kelder van het stadhuis. Alleen een tafel, die 'functioneel' is, staat op de afdeling personeelszaken, zegt Van der Velden desgevraagd. De oud-burgemeester van Rosmalen wilde naar “een open en transparante organisatie, waarin mensen zich herkennen en elkaar respecteren, en waarin de plaats van het bestuur en de ambtelijke organisatie duidelijk is”. Het was, zegt hij, “een onvoorstelbaar intensief proces met heel pijnlijke kanten”.

Met steun van de interim-managers van BCG (tot eind vorig jaar) werd gepoogd de medezeggenschap en interne communicatie weer op gang te brengen. Cultuurverandering was het sleutelwoord. In december vond een eerste, grote conferentie plaats over loyaliteit, integriteit en tolerantie, voor alle 950 ambtenaren en de raadsleden.

Nu is er weer een ondernemingsraad, overleg met de vakbonden, een actieve personeelsvereniging en een personeelskrant met een onafhankelijke redactie. Van der Velden benadrukt de inzet en openheid van de betrokkenen. Hij kwam soms scepsis tegen maar kreeg ook mensen die lijnrecht tegenover elkaar hadden gestaan weer aan de praat, zegt hij. Zieken zijn er nog steeds, al is het verzuim “niet extreem hoog”.

De burgemeester: “Het is niet aan mij om te zeggen: ik prijs de situatie. Maar ik denk wel dat Emmen weer een heel normale gemeente is.”

Binnenkort fuseert Emmen met Schoonebeek. Emmen telt dan 105 000 inwoners. Gemeentesecretaris P. Koerhuis van Schoonebeek heeft er alle vertrouwen in. “We krijgen natuurlijk een partner die wat problemen heeft meegemaakt. Ik denk niet dat alles is opgelost, maar ik heb de indruk dat men druk doende is het verleden achter zich te laten”, zegt hij.

Een groep van 25 ambtenaren klimt deze maand op de racefiets voor een vijfdaagse promotietocht. Ze willen andere 'honderduizend-plus gemeenten' bezoeken, in de hoop straks ook in aanmerking te komen voor extra steun van het Rijk. “Een teken dat er weer nieuw elan is”, zegt hoofd voorlichting H. Oortmann, een van de initiatiefnemers.

Over het verleden praat hij liever niet. Hij zucht. “Het is al weer zo lang geleden. Hier en daar zit nog oud zeer. Maar wat ons betreft kijken we naar voren. We moeten verder.”

De samenvoeging van gemeenten betekent dat er nieuwe kandidatenlijsten moeten komen voor de Drentse raadsverkiezingen in oktober. Op de kadidatenlijst van de PvdA bezetten zittende raadsleden drie van de bovenste vier plaatsen.

Dat zij de crisis destijds lijdzaam aan zich voorbij lieten trekken, is voor het partijbestuur geen reden de fractieleden nu op een zijspoor te zetten. “De raad heeft geen greep gehad op wat er is gebeurd. Maar dat kun je niet aan afzonderlijke personen toeschrijven”, meent vice-voorzitter J. de Groote.

D. Janknecht, oud-informatie-adviseur op de afdeling personeel en organisatie, werd op 31 oktober 1995 door Boersma en Van den Elst geschorst en is in april vorig jaar gerehabiliteerd. Het heeft hem gestoken dat de gemeenteraad in zijn geheel is blijven zitten. “Het is voor mij een van de redenen waarom het erg moeilijk is geweest om weer voor de gemeente Emmen te gaan werken. Een paar raadsleden hebben me erg gesteund. Maar van de meesten heb ik nooit iets gehoord.”

Een tweede gerehabiliteerde ambtenaar werkt inmiddels weer op het stadhuis. Hij wil liever niet in de krant. Janknecht werkt thuis, aan projecten, op een door de gemeente ingerichte werkkamer. Op het gemeentehuis vertoont hij zich alleen voor besprekingen. “Het is een erg bedreigende omgeving voor me geworden.”

Waarom hij destijds is geschorst, is hem nooit officieel meegedeeld, zegt hij. “Ik werd een onbetrouwbaar mens genoemd, ik was geen geschikte collega.”

De bron van die beschuldiging: een privé-dagboek over de onverkwikkelijke gebeurtenissen, dat hij bijhield op de computer. Op onduidelijke wijze was het ontvreemd.

Na zijn schorsing werd Janknecht voor het voltallige personeel door het slijk gehaald. De topmanagers gaven zes directeuren opdracht om hun medewerkers een brief vol kwetsende passages voor te lezen.

Twee van die directeuren boden mij meteen daarna hun excuses aan, vertelt de ambtenaar. “De andere drie of vier knikken me nu vriendelijk toe als ik hen tegen kom. Ik vermoed dat ze vonden dat ze, gezien de hierarchie, die brief moesten voorlezen. Dat benauwt me wel.”

Als hij op het gemeentehuis komt, beginnen mensen vaak weer over vroeger. Dat ze het zo erg vinden hoe het is gegaan. “Wel lief hoor, maar ik ben altijd blij als ik weer weg kan.” Volgens Janknecht geniet de burgemeester “erg veel vertrouwen”. Hij heeft de indruk dat er “een belangrijke verandering” heeft plaatsgevonden. “Ik denk dat mensen nu hun mening kunnen ventileren, zonder dat dat represailles tot gevolg heeft. Maar het is beslist niet zo dat alles is verwerkt. Ik hoor van collega's dat sommige directeuren zich niet overtuigend hebben verantwoord voor wat er is gebeurd. Ze twijfelen daarom aan hun standvastigheid in het geval zich nog eens een crisis mocht voordoen.”

Janknecht meent dat sommige raadsleden en ex-wethouders inmiddels “bagatelliseren wat er is gebeurd”. Oud-wethouder van personeelszaken H. Brummel, nu raadslid voor de VVD, wuift die suggestie weg. “Je ziet wel dat mensen achteraf meer oog hebben voor nuances. Destijds had de raad een houding naar het college van: jullie wisten alles, maar jullie deden niets. Later kwam er meer begrip. Ik heb uitgelegd dat ik inderdaad een heleboel wist, maar geen bewijzen had om mensen te kunnen beschuldigen. Geen van de medewerkers reageerde destijds op mijn oproep met feiten te komen. Dat kwam natuurlijk door de angst die er was. Nu geven mensen wel toe: je zat ook in een heel moeilijke positie.”

Brummel vindt het achteraf gezien niet terecht dat het college is afgetreden. “Het was de emotie van het moment.” Dat het mogelijk was geweest om aan te blijven en toch het vertrouwen van de ambtelijke organisatie terug te winnen, heeft hij zelf ondervonden, zegt Brummel. “In mijn contact met ambtenaren merk ik niet dat er nog enige rancune zit. Integendeel.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden