Altijd op zoek naar de grenzen van de strip

interview | Museum Meermanno eert tekenaar Dick Matena met een tentoonstelling. Van strips voor Eppo en Donald Duck tot literaire graphic novels, Matena is zelf verbaasd over zijn enorme productie.

Net als Dick Matena wil beginnen bij het begin, in zaal 1 dus, staat er een Haagse schoolklas naar het werk van de tekenaar te kijken. Dat is leuk, natuurlijk, maar nu even niet. Matena (72) wil graag rustig kunnen vertellen over zijn loopbaan en dat gaat nu eenmaal beter zonder een stuk of twintig pubers. Weet je wat, besluiten we, we doen de gidstoer gewoon in omgekeerde volgorde en beginnen in zaal 5. Eigenlijk veel leuker, vindt Matena. "Zo kom ik langzaam weer tot leven."

En als we zaal 5 binnenlopen, grapt hij: "Kijk, hier ben ik nog net niet overleden."

Dat had trouwens nog niet veel gescheeld. De belangrijkste strippionier van Nederland kreeg in 2012 een hartinfarct, zijn vrouw kon hem maar net op tijd reanimeren. Nu gaat het gelukkig wel weer. Het uren achtereen tekenen, wat hij voorheen deed, lukt niet meer, maar Matena voelt zich verder goed en doet nog veel. Vanochtend is hij samen met zijn vrouw vanuit Amsterdam naar Den Haag gekomen om op verzoek van de krant een rondleiding te geven door zijn eigen overzichtstentoonstelling 'Getekend leven', hier in Museum Meermanno, die prachtige voormalige baronnenwoning aan de Prinsessegracht in Den Haag.

Matena's Den Haag. De striptekenaar woonde zo ongeveer overal en nergens, maar in deze buurt groeide hij op en woonde hij op meerdere adressen. Zijn vrouw Nelleke de Boorder (auteur van de door Matena geïllustreerde kinderboekenserie 'Sammie en Nele') heeft hij hier om de hoek ontmoet, bij café De Sport, waar Kees van Kooten en Wim de Bie ooit De Klisjeemannetjes opnamen. "Dus extra leuk dat het in Den Haag is. En het is een gereputeerd museum, belangrijk. Ja, de tentoonstelling is met liefde en kennis van zaken samengesteld. Ik ben trots."

Dat mag Matena ook zijn. Wie de penseel van deze tekenaar door de jaren heen volgt, ziet een onwaarschijnlijk divers oeuvre aan zich voorbij trekken. Begonnen bij de studio van Marten Toonder als 'stand-in'-tekenaar van 'Olivier B. Bommel' en 'Panda' en zo gaandeweg pionierend door het hele genre van de strip. Matena maakte albums van de bekende strip 'Storm', maar met hetzelfde gemak tekende hij voor de Eppo, of de Donald Duck. Zelfs smurfen. Soms weet hij zelf niet meer wat hij allemaal wel niet getekend heeft. "Hier neem nou dit plaatje. Die is best mooi. Wat staat erbij? 'De stad Indigo' uit de Donald Duck van 1997. Goh, niet eens zo lang geleden."

Het was in die periode dat de basis werd gelegd voor Dick Matena's grote doorbraak: de verstripping van literatuur, te beginnen met Gerard Reve's meesterwerk 'De avonden'. Matena liep als groot liefhebber van literatuur al twintig jaar met dat idee rond maar het was Marten Toonder die het verzoek uiteindelijk deed. Uniek aan de literaire verstrippingen van Matena is vooral dat de teksten van de oorspronkelijke romans geheel integraal in de grafische novelle's zijn verwerkt. "Ik had dat trucje met die integrale tekst in ballonnen al eens toegepast bij Tom Poes, dus dat kwam goed uit."

Vereerd

Matena mocht zijn opzet voor 'De avonden' hoogspersoonlijk laten zien aan Gerard Reve en zijn vriend Joop Schafthuizen in hun huis in Machelen-aan-de-Leie. Die waren meteen enthousiast. Matena vereerd, natuurlijk, maar welke uitgever wil dit uitgeven, dacht hij. "Maar Joop wilde er meteen mee naar De Bezige Bij en zei: Laat dat maar aan mij over."

Toen het eerste getekende deel van De avonden in 2003 verscheen was niet iedereen even lovend. Matena: "Het zorgde echt voor een schokgolf. Niet zozeer in de stripwereld maar meer in het literaire circuit. "Ik kon dat nog wel begrijpen ook. 'Asjeblieft geen Avonden on Ice!' werd er geroepen. Totdat ze de tekeningen zagen. Uiteindelijk kwamen de beste reactie nog van schrijvers, die voor het eerst zagen wat er met beeld mogelijk was."

Een heidens karwei volgens de maker. Maar inmiddels legendarisch, met die typerende, Hollandse grijs-bruine tinten. Als De avonden zelf, dat gevoel straalt er vanaf. Wat kun je er nog meer van zeggen: na-oorlogse sfeer. Literair. Later volgden meer klassieke romans in stripvorm: 'A Christmas Carol' van Charles Dickens, 'Kort Amerikaans' van Jan Wolkers, 'Kaas' en 'Het dwaallicht' van Willem Elsschot en nu is Matena bezig met 'Turks fruit' van Jan Wolkers. Of het daarbij blijft? Hij weet het niet. Vast niet.

Rijk word je er in ieder geval niet van, van al dat geteken. Dat vindt hij wel jammer. Het gaat hem in de eerste plaats om het plezier, laat dat vooropgesteld zijn, maar het had wel een ietsje meer mogen zijn. We lopen dan net langs de prijzenkast, waarin verschillende trofeeën van Matena staan opgesteld. De Vlaamse Staatsprijs voor het Beeldverhaal is wel de mooiste. Matena heeft hem als enige Nederlander gewonnen. (Lachend:) "Het is ook de enige stripprijs waar een geldbedrag aan is verbonden."

Ja, de waardering voor de strip bij onze zuiderburen is wel van een andere orde, zegt Matena, die zelf dertig jaar in Vlaanderen woonde. "Daar is het heel normaal dat je met de hoogste politici over strips staat te kletsen. Als kleine jongens. De strip hoort er in België echt bij."

Al is dat in Nederland wel verbeterd sinds, ja sinds Dick Matena zelf eigenlijk - ere wie ere toekomt. Toen hij hier doorbrak met zijn verstripte literatuur, was de weg vrij voor bijvoorbeeld de graphic novel, het meer gelaagde stripverhaal. Het meer kunstzinnige stripboek ook. "Ik ben helemaal niet zo snel tevreden over mijn werk, heb me zelfs lange tijd geschaamd voor wat ik deed, maar dat literaire werk, daar ben ik toch wel trots op, hoor. Dat heeft echt iets gedaan."

Imiteren

Het duizelt zo langzaamaan in het museum met al die tekeningen. Erotisch werk, reclameprenten, Spaanse en Amerikaanse strips, wat tekende Matena eigenlijk niet? "Ik heb ook altijd goed kunnen overleven omdat ik aardig kan imiteren. Soms denkt ik wel eens: Dit of dat zou ik nog wel eens gemaakt willen hebben, maar nu ik hier zo rondkijk, denk ik: Jezus, maar ik héb het gemaakt!"

Hij was ook ongedurig, zegt hij. "Altijd willen vernieuwen, op een heel andere manier kijken naar de grenzen van de strip. Altijd met die camera in mijn hoofd. En beter willen worden, dat is ook een belangrijke drijfveer."

Over de vraag of hij nog altijd achter al zijn werk staat, moet Matena even nadenken. Maar dan zegt hij beslist: "Je hoort uiteindelijk beoordeeld te worden op je beste werk. Vanaf een afstandje krijgt dat mindere werk bovendien wel iets vertederends. En ik vraag me af hoe het mogelijk was dat ik hiernaast nog een caféleven had."

De tentoonstelling 'Dick Matena, een getekend leven', is tot en met 27 september te zien in het Haagse Museum Meermanno.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden