Ambitieuze Afrikaanse unie mist eenheid

Ambitieus is de Common Market for Eastern and Southern Africa (Comesa) zeker. In 2004 moet er een vrij verkeer van geschoolde werkers zijn, in 2014 van alle personen. De bekroning volgt in 2025: een muntunie naar euro-model.

De leiders van de twintig Comesa-landen hebben zich deze week tijdens een Afrikaanse top in Zambia achter de grote plannen geschaard. Niet dat iedereen al van meet af aan mee wil en kan doen. In de voorhoede zitten Egypte, Djibouti, Kenia, Madagaskar, Malawi, Mauritius, Soedan, Zambia en Zimbabwe. Die negen landen, met 170 miljoen inwoners, zijn goed voor een markt van 128 miljard dollar. Zij zullen beginnen met het afschaffen van de tariefmuren voor de import. De bescheiden handel met de overige 11 Comesa-leden gaat echter op de oude voet verder.

In een tweede ronde van de vorming van de vrijhandelszone Comesa komen er zes landen bij. Uiteindelijk bestaat de zone uit twintig landen met 400 miljoen mensen en een gezamenlijke markt die ongeveer 160 miljard dollar waard is.

Het zou allemaal goed nieuws kunnen zijn voor de vele armen in de twintig landen. Uit de cijfers van de Wereldbank blijkt dat 300 miljoen mensen in Comesa het met minder dan een dollar per dag moeten doen. IMF en Wereldbank pleiten al jaren voor het slechten van de tariefmuren als een eerste voorwaarde voor het creëren van economische groei die ook de armoede kan bestrijden. Bij dat pleidooi wordt over het algemeen niet gesproken over het effect dat die afbraak van tariefwallen zal hebben op de regionale handel, maar eerder op de handel met Europa en de VS. Het effect op de regionale handel is er niet of nauwelijks. In Comesa, dat al sinds 1983 bestaat, is de onderlinge handel klein en de laatste jaren door de vele conflicten ook nog eens krimpend. Voordat Egypte in 1998 Comesa-lid werd, ging er in het samenwerkingsverband slechts 1,5 miljard dollar om.

Vele obstakels staan een succes van Comesa in de weg. Zo is van de drie economische motoren in Afrika -Egypte, Zuid-Afrika en Nigeria- alleen het eerste land lid van Comesa. Zuid-Afrika zoekt meer naar een regionale samenwerking in zuidelijk Afrika. Belangrijke partners daarbij zijn Mozambique en Botswana. In dat blok zou Zimbabwe niet misstaan. Dat land is onder president Mugabe weinig aantrekkelijk geworden voor de buurlanden. Zuid-Afrika en Mozambique gokken vooral op de zogeheten Maputo-corridor. In dat gebied, van de havenstad Maputo tot de industriestad Johannesburg, wordt met hulp van de Wereldbank veel geld gestoken. De havenstad Beira, met als achterland Zimbabwe, krijgt aanzienlijk minder geld en aandacht.

Niet alleen Mozambique is uit Comesa gestapt, ook Tanzania deed dat. Daardoor hebben de Comesa-leden Zimbabwe en Zambia geen directe route meer naar een haven via een Comesa-land. En dat kan nauwelijks een positief effect op de handel hebben.

De twintig landen mogen dan veel heil van een gezamenlijke toekomst verwachten, hun gezamenlijk verleden en heden vormt daarvoor een belangrijke belemmering. Kenia, Oeganda en Tanzania trachtten ooit samen een prima spoorlijn te onderhouden en exploiteren. Dat bleek niet te kunnen. In zuidelijk Afrika kwam een economisch samenwerkingsverband (SADC) ook amper van de grond. En in het heden ruziën Comesa-leden meer dan ze handeldrijven. Intern is het blok verdeeld over de strijd in Congo. In Soedan heerst nauwelijks iets anders dan een fragiele vrede. En Ethiopië en Eritrea hebben na een lange historie vol conflicten een broos bestand.

De economische kracht die de regio kan ontwikkelen, is zeer bescheiden. Van de 48 landen in Afrika, exclusief Zuid-Afrika, is het gemiddeld bruto binnenlands product niet groter dan dat van een stad van 60000 inwoners in een rijk westers land. Uit recente onderzoeken van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank en de Wereldbank blijkt verder dat tariefmuren nauwelijks serieuze belemmeringen zijn voor economische groei. De aids-epidemie, waardoor veel kennis en arbeidskracht verloren gaat, wordt als een veel groter obstakel beschouwd. De gebrekkige infrastructuur, waardoor de transportkosten in Afrika drie keer zo hoog zijn als in de rest van de wereld, heeft ook een groter negatief effect dan de tariefwallen.

Gezien deze slechte voortekenen is het niet goed verklaarbaar waarom de twintig leiders deze week spraken van een ,,moment van glorie en vreugde' bij de wedergeboorte van Comesa.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden