Alsof er nooit Q-koorts is geweest

Bakel - De uitbraak van Q-koorts, die begon in 2007, leek een zware slag voor de geitenhouderij. Toch is de aaibare sector tien jaar na de eerste besmettingen springlevend. Maar waar boeren extra stalruimte bouwen, komen buren in verzet. Is de grens bereikt?

Weg met die geiten! Metersbrede spandoeken in Bakel. Ze zijn gemaakt door boze burgers uit dit Brabantse dorp en de aangrenzende stadswijk Helmond-Dierdonk. Hun zorg betreft melkgeitenhouder Martijn Knoops, die een tweede bedrijf wil beginnen met 2500 dieren. Ze vragen zich af: heeft dan niemand geleerd van de epidemie die tien jaar geleden begon? "Ik heb in 2014 acute Q-koorts gehad. Doodziek belandde ik met een vierde longontsteking in het ziekenhuis. Ik had nieruitval, was uitgedroogd, was er heel slecht aan toe", vertelt Willy van der Linden, gepensioneerd schooldirecteur.


In Helmond liepen vele mensen Q-koorts op. De ziektekiem moet afkomstig zijn geweest van Knoops' geitenhouderij, die hemelsbreed amper twee kilometer van hun huizen verwijderd ligt. "Die ondernemer had 688 geiten, die in de omgeving heel veel mensen ziek hebben gemaakt", vertelt Van der Linden. "Nu heeft hij een vergunning aangevraagd voor een tweede bedrijf met drie keer zo veel geiten, op slechts 800 meter van onze voordeur. Daar kan ik met mijn verstand niet bij." Buurman John Bax valt hem bij: "De Q-koorts heeft hier dood en verderf gezaaid. De man zelf is gecompenseerd, omdat zijn geiten waren geruimd. Hij kreeg zelfs koningin Beatrix op bezoek, omdat hij zo zielig was. Maar de slachtoffers van Q-koorts, die tot de dag van vandaag de consequenties ondervinden, zijn nooit erkend."


Longontsteking


De geitenhouderijen zijn in opmars en daar is lang niet iedereen blij mee. Het verzet in Bakel is exemplarisch voor wat op veel plekken in Nederland gebeurt. In plaatsen als Bavel (bij Breda), Apeldoorn, Eys, Rossum, Lith, Hilvarenbeek en Herpen hoor je overal hetzelfde geluid. Kort samengevat: stop die grote geitenhouderijen. De angst voor Q-koorts, van dier op mens overgebracht door de bacterie Coxiella burnetii, zit diep. Tot 2007 had vrijwel niemand in Nederland er nog van gehoord. Het gold als een beroepsziekte, die veehouders, melktransporteurs en slachters trof. Gemiddeld kregen per jaar 17 mensen Q-koorts. Geen haan die daar naar kraaide.


Maar in het voorjaar van 2007 sloeg de ziekte toe in het Brabantse Herpen. Huisarts Alfons Oude Loohuis zag ineens veel patiënten met vergelijkbare klachten: zware hoofdpijn, ernstige vermoeidheid en vaak ook longontsteking. Hij brak zich het hoofd over de oorzaak en liet vele buisjes bloed prikken. Uit onderzoek kwam de diagnose Q-koorts. Bron van de omvangrijke besmetting moest een lokale geitenhouderij.


De coxiella-bacterie komt bij veel dieren voor, maar (drachtige) geiten leveren het meeste risico voor de mens op. Zij scheiden de bacterie uit via mest, placenta's en vruchtwater. Als dat spul opdroogt, komt de coxiella via stofdeeltjes in de lucht terecht. Mensen ademen die in en lopen kans om ziek te worden. Dat gebeurde tussen 2007 en 2010 massaal, niet alleen in Herpen, maar in heel Nederland. De meeste zieken woonden binnen vijf kilometer van besmette bedrijven.


Het zwaartepunt van de epidemie lag in Brabant, waar veel geitenhouderijen staan. Indertijd werd al actie gevoerd tegen megastallen, maar dat protest betrof vooral varkens. Geiten waren juist geliefd, want aaibaar. Maar sindsdien geldt de geitensector als voorbeeld hoe intensieve veehouderij kan leiden tot omvangrijke gezondheidsproblemen bij de mens.


"Als kleine sector zaten we onder de radar, maar toen kwamen we vol in beeld. Op een akelige manier: mensen werden ziek ", zegt Jeannette van de Ven, voorzitter en spreekbuis van de LTO-vakgroep melkgeitenhouderij. "Het werd enorm uitvergroot. Zo van: als je maar veel dieren bij elkaar in een hok stopt, dan gebeurt er dit. Zo hebben wij die discussie over megastallen onbedoeld op negatieve wijze beïnvloed."


Groeispurt


Over de lakse aanpak van de ziekte is al veel gezegd en geschreven, maar de epidemie werd wel bedwongen. De overheid liet onder meer 62.500 geiten ruimen en voerde in 2010 een vaccinatieplicht in op bedrijven met meer dan 50 dieren. Sindsdien wordt ook tweewekelijks de tankmelk op besmetting gecontroleerd. In juli 2016 werd het laatste besmette bedrijf Q-koortsvrij verklaard.


Voorvrouw Van de Ven vreesde in 2010 dat 'een op drie' besmette geitenhouderijen het loodje zou leggen, maar dat gebeurde niet. De bedrijfstak maakt zelfs een groeispurt door. Wie melkgeiten houdt, opereert in een vrije markt, (nog) zonder melk- of mestquota. De melkprijs is prima en de bouwstop die direct na de Q-koortsuitbraak gold, werd in 2013 opgeheven.


De afzet van geitenzuivel kende, ondanks de epidemie, nooit een dip. "Opvallend", zegt Van de Ven. "Maar de vraag naar geitenmelk is constant blijven groeien." De melk, kaas en yoghurt gaan naar consumenten in eigen land, Duitsland, België en Frankrijk. Chinezen zijn gretige afnemers van geitenmelkpoeder, in hun ogen de gezondste babyvoeding op aarde. De geitenhouders produceerden in 2016 zo'n 260 miljoen kilo geitenmelk en die stroom blijft nog wel even groeien.


En dus schieten nieuwe stallen overal uit de grond. Er zijn ruim 50 biologische geitenmelkers, die tevreden zijn met gemiddeld 550 dieren. Maar de rest van de 360 bedrijfsmatige geitenhouders kiest vooral voor schaalvergroting. Een bedrijf met 1500 geiten is niks bijzonders meer, vaker groeien ze naar 2500 dieren, met uitschieters boven de 5000 geiten. Van de Ven: "Als je voor twee ton een nieuwe stal neerzet, verdien je hem met 700 geiten sneller terug dan met 500. Je zet meer melk om en krijgt meer korting op de inkoop van voer."


Maar wie steeds grotere stallen bouwt, kweekt ook meer maatschappelijk verzet. De Q-koorts mag dan onder controle lijken, de ziekte is nog niet vergeten. Patiënten, soms al jarenlang ziek en daardoor in sociale misère beland, mengen zich strijdbaar in het publieke debat. Met argusogen bekijken zij de groeiende geitensector, bron van hun besmetting.


"Geitenhouders hoeven van mij niet te stoppen met hun bedrijf", stelt Bert Brunninkuis, voorzitter van patiëntenvereniging Q-uestion. "Maar zorg wel dat je bedrijfsvoering goed is en dat niemand ziek wordt van jouw dieren. En als het toch fout gaat, stel dan je slachtoffers fatsoenlijk schadeloos. Je ziet nu weer een ongebreidelde groei van de sector en ik heb het gevoel dat daarop door overheden niet adequaat wordt gereageerd. Wetgeving biedt omwonenden weinig bescherming en de GGD'en beoordelen risico's vaak als minimaal, maar zeiden ze dat in 2007 ook niet?"


Als het aan Jos van de Sande ligt, komt aan de schaalvergroting snel een eind. Hij werkte tot 2016 als arts bij de GGD Hart van Brabant en maakte de Q-koorts van nabij mee. De geitensector legt met de huidige schaalvergroting de kiem voor een volgende uitbraak, is zijn stelling. "Als die coxiella-bacterie muteert en resistent wordt, of als er wat misgaat met de vaccinatie, heb je weer een enorm probleem", zegt Van de Sande. "Mijn advies is: breid niet meer uit, maak een pas op de plaats en kijk hoe je het wel veilig kunt aanpakken. Anders is het wachten op de volgende epidemie."


Nieuwe uitbraak


Tegenover die onheilsboodschap staan de koele cijfers van RIVM. Dat instituut registreerde tussen 2007 en 2013 in totaal 4190 mensen met Q-koorts. De piek lag in 2009, met 2354 gevallen. Sindsdien daalde dat cijfer snel, tot 12 besmettingen vorig jaar. "Met de getroffen maatregelen, met name de verplichte vaccinatie, is het risico op besmetting met Q-koorts erg klein", stelt Harald Wychgel van het RIVM.


Die boodschap lees je ook terug in GGD-rapporten over uitbreidingsplannen. De kans op een nieuwe uitbraak van Q-koorts heet meestal 'onwaarschijnlijk'. Maar dat neemt de zorg bij omwonenden doorgaans niet weg. Zij voelen zich niet serieus genomen en verharden hun strijd. Eigenlijk vragen ze maar één ding: de garantie dat die geitenhouderij hen geen Q-koorts brengt. Maar wie kan die geven? De coxiella-bacterie is bedwongen maar hij valt niet uit te roeien, zal altijd in het milieu blijven rondwaren.


Nu moet een boer die een vergunning aanvraagt aan veel eisen voldoen, onder meer op het gebied van stank, lawaai, hygiëne en mestafvoer. Maar gemeentes kunnen een vergunning niet weigeren op basis van angst voor ziektes bij omwonenden. Om maatschappelijke onrust weg te nemen, kunnen gemeentes boeren wel verzoeken om met hun buren in gesprek te gaan. Dat gebeurt ook.


Emoties


Terug naar boer Knoops in Bakel en de bezorgde burgers in Helmond. Die zijn niet on speaking terms met elkaar. De Helmonders spreken van 'een gewetenloos ondernemer'. "Na alles wat hier gebeurd is met de Q-koorts, wil hij nog dichter bij ons een nog groter bedrijf neerzetten", zegt John Bax. "Dat moet je toch niet willen?" Is boer Knoops werkelijk zo'n bruut. Hij is in elk geval geen prater. Als de waakhond op zijn erf het bezoek heeft aangekondigd, komt de geitenhouder wel zijn stal uit. Maar voor commentaar verwijst hij resoluut naar LTO-voorvrouw Van de Ven.


Zij is niet blind en zeker niet doof voor het verzet tegen de groeiende geitenbedrijven. Binnenkort neemt ze afscheid, maar niet voordat ze een breed gedragen duurzame toekomstvisie heeft opgesteld. Geitenhouders moeten hun 'license to produce' verdienen, stelt ze. Daartoe gaat ze binnenkort in gesprek, niet alleen met geitenhouders en melkverwerkers, maar ook met burgers en belangenclubs zoals Wakker Dier.


"Wij zien dat ons maatschappelijk draagvlak op wankelen staat", zegt Van de Ven. "Veterinair is alles onder controle, maar zijn daarmee de zorgen in de samenleving weg? Nee. Het probleem is dat die zorgen op emoties gebaseerd zijn. Die kun je helaas moeilijk met feiten pareren, maar we zullen er wel wat mee moeten."


Ze heeft nog een lange weg te gaan, blijkt in Helmond. Daar zijn ze vastberaden om die nieuwe geitenhouderij te stoppen. 'Weg met die geiten' staat niet alleen op hun spandoeken, zo heet ook hun Facebook-pagina en het lijkt bijna hun levensmotto. Bax: "Het is ons menens, we zullen alles in het werk stellen om dit te blokkeren. Ik denk dat die hele bedrijfstak, als ze op deze manier doorgaan, niet te handhaven is."

de Q-koortsepidemie

Tijdens de epidemie, tussen 2007 en 2011, zijn 50.000 tot 100.000 mensen met Q-koorts besmet, van wie er zeker 4190 ziek zijn geworden. Officieel zijn 74 mensen aan de ziekte overleden. Acute Q-koorts geneest doorgaans binnen twee weken. Bijna 500 mensen liepen chronische Q-koorts op, die ook tot een vervroegde dood leidt. Zo'n 900 patiënten lijden aan QVS, het Q-koorts vermoeidheidssyndroom. De ziekte komt wereldwijd voor, maar nooit was sprake van zo'n omvangrijke epidemie als hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden