Als je op de psychologie gaat zitten, wordt het niks, vindt theatermaker Wim Berings.

’Othello’ was al heel lang een wens van mij. Emotioneel is het zo’n mooi verhaal over jaloezie, vriendschap, verraad en ware liefde. Ik houd hoe dan ook erg van Shakespeare. Zoals hij voortdurend in staat is het wezen van de mens te raken.”

Wim Berings (1958) is oprichter en artistiek leider van de Bossche theatergroep De Wetten van Kepler. Van meet af aan, sinds 1994, heeft hij er gewerkt aan een repertoire dat varieert van soms radicale bewerkingen van klassiekers tot zelfgecreëerde voorstellingen. Met vrijwel altijd een even belangrijke rol voor tekst, muziek, beeld en beweging. Ook ’Othello’ belooft bepaald geen conventionele voorstelling te worden.

„Het origineel integraal spelen was zonder meer geen optie. Het duurt zo ontzettend lang voor er echt iets gebeurt, en de letterlijke anekdote vind ik een van de minste van Shakespeare. Onze voorstelling gaat heel erg uit van de vriendschap tussen Jago en Othello. Juist vanwege die vriendschap is Jago zo diep gekrenkt als hij door Othello wordt gepasseerd als, in onze versie, huwelijksgetuige. Bij Othello is het pijnlijke, dat hij zo vertrouwt op de insinuaties van zijn boezemvriend, dat hij steeds de verkeerde beslissingen neemt, zelfs zijn geliefde Desdemona niet meer gelooft.”

In deze ’Othello’ is het stuk teruggebracht tot vijf personages. Naast Othello, Jago en Desdemona staan vier musici/zangers/acteurs op het toneel, die met soundscapes en geluidsexpressies een eigen dimensie toevoegen, van wie twee ook nog Rodrigo en Cassio spelen. De laatste als vermeende minnaar van Desdemona een ideaal zetstuk in Jago’s intriges. Op het achterdoek van lange zilverslierten worden beelden geprojecteerd.

„Geen anekdotische illustraties”, benadrukt Berings, maar meer abstracte bewegingsbeelden. Al kijkend moet de toeschouwer gaan fantaseren, meegaan met kleur, klank en beeld. Daarom houd ik ook meer van het impressionistische van Van Gogh dan van Rembrandt. En spreekt Beckett mij erg aan. Het muzikale gehalte van diens taal is erg groot. Als je op de psychologie gaat zitten, wordt het niks. Als acteurs daarin gaan hangen, kan ik gewoon niet meer kijken. Juist het alleen licht aanraken is mooi.”

Berings werkt graag met flarden van lied- en andere teksten van nu. Niet om oude stukken letterlijk te actualiseren, maar om het herkenbare van thema’s en emoties naar voren te halen. Bijvoorbeeld hoe lastig het is je tot de buitenwereld te verhouden, zeker voor Othello die een andere herkomst heeft. Zo groeide tijdens de repetities ’Jealous Guy’ van John Lennon uit tot motto van deze ’Othello’: ’Ik wilde je geen pijn doen, maar ik was gewoon onzeker omdat ik dacht dat je niet meer van me hield’.

„In mijn optiek”, zegt Berings, „is Othello een jongen die op zijn veertiende hier is gekomen en zijn afkomst is ontstegen. Je kent ze wel, ambitieuze types die zich als twintiger keurig in het goed gesneden donkere pak steken, inclusief stropdas; handige scharrelaars, maar met weinig gevoel voor de sociale cultuur en de rol van vrouwen. Ze gedragen zich progressief, maar als ze gaan trouwen, dan zal dat niet met een vrijgevochten vrouw zijn.”

„Othello is rechtschapen én rechtlijnig, naïef én ambitieus, wil hogerop en trouwt dan met een jonge blanke vrouw van goede komaf, wat in zijn ogen en die van zijn omgeving ongeveer het hoogste is wat je kunt bereiken. Voor Jago voelt dat als verraad aan hun vriendschap. Othello maakt het kwetsbaar doordat hij, niet vertrouwd met de westerse cultuur, zo ontvankelijk is voor verkeerde invloeden; en daardoor opgewekte jaloezie. Die zet heel sterk negatieve motoren in gang, al moet je die jaloezie niet aandikken. Je moet de factoren die zulke negatieve gevoelens mogelijk maken, aangeven. Daarom moesten er, vond ik, wel liefdesscènes in, maar met een van nature dominante Othello. ’Waar ik vandaan kom, verheft een vrouw haar stem niet’, luidt immers zijn tekst.”

„Je zou onze ’Othello’ muziektheater kunnen noemen, al dekt dat begrip niet wat er aan beelden en beweging in zit. Je componeert zo’n voorstelling met stem, lijven, taal en klank. Er zit een tweetal bestaande songs in, verder zijn het meestal geluidsexpressies. En de soundscape van componist Wiebe Gotink, die weer met heel veel input van de spelers zelf is gemaakt.”

Berings’ affiniteit met muziek stamt uit zijn jeugd: „Ik ben van huis uit popmuzikant, bassist, tot ik een aantal andere kunstenaars ontmoette en de optredens een performanceachtig karakter kregen. Toen kwam er een moment dat ik dacht: ik wil hier meer van weten, en ben ik naar de Academie voor Drama in Eindhoven gegaan. Na de Academie wist ik één ding zeker: niet meteen terug naar de muziek, maar er diep in duiken om te weten wat ik ermee kan. Ik heb geluk gehad. Ik kreeg een kleine stimuleringssubsidie, er ging de roep dat het nieuw was wat ik maakte. Uiteindelijk heb ik toen De Wetten van Kepler opgericht, vernoemd , ja, naar de ontdekkingen van astronoom Kepler, en net als hij op zoek naar het mysterie van de kosmos.”

„Ik heb nooit acteur willen worden. Ik heb het weleens gedaan om te voelen hoe dat is, maar dat was eens en nooit weer. Ik ben blijkbaar een maker – dat was ook bij de muziek al zo – voor wie de uitdaging is om de juiste vorm voor het vertellen van een verhaal te creëren. Een naar verhaal met een lach vertellen is schrijnender dan met een traan. Je componeert alles vanuit het nulpunt, taal, muziek en beweging: als we dit gaan doen, hoe werkt dat dan? Al het materiaal ontwikkel je zelf.”

„De spelers krijgen bijvoorbeeld schrijfopdrachten met de vraag: vanwaaruit komt het gekwetste te voorschijn. De een komt met een gedicht, een ander met een liedje, een derde met een bespiegeling. En dat ga je samen proberen. Van wie de uiteindelijke tekst is, is dan niet meer te traceren.”

„Dat ik met een jonge cast werk is vooral een kwestie van energie. Zij willen bewegen, zingen, zijn soepeler, vinden het prettig om associatief te werken. En zit alles eenmaal goed in de grondverf, dan gaan we als een gek lakken.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden