Altijd de behoefte hogerop te komen/Carrière

Wie de baas is, heeft vaak meer dan anderen de luxe om zichzelf te zijn. Dat zegt Lise van de Kamp (47), de nieuwe directeur van de tijdschriften HP/De Tijd, Avantgarde en Dutch. Maar als het aan haar ligt, hoeven haar medewerkers niet dezelfde trukendoos te gebruiken als die waartoe zij als carrière makende vrouw soms was veroordeeld. “Ik wil mensen in staat stellen om te doen wat ze leuk vinden. Dan zijn ze op hun best en verdien je nog geld ook.”

'Groots en meeslepend wil ik leven', schreef ze als keurig Veluws meisje van tien in haar dagboek. “Tja, dat had ik ergens gelezen”, zegt Van de Kamp in haar huis in de binnenstad van Breda. “En het is ook zo. Ik ben altijd zoekende geweest, heb altijd nieuwe dingen willen doen. Maar in ons dorp kwam je als meisje min of meer automatisch op de Huishoudschool, en dat wilde ik toen ook. Al was het maar omdat mijn buurmeisje ging.”

De Veluwse gemeenschap is klein, en Van de Kamp zou niet terug willen. Maar zo groot is het verschil tussen Ermelo en Amsterdam nu ook weer niet, concludeerde ze na anderhalf jaar in de hoofdstad te hebben gewoond. “Ik was achttien, en mijn ouders hebben me zelf naar mijn kamertje van twee bij twee in de Pijp gebracht. Ze vonden het verschrikkelijk. Amsterdam, dat was Sodom en Gomorra. Zelf ontdekte ik ook dat die stap niet echt goed voor me was. Het was in de jaren zeventig, en alles moest zogenaamd kúnnen. Dat was een maatschappelijke dwang die feitelijk niet zo verschilde van de sociale controle in Ermelo.”

Ze liet het reclamebureau waar ze werkte achter zich en keerde terug naar huis. “Ze is bij haar verstand gekomen”, zei haar vader. “Ik ben toen ook getrouwd”, zegt ze met een brede glimlach, bewust als ze zich is van het destijds in haar omgeving heersende, maar misplaatste idee dat ze zich vanaf nu zou schikken in het vertrouwde patroon. Ze opende twee winkels in Harderwijk. “Luxe mode voor kinderen. De kleren kocht ik in Parijs, met een hoop gebarentaal, en ik organiseerde modeshows. Het was heel leuk om op te zetten.”

Maar meer dan een toekomst in de middenstand zette het ondernemen haar op het spoor van nieuwe mogelijkheden om te leren. “Voor die winkels had ik het middenstandsdiploma nodig. Vanaf die tijd volg ik altijd gelijk een cursus, als ik vind dat het me aan bepaalde kennis ontbreekt.” Ze doet een greep uit haar diploma's: voor coupeuse, mannequin, de tabakshandel. Maar na vier jaar ging het middenstandsbestaan knellen. “Ik heb de handel voor een goede prijs verkocht en gekozen voor de journalistiek. Dat leek me een prima manier om ruimer te leren denken.”

Zoals menig beginnend journalist schreef Van de Kamp voor een dubbeltje per regel over alles wat er in Harderwijk speelde en leefde. “Dat heb ik zo'n zes jaar gedaan, en toen kwam ik via een huis-aan-huisblad terecht bij de Harderwijkse Courant.” Vier jaar lang zat ze op één kamer met een collega die het werk al twintig jaar deed. “Het was een goede man, maar hij moet het soms wel moeilijk hebben gevonden dat ik de neiging had om de zaak over te nemen.” Van de Kamp maakt een vrolijk gebaar met haar ellebogen. “Ik heb toch altijd de behoefte om verder te kijken, hogerop te komen. Zo zit ik nu eenmaal in elkaar.”

Toen er dan ook een kabelkrant moest worden opgezet in Harderwijk, stond Van de Kamp vooraan. “Het was een nieuw medium en we behaalden hoge kijkcijfers. Ik hield vooral van de snelheid. Je meldt dat er een dolfijn dood is, en tien minuten later hoor je het bij de bakker.” Het uitgeversconcern Wegener liet haar haar gang gaan en nodigde haar later uit om op de hoofdvestiging in Apeldoorn ook alle andere kabelkranten in het land te bestieren als hoofdredacteur-programmaleider. “Toen ik kwam, waren het er twaalf; toen ik wegging zo'n dertig.”

Hadden haar bezigheden tot dan toe een sterk uitvoerend karakter, bij Wegener - tussen een hoofdzakelijk mannelijk management - kwam het accent op de organisatie. “Ik heb in mijn loopbaan wel geleerd hoe je aan 'zelfmarketing' moet doen, maar eigenlijk vind ik dat niet goed. Zeg toch gewoon: 'Ik heb vandaag een fout gemaakt, en morgen doe ik het beter'. Klaar. Maar in veel organisaties heerst angst. Kijk maar eens naar het controle-apparaat waarmee sommige bedrijven werk afdwingen bij hun mensen. Dan is er per definitie iets mis. Zorg liever dat mensen hun werk leuk vinden, dan verdien je nog geld ook.”

Van de Kamp scheidde en ontmoette haar huidige echtgenoot: Dick Ahles, directeur van uitgeversmaatschappij Zuidwest-Nederland. Dit onderdeel van het concern VNU is uitgever van het Brabants Nieuwsblad/De Stem. Ze trok bij hem in en rook gelijk nieuwe kansen. De Belgische uitgeverij Roularta nam samen met VNU het initiatief voor een chic huis-aan-huisblad, met adverteerders uit het duurdere segment. “In België bestond het concept al, maar VNU zag er toch vanaf. Toen ben ik voor Roularta zo'n blad gaan uitgeven in Breda.” Het als een duur magazine ogende blad Style rendeert goed, maar de beursgang en de reorganisatie waartoe Roularta onlangs besloot, maakten de functie van Van de Kamp overbodig.

En zo kwam ze beschikbaar voor de functie waarvan ze nooit had durven dromen. Directeur van drie zogenoemde AA-titels van Audax: het opinieblad HP/De Tijd, het vrouwenblad Avantgarde en het trendy Engelstalige magazine Dutch. “Glossy's uitgeven was al een logische stap. Ze passen bij mijn belevingswereld. HP/De Tijd ook, maar even leek het alsof ik die er extra bij kreeg”, vertelt ze met ogen die stralen van enthousiasme. Met hoofdredacteur Bert Vuijsje zal ze praten over de richting van HP/De Tijd, maar ze is niet van plan de redactie de les te lezen. “Ik moet zorgen dat zij hun werk goed kunnen doen. Daar ligt mijn kracht.”

Met de drie redacties heeft ze al kennisgemaakt. Aardige mensen, is haar eerste indruk, en even perfectionistisch als zij zelf. “Bij Dutch kunnen ze uren over een kleurtje discussiëren, bij HP/De Tijd eindeloos over de vraag of bepaalde mensen 'uit' of 'in' zijn. Dat snap ik wel.” Dat ze in de top komt van het concern Audax, de aartsrivaal van de werkgever van haar echtgenoot, lijkt haar geen probleem. “Het kost ons geen moeite om over ons werk te zwijgen, als dat nodig is.” En misschien, zo hoopt ze, leidt de overplaatsing van haar man bij VNU er wel toe dat ze Breda kunnen verruilen voor Amsterdam als woonplaats.

En zo lijkt Van de Kamp een kleine dertig jaar na haar eerste uitstapje uit de Veluwe alsnog in Amsterdam een vaste stek te vinden. Ze is er nu wel klaar voor, dat weet ze zeker. En ook de bagage die ze opdeed in Ermelo, is niet weg. “We waren thuis niet streng gereformeerd, maar er heerste wel discipline en ik moest elke zondag een psalm uit mijn hoofd kennen. Zo leerde ik te leren. En van de tien geboden ben ik ook niet minder geworden. Het is niet erg om te leren dat het verkeerd is om te liegen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden