Altijd prijs in boekenland

Het hagelt prijzen in boekenland. Zo wordt morgen de shortlist van de AKO-Literatuurprijs bekendgemaakt. Wat is het effect van die onderscheidingen? 'Elk boek is een incident geworden.'

Beste debuut, spannendste thriller, meest veelbelovende auteur, belangrijkste oeuvre, beste reisboek, mooiste sportboek, beste dichtbundel, populairste boek voor volwassenen, populairste boek voor kinderen, populairste boek voor jongvolwassenen, de mooiste literaire zin, beste schrijver 'onder de veertig die minimaal twee literaire prozawerken uitgegeven heeft', een prijs voor 'schrijfsters wier werk bijdraagt aan de ontplooiing, bewustwording en emancipatie van vrouwen'; voor alles wat we ons maar kunnen bedenken bestaat in de boekenwereld een prijs. Als we Vlaanderen meetellen en ook de kinder-en jeugdliteratuur meerekenen, bestaan er in het Nederlandse taalgebied grofweg tachtig literaire prijzen. Enkele tientallen daarvan worden jaarlijks uitgereikt, anderen om de twee of drie jaar. Weer anderen verschijnen onregelmatig of helemaal nooit meer.

De 'hoofdschuldigen' van de uit de hand gelopen prijzenbrei zijn vermoedelijk journalisten en televisie- en bladenmakers.

Immers, zolang de kans bestaat dat zij braaf melding doen van de zoveelste nieuwe debuutprijs, is er geen houden aan bij de bedenkers van de commerciële prijzen. Dat zijn de marketeers in de boekenindustrie, met in de hoofdrol de boekwinkelketens AKO en Libris, geflankeerd door de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB).

En geef ze eens ongelijk. Aandacht is kassa.

"Als één van de grote literaire prijzen is gevallen, zien we onmiddelijk verkoopeffect", zegt Caroline Damwijk, algemeen directeur van de Libris boekwinkelketen. Wel merkt ze dat niet iédere prijsuitreiking automatisch een huizenhoge omzet oplevert:

"De ene prijswinnaar verkoopt meer dan de andere. A.F.Th. van der Heijden met 'Tonio', de laatste winnaar, deed het prima met zo'n vijftien tot twintigduizend exemplaren extra. Maar er zit ook wel eens een titel tussen die minder bekend is bij het grote publiek. Dan blijft het steken bij vijfduizend stuks."

Ook genomineerde boeken hollen harder de winkels uit, al is dat effect tijdelijk. Damwijk: "Als de aandacht voor de AKO- of Libris Prijs afneemt, komt de verkoop van de andere genomineerden tot stilstand."

Damwijk vindt niet dat er te veel prijzen in omloop zijn: "Er zijn er maar een paar die er toe doen. U zegt dat er tachtig prijzen zijn, maar ik denk dat de meeste mensen er hooguit acht kunnen noemen. Elke prijs is welkom: hoe meer publiciteit rondom een boek, hoe beter. Klanten ervaren ze als een kwaliteitsstempel."

Libris is met een kleine 100 winkels en een marktaandeel van 15 procent in het 'algemene boek' een grote speler als boekenverkoper. De reden om als sponsor van een grote literaire prijs op te treden is volgens Damwijk niet in eerste instantie het stimuleren van de verkoop van slechts een paar titels op korte termijn: "Als het ons daarom was gegaan waren we wel hoofdsponsor van de NS-publieksprijs geworden. Wij sponsoren om ons imago van kwaliteit te verstevigen. Daarom is de opzet van de Libris Prijs zo serieus en onafhankelijk mogelijk."

Damwijk betwijfelt of boeken die grote literaire prijzen hebben gewonnen de aandacht afleiden van alle ándere boeken in haar winkels: "Dan overschat je het effect van die prijzen. De meeste boeken worden nog altijd verkocht via mond-tot-mondreclame door vrienden en kennissen en advies van verkoopmedewerkers."

Schrijver Marc Reugebrink denkt daar anders over. "De grote boekhandels zijn allang niet meer geïnteresseerd in wat ze verkopen, als het maar verkoopt. Grote uitgevers lopen daar achteraan. Historisch besef is ongewenst." Volgens hem verarmt de prijzencultuur in boekenland het literaire aanbod: "Voor de vaststelling van de kwaliteit van literatuur wordt in ieder geval niet per se nog een beroep gedaan op de literaire traditie van betekenisgeving en kwaliteitstoekenning. Die traditie lijkt in het huidige klimaat niet eens meer te bestaan. Elk boek is een incident geworden."

Allemaal door die verdraaide prijzen, waar geen pijl op is te trekken ook nog eens. Reugebrink: "De ene keer gaat het om huppelkutjes met een leuk snoetje, de andere keer om heuse Literatuur die ook in de negentiende eeuw onmiddellijk van het predikaat 'olympisch' voorzien zou zijn."

Reugebrink schrok zich een ongeluk toen hij in 2008 met zijn roman 'Het grote uitstel' De Gouden Uil won, de machtigste literaire prijs van Vlaanderen. Als er één schrijver bekend stond als fel kritisch ten opzichte van welke literaire prijs dan ook, dan was het de in Gent wonende Nederlander. En uitgerekend hij kreeg die Gouden Uil!

Reugebrink is de beroerdste niet en gaf zich volledig over aan het mediacircus dat volgde, met tv- en radio-optredens, kranten-interviews, lezingen en wat al niet. Ook geeft hij grif toe dat die Uil hem veel goeds bracht: "Het directe effect van mijn triomf was wel degelijk een grotere verkoop. Ook de kwaliteitskranten in Vlaanderen zijn sinds het winnen van de prijs toegankelijk geworden voor mij. Ik schrijf voor die kranten geregeld opiniestukken. Ik maak me sterk dat dat niet gebeurd zou zijn als ik de Gouden Uil niet had gewonnen."

Maar de uitwerking van zo'n prijs is volgens hem alléén langlopend als je als auteur tot het zogenaamde 'nominatiecircuit' behoort. Zijn roman 'Menens' verscheen twee jaar na de prijswinnende roman 'Het grote uitstel'. "Die haalde de verkoopaantallen op geen stukken na."

De Vlaamse schrijver Yves Petry won met zijn semi-fictieve gruwelroman 'De Maagd Marino' in 2011 de Libris Literatuur Prijs. Ook Petry was aanvankelijk sceptisch ten opzichte van literaire prijzen: "Maar sinds ik er zelf eentje met niet te miskennen impact heb gewonnen, is mijn mening geëvolueerd. Meer dan een vertienvoudiging van de oplage, je wordt veel ernstiger genomen en vaker uitgenodigd voor allerlei dingen. Ik merk ook dat mensen mij anders benaderen. Meer met respect."

Als je wint heb je vrienden en dat geldt in het bijzonder voor boeken.

Petry: "Ik kom op internet steevast reacties tegen van allerlei mensen die mijn boeken met plezier hebben gelezen. Als ik die prijs niet had gewonnen hadden ze nog nooit van mij gehoord."

Petry weet heus wel dat een aanduiding als 'het beste boek' ook maar subjectief is en vindt dat je van literatuur geen wedstrijd kunt maken. "Maar we zien overal dat alles in een wedstrijdvorm wordt gegoten. Waarom zou dat in de boekenwereld dan niet het geval zijn? Ik vind literaire onderscheidingen eerder een zegen dan dat ik er iets verkeerds in zie."

Dat is voor collega Reugebrink toch een stap te ver. "Die prijzen tonen ons dat de waarde van literatuur alleen nog langs economische lijnen loopt."

Al blijft het ook voor hem tweeledig: "De grote commerciële literauurprijzen zijn de uitdrukking van de totale malaise waarin de literatuur verkeert, maar juist vanwége die malaise zijn ze belangrijk bij het onder de aandacht brengen van auteurs en boeken die anders onder de radar zouden blijven."

De Uitgever: Meer impact dan je zou denken

"Sommige schrijvers winnen prijzen, anderen verkopen boeken", zegt Henk Pröpper. De directeur van uitgeverij De Bezige Bij wil maar zeggen: een prijs is niet altijd een garantie voor succes. De onlangs overleden auteur Willem van Maanen had dan wel de Constantijn Huygensprijs op de schouw staan, maar die was uit 2004. "Toch verkocht zijn voorlaatste boek nog 12.000 stuks. Natuurlijk hebben de grote literaire prijzen nog altijd veel impact, meer dan je zou denken zelfs. Van een winnend boek verkoop je tienduizenden exemplaren méér en dat effect houdt soms nog jaren aan. Maar zeker wij als grote literaire uitgeverij hebben veel meer boeken die de volle aandacht verdienen." Daarom heeft De Bezige Bij een forse promotieafdeling. Die moet volgens Pröpper veel werk verzetten in de huidige, moeilijke boekenmarkt. "Het is een lastige tijd voor auteurs, de bijl gaat erin. In dat verband is een prijs een goede manier om inkomsten te genereren. Maar uitgevers kunnen niet drijven op prijzen. Wij streven er daarom naar om juist in den brede gedekt te zijn."

Geld of status
Het is of het geldbedrag of de traditie en de eer die de status van een literaire prijs bepalen. De voornaamste onderscheidingen: De Libris Literatuur Prijs, de AKO-literatuurprijs, De NS-publieksprijs, De Gouden Uil (Vlaams, € 25 000), de P.C. Hooft-prijs, de Constantijn Huygensprijs, De VSB-Poëzieprijs, De Gouden Strop (thrillers) en De Gouden- en Zilveren Griffel (jeugd).

De Boekhandelaar: Prijs moet bijzonder blijven
"Wij vinden die prijzen zo belangrijk dat we er steevast aparte tafels voor inrichten, óók voor de genomineerde boeken", zegt Anja de Groene van boekhandel 'De Drvkkery' te Middelburg. "We merken al bij het bekend worden van de shortlist dat er extra vraag naar die boeken is. De AKO -en Librisprijs zijn prestigieuze prijzen en dat blijven ze."

Wel vindt De Groene dat er niet te veel onderscheidingen moeten zijn: "Dan haal je het exclusieve eraf. En je moet die boeken niet te lang onder de aandacht brengen. Daarom maken we het hele jaar door ook zelf een wisselende toptien. Dat werkt heel goed. Het gros van onze klanten wil geadviseerd worden, dat vergemakkelijkt hun keuze."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden