'Als zij dit pad kiezen, moeten we hen steunen'

Tibetaanse monniken, nonnen en leken verbranden zichzelf op straat. Het is de nieuwste vorm van verzet tegen de teloorgang van hun cultuur en de Chinese repressie. De opstand komt in golven - vaak rond 10 maart, datum van de eerste grote rebellie in 1959.

Sommigen laten een boodschap achter, een brief, een bandje, een laatste schreeuw. De boodschap is vrijwel identiek: 'Bevrijd Tibet', 'Lang leve de dalai lama', 'Geef ons religieuze vrijheid'.

Stuk voor stuk zoeken ze de openbaarheid: een plein of een straat. De een zit in lotushouding als hij zichzelf met brandstof overgiet en aansteekt, een ander loopt zijn laatste momenten leuzen schreeuwend over straat. Ook vrouwen brengen het laatste offer. Beelden op YouTube tonen non Palden Choetso. Zij staat bij een kruispunt in China in stilte te branden, de vlammen slaan hoog boven haar lichaam uit. Dan loopt een vrouw met lang zwart haar op Palden Choetso af. De onbekende gooit een witte lap in het vuur dat Palden Choetso nu is.

Op het eerste gezicht lijkt dat een merkwaardige reactie. Maar de witte lap was een khatag. De zijden sjaal die staat voor respect, en als offerande kan worden gegeven in een tempel, op een heilige berg, of bij een heilig meer. Elke toerist die in de Tibetaanse hoofdstad Lhasa aankomt, krijgt er een om zijn hals gelegd. "Wij gebruiken de khatag bij veel gelegenheden", zegt Dechen Pemba, een in London geboren dochter van Tibetaanse vluchtelingen. "Het kan een wens of felicitatie betekenen, je kunt hem aanbieden bij aankomst of vertrek."

Hoe verklaart de tweede generatie Tibetanen in ballingschap de plotselinge populariteit van dit gruwelijke fenomeen binnen het doorgaans geweldloze boeddhisme? Zelfverbranding heeft in sommige Arabische landen, zoals Tunesië, misschien effect gesorteerd, maar zal de partijleiding in Peking zeker niet vermurwen. "Wie zich zo opoffert voor de grotere zaak wordt een held en krijgt de status van martelaar. Het gaat om de boodschap die de wereld ingestuurd wordt. Het is vreselijk om te zien. Maar degene die het filmt, doet iets om de hoofdpersoon te helpen", vertelt Dechen Pemba (33) via Skype vanuit Londen.

Het gebeurde voor het eerst in 2009. Inmiddels hebben zeker 25 mensen zichzelf in gestoken. Vooral dit jaar is de frequentie toegenomen. Afgelopen weekeinde was het weer raak. De negentienjarige studente Tsering Kyi stak zichzelf zaterdag aan op de groentemarkt van het stadje Machu in de provincie Gansu. Agenten zouden haar mishandeld hebben terwijl ze probeerden de vlammen te doven. Tsering Kyi overleed ter plekke. Op zondag was het de beurt aan een moeder van vier, een weduwe van 32 genaamd Rinchen. Zij stak zichzelf in brand bij een legerkamp in de buurt van klooster Kirti in Ngaba (in het Chinees: Aba), een regio waar het verzet al jaren broeit. Ook Rinchen zou de bekende leuzes geroepen hebben 'Breng Zijne Heiligheid terug naar Tibet' en 'Wij willen vrijheid', voordat zij stierf. Maandag volgde de negentienjarige Dorjee in Ngaba, provincie Sichuan.

Vanwaar de snelle verspreiding van deze zelfmoordacties? "Tibetanen hebben zo weinig mogelijkheden zichzelf te uiten. Overal zit het Chinese leger, de spanning tussen de Han-Chinezen en de Tibetanen is enorm. Het is haast niet mogelijk voor Tibetanen ook maar iets te organiseren om de aandacht op hun problemen te vestigen", zegt Pemba. Het begon met geïsoleerde gevallen, die elkaar nu vaker opvolgen. "Vreemd eigenlijk, dat dat mogelijk is. Er zijn al vier jaar zoveel militairen op de been, de repressie is overal. Maar misschien komt het juist wel door dat hogedrukpan-effect." Voorheen dacht Pemba dat er pas een opstand was als er rook boven de hoofdstad Lhasa opsteeg. "Een vooroordeel. Verzet krijgt daar amper de kans, want op elke hoek staan zwaarbewapende Chinese militairen. Lhasa zit op slot. Deze opstand is juist in de Tibetaanse gebieden Kham en Amdo in het oosten, ver weg van Lhasa."

Maar waarom neemt de dalai lama niet meer afstand om zijn volgelingen te behoeden voor zo'n gruwelijke dood? Als hij het duidelijk afkeurt, zullen de gelovigen toch luisteren? "De dalai lama is vrij consistent in hoe hij omgaat met verzet in de Tibetaanse gebieden", legt Dechen Pemba uit. Bij de grote opstand in maart 2008 (zie kader) werden aan de lopende band monniken en nonnen gearresteerd, of zij verdwenen spoorloos. "Ook toen weigerde de dalai lama de Tibetanen te vragen te stoppen. Hij zegt: 'Ik heb geen macht, ik kan ze niet vertellen wat ze moeten doen'. Het enige wat China doet, is nog meer militairen sturen en de onderdrukking opvoeren."

En, gaat de Tibetaanse verder, het is afhankelijk van je positie, hoe je het vraagstuk ziet. "Natuurlijk betalen de zelfverbranders een hoge prijs. Toen het voor het eerst gebeurde, was er direct veel discussie onder jonge Tibetanen. Onze eerste reactie was: stoppen! Daar staat tegenover dat wij hier in vrijheid wonen. Het is niet aan ons. Als zij dit pad kiezen, moeten wij hen steunen. En het brengt wel urgentie naar het Tibetaanse probleem, het heeft effect. Dus voor Tibetanen is het heel moeilijk om tegen anderen te zeggen: 'Doe het niet'. De grotere zaak gaat voor veel Tibetanen vóór alles." Bovendien plegen de zelfverbranders geen geweld jegens anderen. "Dat gebod zit diep in de boeddhistische cultuur. Wel kun je de pijn van anderen in jezelf opnemen."

In reactie op de nieuwe opstand houden Tibetanen overal in de diaspora wakes en vredesmarsen, her en der beginnen zij een hongerstaking, zoals in New York en Nepal. De nieuwe media helpen de Tibetanen in China hun boodschap te verspreiden. "Dat kon voor 2008 nog niet. Toen was er echt een informatie-black out." Maandenlang hield het regime de gebieden afgesloten, en het internet op zwart. Ook nu duurt het soms nog dagen eer het bericht van een zelfverbranding via contact tussen bewoners en ballingen naar de buitenwereld doordringt. "Maar het lukt. Het is veel makkelijker geworden foto's of video's naar buiten te smokkelen. Die zie je in reguliere media, maar ook op de sociale netwerksites. En dat leidt hier in Londen en elders weer tot petities of wakes."

Pemba volgt zelf het zachte pad. Ze leefde van 2006 tot 2008 in Peking. "Ik haalde een MA in Chinees aan de universiteit voor minderheden en gaf Engelse les." In die tijd reisde ze ook in de Tibetaanse gebieden Kham en Amdo, en in de provincie Tibet zelf. Na de opstand in 2008 werd Pemba China uitgezet, een maand voor de Olympische Spelen begonnen. Op haar vraag 'Waarom?' kreeg ze te horen 'Dat zul je zelf wel weten'. "Op een persconferentie werd journalisten verteld dat ik gedeporteerd was omdat ik kernlid van het Tibetaanse Jeugdcongres zou zijn. Een leugen."

Terug in Londen begon Pemba met haar website 'High peaks, pure earth'. Het was haar droom om op één website zowel in het Chinees, Tibetaans als Engels teksten uit Tibet toegankelijk te maken, voor alle geïnteresseerden. "Ik vertaal en zet er slechts een intro bij, om het in perspectief te plaatsen. Je moet weten dat veel jongere Tibetanen vloeiend Chinees spreken, maar niet meer vlot Tibetaans lezen." Neem de schrijfster Tsering Woeser, die in ballingschap in Peking verblijft en onlangs de Prins Clausprijs won. "Haar blog was nog nooit uit het Chinees vertaald." Pemba geeft ook het voorbeeld van Jamyang Kyi, een zangeres/schrijfster en werkt voor de provinciale tv. "Een bereisde vrouw die werd opgepakt. Een van de velen die maandenlang emotioneel en geestelijk gemarteld is. Zij schreef over haar gevangenistijd een lange getuigenis, waarvan ik aangrijpende stukken vertaald heb."

Ook laten Tibetanen uit China via blogs hun stem horen, zegt Pemba. "Met name nu we net Tibetaans Nieuwjaar hebben gehad, en de herdenking van de opstanden van 10 maart eraan komt." Er zijn ook Tibetaanse websites in het Chinees, zoals tibetcul.com. "Je ziet er veel Tibetaanse studenten, van wie er veel zijn in grote steden als Chengdu, Xining en Lanzhou. In 2011 was die site een tijd offline. Je weet in China nooit wat er wel of niet mag."

Pemba's fulltime inzet voor de Tibetaanse zaak is mogelijk omdat haar ouders, hoogopgeleide vluchtelingen, haar altijd steunen. "Ik woon nog bij hen in huis", lacht Pemba. "Ook zij zijn actief binnen de gemeenschap." De vluchtelinggemeenschappen buiten Tibet groeien gestaag door en worden steeds zichtbaarder. "Gisteren las ik in TheNew York Times een stuk over Tibetaanse restaurants met recepten voor momo's, een Tibetaanse lekkernij. De meeste jongeren zijn nooit in Tibet geweest maar dankzij de moderne technieken is het makkelijker je betrokken te voelen."

De Tibetaanse jongeren laten ook op creatieve wijze van zich horen. Zoals met de muziekvideo 'Made in Tibet', waarin 'Shapaley' in het Tibetaans rappend de liefde aan zijn ouders en zijn 'land van sneeuw' verklaart. De clip haalde al zestigduizend bezoekers. "In Canada en de VS is er een blogproject voor jongeren. Op woensdag vieren zij hun Tibetaanse identiteit. De een draagt Tibetaanse kleren naar de universiteit, een ander meldt trots na lang zoeken laarzen te hebben gevonden die niet uit China komen." Dat soort activisme zie je volgens Pemba ook in Tibet. "Het hoeft niet risicovol te zijn. Je kunt ook afspreken alleen te kopen bij Tibetaanse winkeliers of te eten bij Tibetaanse restaurants."

Maar toch.

Zelfverbranding noch winkelboycot zal China van de harde lijn afbrengen, de Tibetanen beseffen dat. China's aankomend president Xi Jinping sprak in 2010 bij een bezoek aan Lhasa alvast dreigende taal. Elke poging tot 'separatisme' zal verpulverd worden. Pemba: "Alles wat het communistische regime doet, is meer straffen, meer militairen eropaf sturen en religieuzen tot patriottische heropvoeding dwingen. De weerzin tegen de Chinese overheersing zal alleen maar toenemen."

Bezetting of bevrijding
In 1950 viel Mao's Rode Leger de Himalayastaat Tibet binnen. Het kleine en slecht functionerende Tibetaanse leger was snel verslagen. Sindsdien zijn er twee versies van de geschiedenis. Communistisch China stelt dat het de Tibetanen bevrijdde van de feodale klasse van lama's en landheren. De Tibetanen voelen zich bezet. In 1959 vond op 10 maart de eerste grote opstand plaats in Lhasa. Duizenden Tibetanen kwamen om. De jonge dalai lama wist te vluchten, en in zijn spoor verlieten vele duizenden Tibetanen hun land.

Op 10 maart is de jaarlijkse herdenking van die opstand. In de jaren tachtig en negentig liepen die uit op nieuwe volksopstanden. Vooral het doortrekken van de spoorlijn van China naar Lhasa had grote demografische gevolgen: het afgelegen gebied werd overspoeld door miljoenen Han-Chinezen omdat Peking migratie aanmoedigt. In 2008 en 2009 kwam het tot lang aanhoudende en wijd verbreide demonstraties en rellen.

De Chinezen trokken na de bezetting dan wel 'bevrijding' van Tibet in 1949 de grens anders. De omvang van de Tibetaanse gebieden is (al eeuwen) een twistpunt voor beide partijen. Voor een reis naar de 'autonome' provincie Tibet is een speciale vergunning nodig - nadat een visum voor China is verkregen. In tijden van onrust worden die niet afgegeven, en gaat het gebied voor buitenstaanders op slot.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden