Als Zwerver weggaat, komt hij nooit meer terug

AMSTERDAM - “Weet je het zeker?” Die vraag moet Ron Zwerver de afgelopen dagen tot in den treure hebben gehoord. Het verklaart waarom de 29-jarige volleyballer gisteravond openlijk liet merken dat hij stevig baalde van de persconferentie, die ter gelegenheid van zijn afscheid van Oranje op Schiphol was belegd. Want ook daar dook die vraag herhaaldelijk op.

Zwervers irritatie had niet eens zozeer te maken met verveeldheid. En zelfs niet met het feit dat hij net een lange, vervelende vlucht vanuit Tokio achter de rug had. Zijn irritatie betrof de pure domheid van de vraag: “Ron, je zegt dat je besluit vast staat, maar weet je dat nu wel zeker?” Zo langzamerhand zou de wereld toch kunnen weten dat, wanneer Ron Zwerver een beslissing neemt, hij daar nooit van z'n levensdagen meer op terugkomt. “Ik weet zeker dat ik stop, ik ben geen Posthuma”, refereerde Zwerver aan zijn Friese teamgenoot, die al jaren bezig is een geslaagde imitatie van Heintje Davids te geven.

Zwerver staat vierkant achter de stelregel: een man een man, een woord een woord. Eerlijk, noemen sommigen dat. Halsstarrig, zeggen anderen. Hoe het ook zij: die halsstarrige eerlijkheid heeft Zwerver in de periode-Selinger heel wat ellende bezorgd. De voormalige bondscoach had met zijn team afgesproken, dat iedereen tot aan de Olympische Spelen van 1992 bij elkaar zou blijven. In de aanloop naar Barcelona konden veel internationals de verlokkingen van het grote, voornamelijk Italiaanse, geld echter niet weerstaan. De een na de ander vertrok. De enige die bleef, was uitgerekend de speler die elders het allermeest had kunnen verdienen. “Ik heb beloofd tot aan Barcelona bij dit team te blijven”, bromde Zwerver als de buitenwacht hem de - in zijn ogen oerdomme - vraag stelde, waarom hij genoegen bleef nemen met het modale salaris dat hij van de armlastige NeVoBo ontving. Hij had het beloofd en belofte maakt schuld, vandaar.

Zijn verwarring was groot, toen Selinger himself tussentijds naar Japan vertrok. De Japanners hadden hem een financieel aanbod gedaan, dat hij niet kon weigeren. Ieder ander zou uit pure teleurstelling het voorbeeld van die coach hebben gevolgd. Zo niet Zwerver. Hij hield zich aan de eerder gemaakte afspraak en draaide zich zelfs in de raarste bochten om de actie van Selinger te vergoelijken. Tot aan de dag van vandaag wil Zwerver geen kwaad woord horen over de man, die zijn generatie heeft geleerd wat er voor nodig is om op wereldniveau te volleyballen.

Na 463 interlands wil Zwerver niet langer uitkomen voor het nationaal team. Tot aan Atlanta haalde hij zijn motivatie uit de belofte die Arie Selinger hem en zijn teamgenoten ooit had gedaan: “Op de Olympische Spelen halen we goud.” In Barcelona werd dat doel niet bereikt, in Atlanta wel. En zeg nou zelf: wat blijft er te wensen over voor iemand, die een tien jaar oude droom in vervulling heeft zien gaan? “Na de euforie van Atlanta ben ik gaan nadenken”, zei Zwerver gisteravond. “En na lang nadenken kwam ik tot de conclusie dat ik het niet meer kon opbrengen om nog langer voor het nationaal team uit te komen. Vooral het reizen breekt me zo op, dat ik me niet meer kan opladen.” Had hij niet beter kunnen wachten tot het EK, dat volgend jaar in eigen land wordt gehouden? “Nee. Ik weet nu al dat tegen die tijd met een raar gevoel op mijn stoel zal zitten. Maar ik weet ook wat die jongens ervoor hebben moeten doen. En dat kan ik niet meer opbrengen.”

Zwerver blijft tot halverwege '98 bij Treviso. Daarna hoopt hij dat hij bij Top Volleybal Nederland (TVN) aan de slag kan. “Bij voorkeur op het gebied van organisatie.” De afscheidswedstrijd die TVN hem had willen aanbieden, heeft hij afgeslagen. Aan zijn lijf geen polonaise. Het enige wat hij wèl wilde, kreeg hij niet: “Ik had mijn oranje shirt met nummertje 8 mee naar huis willen nemen. Maar dat mocht niet van de FIVB.”

Ongedurig luisterde de ex-international gisteren naar de loftuitingen, die hem ten deel vielen. “Een boegbeeld, een voorbeeld voor de jeugd”, noemde bondscoach Joop Alberda hem. “Het volleybal heeft alles van hem gekregen, als zo iemand stopt moet iedereen zwijgen en respect voor hebben.” Volleybal is een teamsport. Alle spelers roepen altijd om het hardst dat ze het met z'n zessen doen. Je mag het daarom eigenlijk niet hardop zeggen, maar één ding staat toch wel vast: zonder Ron Zwerver was het Nederlands volleybalteam nooit zo ver gekomen.

Overigens had Alberda behalve jubelnoten ook nog een kritische noot in voorraad. In Tokio heeft hij een hartig woordje gesproken met Ruben Acosta, voorzitter van de internationale volleybalfederatie (FIVB). “Het is een aanklacht aan het adres van de FIVB, dat de internationale competitie zo lang duurt, dat internationals al op hun 29ste zijn opgebrand. Ik heb Acosta laten weten dat hij daar eens goed over na moet denken en dat hij de kalender zo moet inrichten, dat de sterren langer van hun carrière kunnen genieten.”

Over de opvolging van Alberda is alleen bekend, dat de taak van de nieuwe bondscoach zal worden vervuld door een duo. Bij voorkeur twee Nederlanders, liet TVN-voorzitter Paul Schaling desgevraagd weten. “Maar dat we gekozen hebben voor Paul van Sliedrecht en Toon Gerbrands, zoals vandaag in sommige kranten staat, is niet waar. Die namen staan wel op ons lijstje, maar daar staan wel meer namen op. We hebben nog niets beslist en dat hoeft ook niet, want we hebben alle tijd. Alberda heeft een contract tot 1 januari en het Nederlands team komt pas op 13 mei weer bij elkaar.” Alberda is in onderhandeling met zowel TVN als NOC-NSF. De Groninger ambieert een functie, waarin hij zijn managerskwaliteiten kan botvieren. Half december denkt hij rond te zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden