Als skeelerdictator Nederlands praat is het einde zoek

Heeft skeeleren dan toekomst? Erik Hulzebosch schrikt ervan. "De eerste paar jaar nog wel" , vermoedt hij. "Ach, ik heb geen flauw idee. Wordt de sport kleiner dan wordt hij kleiner. Wordt-ie groter dan wordt-ie groter. Ik kan daar niks aan doen. Ik heb genoeg andere dingen aan mijn kop. Ik moet zorgen dat ik in vorm ben, en blijf." Het gevolg? De nationale marathonkampioen op natuurijs is op de weg ongenaakbaar.

ANDRE BISSCHOP

Om 22 00 uur levert de jongeling zijn rugnummer in, en krijgt de verdiende enveloppen met inhoud. Hij kan er net zijn bezinetank van vullen, zegt hij. Hulzebosch is geen spat veranderd sinds hij 5 januari op het waterijs van Maasland als eerste onder het finishdoek doorgleed. De blos op zijn wangen leeft nog, en hij smeert als parttime winkelbediende de Overijsselse strontboertjes nog steeds hun kaplaarzen aan. Hij wordt nog dagelijks herinnerd aan de nationale titel die hij op natuurijs haalde, natuurlijk, maar de lol is er wel van af. Het leven gaat verder, en zijn leven speelt zich af in Gramsbergen, waar ze een hekel hebben aan dikdoenerij. Omdat zijn zus in Maasland hem direct na de finish een zakflesje in de hand duwde, houden mensen hem nog dikwijls voor 'die jongen met dat cognacje'. Om de vrede te bewaren lacht hij dan maar wat. "Sommigen reageren mooi, sommige westerlingen vinden me maar een domme boerenlul. Wat kan ik daar aan doen? Zo ben ik opgevoed. Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg. Ik wil niet eens Nederlands praten, want dan zeggen ze in Gramsbergen dat ik de populaire jongen uithang."

Eigenlijk vindt hij het 'heel verschrikkelijk' om steeds weer over die sprint in Maasland te moeten praten. "Het was me wat jong" , beaamt hij in zijn eigen taal. Ze sleurden hem van hot naar her. Dan opende hij een winkel, dan knipte hij een lint door. "Ik moest ineens zo machtig veel doen. Maar" , hield hij zich voor, "het kan nooit lang duren. Ooit houdt het op." De promotiewerkjes zijn nu gedaan, maar het gezeur blijft. Tot in Heerde achtervolgt het hem. Voor de nummer twee van Maasland, Jan Eise Kromkamp, geldt eigenlijk hetzelfde. Zij het dat de kannibaal uit Oldeholtpade 'het geouwehoer' wel kan billijken. "Dagelijks komen er mensen naar me toe om te zeggen hoe mooi ze die dag hebben gevonden. Het heeft veel indruk gemaakt."

Maar wie won er nou echt? Tsja, dan zie je Kromkamp even slikken. Hij heeft zich erg geergerd aan een stukje in het bondsorgaan Schaats+Kroniek, waarin een official zich laatdunkend uitliet over Kromkamp, omdat die vaststelde dat de fotofinish niet deugde. "Er was helemaal geen lijn getrokken." Met andere woorden, er was geen richtpunt. "Maar ik heb me nooit gedragen alsof ik de winnaar was. Ik heb ook nooit gezegd dat ik had gewonnen." Maar zijn gevoel. . .ach, wat zou het ook. We zijn vijf maanden verder. Het ijs is gesmolten, het asfalt bijna. De marathonschaatsers hebben wieltjes onder gebonden; ze overzomeren.

Kermiskoers

Drie rondjes voor het einde van de Heerdese kermiskoers gaat Kromkamp er vandoor. Hij neemt honderd meter voorsprong, snijdt de bochten aan als een scherp mes een slagroomtaart. Omroeper Van Ommen is wild-enthousiast. Hij heeft de hele tijd al geroepen dat 'Jan Eise naar de rondemiss lonkt'. "Ja mensen, Kromkamp knikt goedkeurend."

Even later: "Nu de miss Kromkamp heeft gezien wil ze ineens weg." Skeelerhumor heet dit. Wat de omroeper niet ziet is dat Erik Hulzebosch, hij gunt Kromkamp ook niets, aan de achterkant van het parcours de aanval opent. Het peloton oogt als een langgerekte regenworm: het gaat oerendhard. Hulzebosch verkeert in supervorm, dicht het gat en laat zich onmiddellijk terugzakken om fris aan de eindsprint te beginnen. Met zijn goede benen wint hij die glansrijk, ook al omdat Kromkamp massale aankomsten tegenwoordig uit de weg gaat. "De spurt is niet meer zo best" , verontschuldigt de 38-jarige Fries zich. Het is de leeftijd. "Je ziet meer gevaren. Als ik niet helemaal voorin zit denk ik: laat maar gaan." En daarbij, gestold teer is geen natuurijs, de passie van Kromkamp. Daarin verschilt hij van Hulzebosch. Die vindt skeeleren de leukste sport die bestaat. Natuurijs is ook mooi, maar die domme rondjes van de kunstijsbaan kan hij niet meer zien. Die benauwen hem gewoon. De vrijheid van skeeleren is in zijn ogen niet te evenaren. "Je pakt je skeelers en weg ben je. Je bent zo vrij als een vogel. Je kunt overal naar toe en het is altijd mooi weer."

Nou ja, bijna altijd. Het gekke is alleen dat hij vaker zijn racefiets uit de schuur pakt dan zijn oneliners. Met twee vrienden uit de buurt rijdt hij dagelijks dwars door Overijssel. Als in de verte een naambordje opduikt is het sprinten geblazen. Hardenberg, Dedemsvaart, Vroomshoop, Rheezerveen, Sibculo, Langeveen, Holthone, Kloosterhaar, Ommen, Bergentheim, elk dorp heeft zijn eigen aankomst. "Het is net geen geklungel en het werkt voortreffelijk" , is Hulzebosch' ervaring. De speelse interval-training heeft hem bijzonder explosief gemaakt. "Skeeleren is sprinten. Je moet steeds aanzetten. Als ik nu een gaatje wil dichtrijden, dan doe ik dat gewoon." Aan de overzijde van het tafeltje in het dorpshuis van Heerde lacht fietsmaatje Bert van 't Holt zich een kriek. Van 't Holt is wielrenner, die waagt zich niet aan skeeleren. Hij komt kijken als Hulzebosch en het derde bende-lid Gerjan Woelders, een C-rijder, hun rondjes om de kerk crossen. Meer moet dat niet zijn. "Een kwestie van kracht" , noemt hij het. "Je moet een beest zijn om goed te skeeleren." En volgens van 't Holt is het met Hulzebosch nog een graadje erger gesteld. "Hij is een taaie bikkel."

Specialist

Hulzebosch voelt zich allerminst gevleid. Zijn reactie is serieus. "Voor skeeleren moet je een sterke rug hebben. Als daar iets niet goed zit, kan je meteen stoppen." Zijn ruggegraat is kennelijk de hardste van het hele A-peloton, want van de acht koersen waar hij aan meedeed heeft hij er vijf gewonnen. Het begint dus een beetje flauw en voorspelbaar te worden, maar Hulzebosch heeft er geen boodschap aan. Hij is specialist, en zet alles op de sport die aansluiting zoekt bij de Nederlandse Sport Federatie. Met duizend licentiehouders en twee competities (een landelijke en een Veluwse) moet dat lukken, denkt Henk Ymker, een bestuurder van de Skeeler Bond Nederland.

Aanvankelijk zou de organisatie zich de Nederlandse Skeeler Bond noemen, totdat ze erachter kwam dat NSB er de afkorting van was. Als SBN verzet ze thans bergen werk om de sport aan de man te brengen. In de noordelijke en oostelijke provincies loopt dat gesmeerd. Tienduizend toeschouwers zijn daar geen zeldzaamheid. Maar de rest van Nederland blijft achter. En hoe dat nou toch komt, geen mens die het snapt. Ymker niet, Hulzebosch niet, Kromkamp niet. Het zal er mee te maken hebben dat de Veluwe de bakermat van het skeeleren is. Er wonen bergen marathonschaatsers die acht jaar geleden op wieltjes de zomermaanden overbrugden, zoals wielrenners de wintermaanden met veldrijden doorkwamen. "En" , merkt Kromkamp nog op, "het langebaanschaatsen leeft ook alleen maar in Heerenveen."

De skeeler-fanaten zien in de regionale gebondenheid trouwens geen belemmering. Eens komt hun grote kans, denken ze. Er is namelijk sprake van dat hardrijden op de rolschaats over drie jaar in Atlanta een demonstratiesport wordt. Skeeleren op de Spelen, je zou er haast van schrikken. Maar volgens Ymker is het in Amerika in het algemeen en Atlanta in het bijzonder hartstikke populair. Trouwens, Nederland heeft in Hulzebosch een echte wereldkampioen, het zou dus nog een medaille kunnen opleveren. Het lijkt Hulzebosch ook wel wat, zo'n olympisch uitje. Het zou zijn sport wat bekender maken. Televisiecamera's zijn zo belangrijk. Waarna hij voor de gein meteen even doorslaat. Met de tv komen de multinationals die zoveel geld in de sport stoppen dat hij zo rijk wordt als Krajicek, de tennisser. Nou vooruit, voor de helft doet hij het ook, en als het niet anders kan neemt hij genoegen met een tankie bezine.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden