Als motten die zich schroeien aan het lamplicht

hardlopen | recensie | Japan telt veel goede lopers, maar niemand is echt heel snel. Een onderhoudende analyse.

Op de dag dat Dennis Kimetto in Berlijn het wereldrecord op de marathon verbeterde naar 2.02,56, eindigde de Japanner Kazuki Tomaru als tiende. Hij was op 28 september 2014 de eerste niet-Afrikaan aan de finish, ruim acht minuten na Kimetto. Op de 13de, 15de en 16de plaats finishten die dag ook Japanners. Dat er vorige week geen Japanner in de top-10 van 'Berlijn' stond, mag worden beschouwd als uitzondering op de regel.

In 'De wegen van de loper' stelt de Britse auteur Adharanand Finn dat de Japanners wel veel goede lopers hebben, maar vreemd genoeg geen enkele echt hele snelle. Het antwoord op de vraag hoe dat komt is voor Finn reden genoeg om een half jaar met zijn gezin naar een buitenwijk van de Japanse stad Kyoto te verhuizen en zich onder te dompelen in de 'betoverende wereld van het Japanse hardlopen', zoals de ondertitel van zijn nieuwe boek luidt.

Zijn doel is tevens om dicht bij de hardloopziel van de gesloten Japanners te komen. Via allerlei manieren probeert hij deel te nemen aan trainingen van fabrieksteams (dat lukt) en hoopt hij op een deelname aan een zogeheten ekiden-wedstrijd (lukt ook). Ekiden-races zijn de belangrijkste loopwedstrijden in Japan, waarbij teams van lopers in estafettevorm grote afstanden afleggen. Naar tv-uitzendingen van de beroemdste ekiden-races, zoals die van Hakone, kijken elk jaar op 2 en 3 januari miljoenen mensen. Langs de kant staan tienduizenden de lopers aan te moedigen.

Deze loopvorm, schrijft Finn, is populair in Japan omdat het een 'krachtig symbool is van wa'. In het Japans staat wa voor de belangrijke groepsharmonie. De ekiden is voor bedrijven 'een tastbare vertegenwoordiging van het bedrijf'.

Finns boek is zeer onderhoudend, maar vergt wel enig doorzettingsvermogen. Zijn schrijfstijl is gelukkig vloeiend en de vertellingen over het gezinsleven in Japan irriteren nooit, maar heel af en toe mag dat wel wat puntiger.

De kracht van 'De wegen van de loper' zit in de analyse van het Japanse hardloopprobleem, zoals hierboven beschreven. Wel snel, maar niet het snelst. Of: ze zijn goed, die Japanse lopers, maar waarom zijn ze niet nog beter? Hoe komt dat?

Finn maakt aannemelijk dat de Japanse lopers vastzitten in een conservatieve strategie. Een cultuur van ouderwetse en autoritaire trainers en versleten trainingsmethodes, die hun oorsprong kennen in de Japanse gemeenschapszin. Bovendien is er een grote prestatiedruk bij de bedrijventeams, die topprestaties bij aansprekende, internationale marathons in de weg zitten.

Een van de Keniaanse atleten die voor een Japans bedrijf uitkomt vat het voor Finn heel duidelijk samen: Japanners trainen vrijwel alleen op asfalt (veel blessures), de trainingen zijn te lang en het tempo is te traag.

De Japanse renners zijn dus snel opgebrand. 'Ze zijn', schrijft Finn, 'zoals motten die te dicht bij het lamplicht komen en zich schroeien, zo moeten de professionele lopers na Hakone hun weg weer zien te vinden.'

De naar binnen gekeerde mentaliteit van de hardloopcultuur van het land houdt die cultuur in stand.

Volgens Finn heeft Japan veel goede lopers door de enorme toewijding, een goede infrastructuur en hard werken. Maar het harde werken is ook de oorzaak van veel van de problemen. Tegelijkertijd ziet Finn dat ekine overtraining weliswaar in de hand werkt, maar dat ekiden 'ongetwijfeld ook het vliegwiel is van het Japanse hardlopen. Zonder de ekiden zou het hele systeem zomaar in elkaar kunnen storten'.

De wegen van de loper, een reis door de betoverende wereld van het Japanse hardlopen - Adharanand Finn. Uitgeverij: Arbeiderspers. Prijs: 22,50 euro.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden