Als ze Pino maar met rust laten

Het voortbestaan van de publieke omroep PBS, de niet-commerciële kwaliteitszender van Amerika, loopt onder het nieuwe Republikeinse leiderschap gevaar. De Republikeinen willen de overheidssubsidie verminderen, of zelfs geheel schrappen, en de publieke omroep privatiseren. Veertien procent van de begroting van de Public Broadcasting Service, in totaal 285,6 miljoen dollar, komt uit de overheidspot; de rest van het geld wordt bijeengebracht door middel van ledenwerving en sponsoring door het bedrijfsleven.

De publieke omroep bestaat uit een overkoepelend orgaan, waarbij ongeveer duizend lokale stations zijn aangesloten. Die stations zenden overal in Amerika, zowel op de radio als de televisie, zonder reclame lokale en nationale programma's uit, die ze via de satelliet krijgen aangeleverd. De opzet van de financiering heeft tot gevolg dat rijkere stations in de grote en welvarende bevolkingscentra vermindering of intrekking van subsidie wel kunnen opvangen. Maar tien procent van de aangesloten stations, in hoofdzaak de armere stations in verafgelegen agrarische gebieden, dreigen ten onder te gaan.

De Public Broadcasting Service kan zich kwaliteitsprogramma's veroorloven, omdat hij niet commercieel is en dus is de produktie niet van adverteerders afhankelijk. De grote netwerken hebben daarentegen, net als ieder bedrijf, een verplichting om in het belang van de aandeelhouders voor maximale winst te zorgen. Kwaliteit vinden veel kijkers vervelend en controverse stoot te veel mensen af. Dat heeft tot gevolg dat de grote zenders massaprodukten leveren, met de nadruk op geweld en seks. De met elkaar concurrerende commerciële tv-stations dienen daarom een soort van culturele eenheidsworst op te dienen met veel ingeblikte shows, spelletjes en nieuwsprogramma's, die onderling weinig verschillen.

Het verschil met de commerciële omroepen is, dat de sponsors geen commercieel belang hebben bij het PBS-aanbod. Dat levert kwaliteitsprogramma's op, zowel op de radio als op de televisie. De publieke televisie is de geestelijke vader van wereldberoemde programma's als 'Sesamstraat', met Pino (in Amerika 'Big Bird' geheten) en 'Barney de dinosaurus' en zijn vrienden. Pino en Barney zijn nationale helden. 'Het kan mij niet schelen hoe vaak ik door de Republikeinen word beledigd', heeft Hillary Clinton ooit gezegd, 'als ze Pino maar met rust laten'.

Het nieuwsprogramma van National Public Radio (NPR) geldt in heel Amerika als het beste, meest informatieve en meest gewaardeerde. De dagelijkse 'McNeil Lehrer show' is op de televisie het belangrijkste en meest gezaghebbende programma voor politiek nieuws en achtergronden. PBS zendt wekelijks reportages en documentaires uit over een groot aantal binnenlandse en buitenlandse onderwerpen. De afgelopen weken is een serie over de 'Oorlog tegen de armoede' van president Johnson in de jaren zestig uitgezonden.

Het meest gewaardeerde onderdeel van de publieke televisie zijn de uitstekende educatieve kinderprogramma's met 'Sesamstraat' voorop. De commerciële televisie heeft een monsterverbond gesloten met de speelgoedindustrie. Dat heeft tot gevolg dat kinderen de spelletjes met hun vaak zeer gewelddadige televisiehelden vervolgens in de speelgoedwinkel kunnen kopen. Onderwijzers klagen dat kinderen op de lagere school, als gevolg van die afstompende tv-programma's, steeds meer onderhouden willen worden en zelf niet bereid zijn activiteiten te ontplooien. Daarentegen worden de helden van 'Sesamstraat' en andere educatieve programma's als een bron van creativiteit geprezen.

“Dankzij 'Sesamstraat' houden we duizenden kinderen van de straat”, zegt een onderwijsexpert. “Dit is een van de beste educatieve programmas voor alle kinderen in Amerika tegen een spotprijs, die minder dan één procent van de onderwijsbegroting bedraagt.”

Een sub-commissie van het nieuwe Huis van Afgevaardigden heeft de vorige week een eerste hoorzitting gewijd aan de toekomst van de publieke omroep. De tegenstanders van PBS hebben een groot aantal argumenten te berde gebracht waarom de overheid niet langer de publieke omroep dient te subsidiëren. In de eerste plaats zeggen zij, dat bruintje het niet langer kan trekken. Als zovelen moeten inleveren, waarom zou dan voor de publieke omroep een uitzondering gemaakt worden? De conservatieve senator Larry Pressler uit Noord-Dakota voegt daaraan toe, dat PBS een bolwerk is van elitaire liberale ideeën, dat geen aanspraak kan maken op overheidssubsidie. PBS maakt kwaliteitsprogramma's voor een kleine groep, waar de rest van niet-kijkend Amerika via zijn belastingcenten aan meebetaalt.

'Leuk en onderhoudend? Absoluut!', zegt een andere conservatieve politicus. 'Essentieel? Absoluut niet!'. Verschillende belangengroeperingen in het Republikeinse kamp hebben op grond van deze algemene grieven daar hun eigen bezwaren aan toegevoegd. De National Rifle Association, de machtige wapenlobby, ziet in PBS een vijand omdat de tegenstanders van een vrije wapenhandel er te veel aan bod komen. Christelijke fundamentalisten zien in PBS-programma's over seks, homoseksuelen of abortus een aantasting van fundamentele waarden op kosten van de overheid. Zij laten allemaal hetzelfde populistische, anti-intellectualistische geluid horen, dat ook tegen de subsidie van kunst wordt gebruikt, en dat bij de achterban zeer populair is.

De publieke omroep ontkent dat zijn programma's voor een elite bestemd zijn. De gemiddelde kijker en luisteraar verdient niet meer dan 40.000 dollar per jaar, een doorsnee middenklasse inkomen. De fans van de publieke omroep begrijpen niet waarom de Republikeinen zoveel drukte maken. Er is met PBS maar heel weinig geld gemoeid. Volgens het Democratische lid van het Huis van Afgevaardigden David Obey is de 285 miljoen dollar subsidie 0,003 procent van de federale begroting. Het Pentagon geeft volgens Obey elke tien uur 300 miljoen dollar uit, méér dan de jaarlijkse subsidie voor PBS. Hij gelooft dan ook dat de Republikeinen de publieke omroep om tactisch politieke redenen willen kortwieken. Zij zijn van plan een groot aantal sociale programma's voor de armen te elimineren. Als ze daarop worden aangevallen, kunnen ze altijd het excuus aanvoeren dat zij voor de elitaire publieke omroep geen uitzondering hebben gemaakt. Gelijke monniken, gelijke kappen.

De vrije markt-politici zeggen, dat PBS ten onrechte moord en brand roept. PBS kan veel meer geld verdienen aan zijn populaire programma's dan nu het geval is. 'Sesamstraat' heeft met zijn helden een miljard dollar winst gemaakt ten behoeve van de producenten, zonder dat PBS daar één cent van opstrijkt. Deze politici staan verder op het standpunt dat PBS zonder gevaar van kwaliteitsverlies geprivatiseerd kan worden en dan zonder overheidssubsidie, net als ieder ander op de vrije markt, voor zijn plaats moet vechten. Als ze de concurrentiestrijd niet kunnen bolwerken, is dat ook geen ramp: er zijn genoeg andere educatieve tv-stations op de kabel. Er hebben zich trouwens al mogelijke kopers voor PBS aangediend, die zeggen dat zij Pino en Barney willen redden. Bell Atlantic, een regionale telefoonmaatschappij aan de oostkust die op een aandeel in de kabeltelevisiemarkt aast, ruikt zijn kans en is bereid PBS te exploiteren met behoud van zijn bijzondere karakter. Maar de directie van PBS zegt dat de publieke omroep niet te koop is, en dat er van commercialisering geen sprake kan zijn: de commerciële belangen zouden het vroeg of laat onvermijdelijk van de kwaliteit winnen.

De Republikeinen hebben al jaren een vete met PBS, dat liberale intellectuele instituut dat een overbodige rol van de overheid op kosten van de belastingbetaler symboliseert. Nu is het uur van de wraak gekomen. PBS zal mogelijk in de minst draagkrachtige delen van Amerika verdwijnen als de bezuinigingsplannen van het Congres doorgaan. De paradox is dat al die Republikeinen die morele waarden en de centrale positie van gezin en onderwijs in hun vaandel voeren, Amerika's beste educatieve programma's ondermijnen terwille van de vrije markt van geweld, misdaad, seks en amusement.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden