null Beeld

ColumnBas den Hond

Als Trumps ster verbleekt, wie volgt hem dan op?

Bas den Hond

Donald Trump had vrijdag reden om tevreden te zijn: het nationaal comité van de Republikeinse partij nam een motie aan waarin het twee van de eigen congresleden in de ban deed. Liz Cheney en Adam Kinzinger zijn lid van de commissie van het Huis van Afgevaardigden die onderzoek doet naar de bestorming van het Capitool op 6 januari vorig jaar. In die commissie knokken ze net zo hard om de waarheid boven tafel te krijgen als de Democratische leden, en dat zint de partijtop niet. Die had juist Trump-vriendelijke afgevaardigden voorgesteld, maar de Democratische voorzitter van het Huis, Nancy Pelosi, wees dat resoluut van de hand.

De motie liegt er niet om: het comité ‘zal onmiddellijk elke steun aan hen als leden van de Republikeinse partij stoppen vanwege hun gedrag, dat bijdraagt aan de vernietiging van het Huis van Afgevaardigden, de Republikeinse partij en onze republiek.’ In het bijzonder wordt hen verweten dat ze meedoen aan ‘een door de Democraten geleide vervolging van gewone burgers die zich bezighielden met legitieme politieke uitingen.’

Die laatste zin verwijst duidelijk naar de bestorming van het Capitool. In de Amerikaanse media werd veelal de link heel direct gelegd: is het smeren van poep aan de wand in het huis van de volksvertegenwoordiging, en het aankondigen dat je de vice-president van het land op wilt hangen een ‘legitieme uiting’?

De motie werd bijna zonder discussie en met nauwelijks een tegenstem aangenomen.

Pence hard over Trump

In een verklaring na de bewuste vergadering nuanceerde de voorzitter van het comité, Ronna McDaniel, dat de motie niet ging over mensen die daadwerkelijk het Capitool waren binnengevallen. Een vriend van haar, zei ze, die oud was en recent weduwnaar geworden, had een oproep gekregen om voor de commissie te verschijnen. Dat de commissie dat deed omdat die persoon, waarvan ze de naam niet noemde, zich mogelijk had uitgegeven voor het college dat de president kiest, vond ze kennelijk niet voldoende reden. De laatste weken is duidelijk geworden dat in een aantal staten waar Joe Biden de presidentsverkiezingen won groepen Republikeinen bijeen kwamen, deden alsof ze leden van het kiescollege waren, voor Trump stemden, en die uitslag in officieel lijkende papieren naar de Senaat en het Nationaal Archief stuurden.

Trump had vrijdag ook reden om ontevreden te zijn. In een toespraak tot juristen, leden van de conservatieve Federalist Society, diende Mike Pence, tot 6 januari 2021 zijn supervolgzame vice-president, hem onverwacht van repliek. Trump had onlangs een verklaring uitgegeven waarin hij Pence verweet de verkiezingsuitslag die dag niet ‘teruggedraaid’ te hebben, vanwege vermoedens van fraude, wat hij volgens Trump gewoon had kunnen doen. Pence vond dat hij die bevoegdheid niet had, zoals op die 6de januari ook bleek, maar tot nu toe had hij heel voorzichtig gezegd dat hij en Trump daarover ‘niet op één lijn’ zitten. Nu zei hij onomwonden: “President Trump heeft ongelijk.”

Dat Pence dat aandurfde, en dat daar in ieder geval door een zaal juristen hard voor werd geklapt, laat zien dat de positie van Trump misschien niet zo onaantastbaar is als die motie van het Republikeins Nationaal Comité suggereert.

Grote oorlogskas voor Cheney

Dat blijkt ook uit de positie van afgevaardigden die Trump in de ban heeft gedaan. Om te beginnen een van de doelwitten van die motie, Liz Cheney. Terwijl haar lotgenoot Adam Kinzinger heeft aangekondigd dat hij zich komende november niet meer verkiesbaar stelt, knokt zij tegen de verdrukking in voor haar zetel in het conservatieve Wyoming. Daarvoor moet ze eerst in een voorverkiezing een Republikeinse concurrent verslaan die zich laat voorstaan op haar trouw aan Trump. Maar terwijl Harriet Hageman het vorige kwartaal 443.000 dollar aan campagnedonaties ophaalde, scoorde Cheney 2 miljoen dollar. Ze heeft nu 5 miljoen in kas, haar concurrent maar een kleine 4 ton.

Dat wil niet zeggen dat Cheney razend populair is in Wyoming. Veel van dat geld komt van buiten de staat, van Republikeinen en conservatieve organisaties van de oude stempel, die Trump liever zien gaan dan komen. Om maar een voorbeeld te geven: onder de goede gevers aan Cheney bevindt zich oud-president George W. Bush.

Er zijn meer Republikeinen die door Trump gehaat worden en ondertussen goede zaken doen. Van de tien afgevaardigden die na de bestorming van het Capitool voor de impeachment van Trump stemden, doen er drie niet meer mee met de verkiezingen. Naast Cheney hou je er dan nog zes over, die er allemaal financieel goed voorstaan.

Voor een deel komt dat doordat ze maar met zo weinig zijn, zei de Republikeinse politieke adviseur Alex Conant tegen de New York Times. “Als je honderd Republikeinen had die voor de impeachment van Trump stemden, dan was de donorspoeling een stuk dunner geweest.” Evengoed is het duidelijk dat Trump misschien wel het Republikeinse bestuur en meeste congresleden in zijn zak heeft, maar nog niet alle geledingen van de achterban.

Trump daalt in peilingen

Nu gaat het in de voorverkiezingen, zowel die voor het Congres, als die in 2024 voor het presidentschap, wanneer Trump weer mee lijkt te willen doen, niet alleen om geld. Uiteindelijk moeten Republikeinse kiezers – de beperkte groep die betrokken genoeg is om in voorverkiezingen te stemmen – het uitmaken. En die kiezers lijken heel langzaam hun enthousiasme voor Trump kwijt te raken, blijkt uit een overzicht van peilingen dat de Washington Post publiceerde.

Nog steeds gelooft ruim de helft van de Republikeinse kiezers dat het presidentschap Trump in november 2021 ontstolen is. En nog steeds is hij de kandidaat die de meesten zouden willen steunen in 2024. Maar naarmate hij langer in zijn buitenhuis Mar-a-Lago in Florida zit en machteloze verklaringen uitgeeft, wordt hij minder vereenzelvigd met de Republikeinse partij. In november 2020 zei 54 procent van de Republikeinse kiezers dat het hen meer om Trump ging dan om de partij, en 38 procent andersom. Een jaar later scoorden beide gezichtspunten 46 procent. En begin dit jaar ging het 56 procent om de partij en nog maar 36 procent om Trump.

Dat betekent niet dat die kiezers hem helemaal zat zijn. 82 procent vind hem een goede vent, dat is maar iets minder dan in december 2020, toen hij 91 procent haalde. Maar voor velen onder hen hoeft hij niet zo heel nodig meer president te worden: 63 procent wil dat nog.

En die 63 procent is dan nog niet geconfronteerd met een aantrekkelijk alternatief. En dat gaat er komen. Als Biden in 2024 weer de Democratische kandidaat is, zou bijvoorbeeld de gouverneur van Florida, Ron DeSantis, het net zo goed doen als Trump. Ze zouden allebei van Biden verliezen, daar niet van. Maar stel dat DeSantis, die erg zijn best doet in zijn staat een zo Trump-mogelijke koers te varen, nog iets vooruit komt in de peilingen. Dan wordt hij ook voor degenen die Trump een goed hart toedragen een aantrekkelijk alternatief. Die hebben het van de ex-president vaak genoeg gehoord: het gaat boven alles om winnen.

Trouw-correspondent Bas den Hond (standplaats Boston) schrijft wekelijks een column over de Amerikaanse politiek. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden