Altijd verlangen naar de zee

De zee, het strand en de bezoekers zijn een bron van inspiratie voor schilders en fotografen.

De mooiste combinatie hangt direct in de eerste zaal. Rechts: een duingezicht van Piet Mondriaan, links: een dijkweg van Jan Toorop. De Mondriaan oogt sprankelend, fris, alsof 'ie onlangs is schoongemaakt (wat inderdaad het geval blijkt); de Toorop: gloedvol, zinderend, niets dan kleur en schittering. Je kunt er een estafette in zien, zo u wilt, een wisseling van de wacht: Toorop, vijftiger, krijgt aan de Zeeuwse kust gezelschap van de zestien jaar jongere Mondriaan. Twee schilders - levens die elkaar raken als bekenden op de drempel van een café. Eén op weg naar binnen, de ander naar buiten.

De combinatie is het hoogte- en chronologisch eindpunt van Schilders aan Zee, een tentoonstelling over negentiende- en vroegtwintigste eeuwse Noordzeegezichten in het Singer Museum, Laren. Zij is samengesteld uit de collectie van het Museum Kunst der Westküste, Föhr, Duitsland, die op z'n beurt weer is opgebouwd rond de verzameling van de zakenman en filantroop prof. H.C. Frederik Paulsen. Het is een beetje een allegaartje. Er hangen mooie strandgezichten van Max Liebermann en, verrassend, Max Beckmann, maar ook veel doeken die welbeschouwd niets met het thema te maken hebben: interieurs van Munch, een slapend kind van Christian Krohg, Mondriaans beroemde molen bij Abcoude - sinds wanneer ligt dat aan de Noordzee? Ferdinand Hart Nibbrig, kustschilder bij uitstek, is gek genoeg dan weer afwezig. Die hangt verderop in 't museum. In de vaste collectie.

De tentoonstelling is opgezet als een roadtrip. Van Domburg, Zeeland gaat het naar het eiland Föhr en het Noord-Deense Skagen helemaal tot Bergen, Noorwegen. Deze plekken zijn niet zonder historische relevantie. Eind negentiende eeuw vormden ze een belangrijk toevluchtsoord voor plein-air schilders die er kunstenaarskolonies stichtten. Ze boden zee (altijd) en zon (als je geluk had) én nieuwe onderwerpen (de vissers- en badcultuur). Je kon er ook goed aan yoga doen.

Een mooi voorbeeld van zo'n strandgezicht is Max Liebermanns 'Jager in de Duinen bij Noordwijk' uit 1913. Liebermann (1847-1935) was een impressionistische schilder die het schopte tot voorzitter van de Berlijnse Secession. Hij was bevriend met de Haagse-scholers en vertoefde in de jaren voor de Eerste Wereldoorlog veel aan de Nederlandse kust, in Zandvoort, Noordwijk en Katwijk. 'Jager in de Duinen bij Noordwijk' is een typische Liebermann: vinnig, scherp. Het toont een duinlandschap voor een schuimende zee onder een grijze lucht; verderop wandelt een ventje met een geweer. De stijl is suggestief. Een winkelhaak van vaalgele verf is een duinpan. Een zwart koppeltekentje is een hond. Een streek grijs: een golf.

Liebermanns grootste troef was zijn lef. Weinig kunstenaars schilderden zo onverschrokken, zo vol vuur als hij. Kijk eens naar dat gras op de voorgrond: een raster van groene, gele streken die - tak, tak, tak - over elkaar heen zijn geplaatst. Op zulke plaatsen is schilderen heel fysiek. Je voelt de agressie waarmee de (zijkant van de) kwast door de stugge verf werd gehaald, de hand die het hoofd stuurt, in plaats van andersom, de snelheid. Liebermanns schilderij oogt alsof de kunstenaar voortdurend op de hielen werd gezeten. Door naderend onweer. Of door een jonge, hongerige collega.

'Schilders aan zee: van Mondriaan tot Munch', is tot en met 25 mei te zien in het Singer Museum in Laren.

Museum Singer Laren toont

in een tweeluik hun tocht langs de Noordzee.

Zeezucht. Het woord staat niet in de Van Dale, maar het fenomeen bestaat. Ook fotograaf Paul Kramer trekt regelmatig naar de kust om de drang naar zee vast te leggen. Dan fotografeert hij met een oude tweeogige analoge 6x6 camera. Zijn foto's zijn nu te zien naast de tentoonstelling 'Schilders aan zee' in het Singer museum in Laren.

Kramer voelt zich bijna ongemakkelijk door de combinatie van zijn werk met die van grote meesters als Piet Mondriaan en Edvard Munch. "Voor de schilders is het een groepstentoonstelling. Zij hebben ieder drie werken hangen en van mij hangen er negentien."

De overeenkomst met de schilderijen is de zee, maar de fotograaf probeert daar absurde situaties te vangen. Situaties waarin mensen of voorwerpen zich op een vreemd moment op een aparte vreemde plek bevinden.

Kramer is sinds 2003 bezig met zijn project. Als hij in de buurt van de zee is, heeft hij zijn camera bij zich. Zo zag hij een keer een oudere man op een scootmobiel die probeerde te keren op het betonnen pad met aan weerszijde zand. Dat ging net mis en het karretje kwam met zijn voorwiel in het zand. Kramer dacht geen seconde na en greep naar zijn camera. "Pas toen ik de foto had, ben ik erheen gelopen om te helpen." Het kost tijd om dit soort situaties tegen te komen. "Het gebeurt ook dat ik op pad ga en dagen niets zie."

Kramer werkt met een analoge camera. Kijken betekent voor hem de tijd nemen om iets te zien. Vandaar zijn voorkeur voor een rolletje met twaalf opnames en het nadenken over een shot. "Ik vind het prettig dat ik gedwongen word te kiezen en niet oneindig de knop kan indrukken zoals bij digitale fotografie."

Tijdens televisieopnames hoorde Kramer een gedicht waarvan hij dacht te horen dat het 'Zeezucht' heette. Achteraf bleek het 'Zeekoorts' van Jan Jacob Slauerhoff. Dat maakte niet meer uit. Het onderwerp voor zijn 6x6 fotografie was geboren. Kramer koos ervoor zijn camera een slag te draaien bij het maken van de foto's. De diagonale lijn wordt op die manier horizontaal. "Daar krijg je een soort groothoek-effect door en dus diepte", legt hij uit. Ook aan de muur in het Singer hangen de foto's als ruit.

'Net even anders' geldt eigenlijk ook voor de situaties die Kramer fotografeert. In het voorbijgaan ziet hij verveling, eenzaamheid en gekte steeds weer terugkomen in de gedragingen van strandgangers. "Ieder mens is zichtbaar aan zee. Verstoppen gaat niet." Neem nu de twee personen die als enige aanwezig zijn in het rijtje van ogenschijnlijk verlaten Engelse houten strandhuisjes. Ze zitten op een bewolkte dag verscholen achter hun luifel. 'Wat bezielt mensen om daar op dat moment alleen te zitten?' is de vraag die bij de fotograaf opkomt.

Op een andere foto is een vrouw druk bezig een zandwal te bouwen die een rood tentje en haar lezende man moet beschermen tegen de opkomende vloed. En wat doet de kleine, zwarte Fiat Panda op een gure dag op het strand? Schuimend zeewater spat op tegen de wielen.

"Het is een mooie arena om situaties vast te leggen", vindt de fotograaf. Voorlopig is hij nog niet klaar met de zee. "Ik vind het heerlijk. De rust, de ruimte, het buiten zijn en ik verveel me regelmatig dood."

'Zeezucht' is tot en met 28 mei te zien in het Singer Museum in Laren.

Rust, ruimte en verveling aan de kust

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden