Opinie

Altijd bereid om te vallen

Op de academie deed ze braaf wat er van haar verlangd werd. Nu slaat Anne van Veen haar vleugels uit met haar eerste voorstelling.

’Ik ben Anne van Veen, ik ben 25 jaar en ik kom net kijken met mijn voorstelling ’Anne’. Ik wil theater maken. Wie ik ben? Wat een lastige vraag! Moet ik nu zeggen: ik ben de dochter van Herman van Veen? Nee, ik ben Anne, een jonge vrouw die kijkt in de wereld wat het allemaal inhoudt. Ik stap uit mijn jeugd.”

Maak je cabaret of wil je zingen?

„Ik wil meer zingen dan cabaret maken. Maar het moet wel theatraal worden, vind ik. Dus niet alleen maar liedjes, liedjes, liedjes. Een muzikaal programma. Het zijn teksten die op muziek zijn gezet of die muzikaal gebracht worden. Gezongen of gesproken.”

Overal zit muziek onder...

„Ja, het is als het ware doorgecomponeerd, een stroom van muziek. Omdat ik dat mooi vind en omdat het ook sfeer is, muziek. Ik zou het echt geen cabaret willen noemen, dat is toch meer op de lach. Mijn teksten zijn meer verhalen, monologen, gedichten. Mijmeringen.”

Wat wil je vertellen?

„Ik heb de liefde nogal hoog. Die heeft een schaduwkant die ik niet zo graag wil zien, maar die ik wel onder ogen moet komen. Sommige teksten zijn heel concreet en direct, ander zijn heel poëtisch, met veel subtekst, of juist abstract. En soms zit dat allemaal in één lied. Ik wil iets heel herkenbaars meegeven, maar het is ook mooi als het publiek soms moeite moet doen om met mij mee te gaan. Het moet een ontmoeting worden. Dat mag nog wel meer groeien.”

Ik werd verrast door je ’liefdeswijsheid’...

„Ik heb in korte tijd een heel bewogen leven geleid. Intens qua ervaring, dat heb ik opgezocht. Dat geeft veel inspiratie om alle facetten van de liefde te beschrijven. ’Anne’ is een zoektocht naar de liefde. Ik ben uit het paradijs gevallen, dus zoek ik naar: waar ligt de oorsprong van mijn scepsis, angst of verlangen? Maar ik ben altijd weer bereid om te vallen.”

Je hebt de Kleinkunstacademie in Amsterdam gedaan, hoe schud je die van je af?

„Je leert daar alles qua ambacht, maar wat je niet kunt leren is wie je bent en wat jouw vorm is. Je moet dat wat je geleerd hebt, los laten om te ervaren wat jou onderscheidt van de anderen. Ik heb moeten vechten om de regels, het consciëntieuze, het schoolse los te laten om bij iets anders te komen. Dat is ingewikkeld als je, zoals ik, gevoelig bent voor autoriteit. Ik heb weer moeten ontdekken: wat vond ik nu zo leuk? Wat kenmerkte mij nou?”

Dat klinkt alsof je nu pas op eigen benen staat en je vleugels uitslaat!

„Dat klopt. Ik besefte ná school pas: nu moet ik nog beginnen met het vinden van mijn vorm. Wat ik wel wist, was: ik wil eigen geschreven liedjes brengen en die combineren met bestaand repertoire waarin ik iets herken of dat iets over mij zegt.”

Je hebt daar ook de tijd voor genomen, je bent in 2006 afgestudeerd, nu pas is je eerste programma er...

„Ik moest die tijd nemen om los te komen. Ook als mens. Ik ben na de middelbare school meteen doorgegaan. Alles overkomt je. Ik heb braaf gedaan wat er van mij verlangd werd. Als je dan je eigen programma wilt maken, moet je inderdaad alles van je afwerpen. Dat kost net zoveel tijd als het maken van de voorstelling zelf.”

Hoe logisch was het dat je die opleiding ging doen?

„Aanvankelijk zo logisch, dat ik er tegenin ben gaan werken. Ik heb het heel lang ontkend, ik vond het zo’n cliché. Ik heb heel lang gezocht, ik vond ook veel dingen leuk, dus het was niet zo moeilijk om me daar achter te verschuilen. Uiteindelijk moest het gewoon de Kleinkunstacademie zijn. Het bloed kruipt toch waar het niet gaan kan.”

Schreef je al langer liedjes?

„Als kind al. Maar ik was altijd zo poeperig bescheiden dat ik het niet de naam van een liedje wilde geven. Ik heb ook een faalangstig kantje. Ook omdat ik een Van Veen ben.

Denk je dat je afgerekend wordt op je vader?

„Mensen hebben eerder een oordeel, terwijl ik graag ’blanco’ zou willen overkomen. Op school heb ik er daarom ook wel eens ’onder’ gezeten, uit angst om boven het maaiveld uit te steken. Aan de andere kant wil ik mijn afkomst ook niet verloochenen. Iets van dat talent van mijn ouders (Anne’s moeder is actrice Marlous Fluitsma – red.) is zeker in mij doorgestroomd.”

Hoe was het vroeger thuis?

„Als vader was en is Herman geweldig, hij doet alles wat een vader moet doen. Maar hij laat zich moeilijk kennen. Ik vind hem cryptisch. Het is een grote man. Ik merk nu ik ouder word pas wie hij is als mens.”

Er zit een lied in ’Anne’ waarvan ik dacht: dit is een afrekening met je ouders, je vader. Zo zing je: ’Ik wil niet meer in jouw koor, maar net als jij midvoor.’...

„Het is niet zozeer een afrekening als wel: jongens, ik ga op eigen benen staan. Kleur bekennen. Maar het is niks tegen hen, het is míjn worsteling. Dat is wat dat lied zegt: ik moet hoewel Herman is wie hij is, toch bij mezelf blijven en daarvoor uitkomen. Mijn eigen weg kiezen, vertrouwen op mijn talent. Hij waardeert enorm wat ik doe. Het is mijn eigen angst die ik moet overwinnen. Deze voorstelling is in ieder geval een grote stap in de goede richting.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden