’Als ik stop met springen, ga ik dressuur doen’

door Fred Troost

Met zijn 49 jaar is hij een van de oudste deelnemers aan het springconcours. Piet Raymakers geniet tijdens de Wereldruiterspelen in Aken met volle teugen. ,,Ik voel me goed omdat m’n paard goed is.’’

Ineens komt het ter sprake: of ze arm waren, vroeger, bij hem thuis? ,,Wie geen rijkdom kent, is niet arm. Wij hadden het beter dan de rest van de wereld’’, zegt Raymakers. Hij groeide op in Asten, op een kleine boerderij. ,,Ik was de zesde van negen kinderen en moest thuis meehelpen. Al jong deed ik al het paardenwerk, ook met die van de buurman.’’ Wedstrijden rijden deed hij niet: er was geen geld om een zadel te kopen. Achter de ploeg op de akker legde hij de basis voor wat hij nu is: beroepsruiter. ,,Niets is mooier dan paarden in de wagen laden en naar concoursen rijden.’’

Raymakers boekte aansprekende successen, zoals het teamgoud op het EK van 1991 en de Spelen van 1992, waar hij bovendien op Ratina Z individueel zilver won. Tweemaal was hij Nederlands kampioen. Dit jaar won hij, op Now or Never, drie Grand Prix-wedstrijden. In Aken heeft Raymakers Curtis onder zich.

Hij had, zegt hij zelfbewust, wel gerekend op selectie voor het WK, maar hij maakte een kanttekening toen bondscoach Rob Ehrens hem koos: ,,Ik ben vaak reserve geweest, dat heb ik altijd graag gedaan. Als reserve ben ik voor de ploeg geen blok aan het been. Dat moet je kunnen. Maar dit keer wilde ik geen reserve zijn, maar in de ploeg rijden. Dat hebben we afgesproken.’’

Met Curtis legde hij gisteren, net als de andere drie Nederlanders, een foutloos parcours af. De elfjarige ruin bevalt hem: ,,Ik kocht hem toen hij vijf was en ik heb altijd in dat paard geloofd. Hij vraagt veel van mij, maar ik krijg er veel voor terug. Hij is zo scherp afgesteld als een Formule-1 auto.’’

Raymakers is, weet hij, zijn trouwe sponsor Jo van Schijndel schatplichtig, in meer dan één opzicht. ,,Die man heeft altijd achter me gestaan. Hij heeft me geholpen, me m’n hele leven begeleid. Financieel, met de kinderen.’’ Met zelfironie: ,,Want behalve paardrijden kan ikzelf natuurlijk helemaal niks.’’

Zijn zoons Piet (24) en Joep (22) rijden inmiddels ook. ,,Met Piet ben ik naar concoursen geweest. Geweldig is dat, met je zoon op reis. Dat gaf een uniek gevoel.’’

Hij voelt zich aangetrokken door de jeugd, die hij graag van advies dient. ,,Ik ervaar ook veel respect van jonge ruiters. Ze herkennen een paardenman in mij.’’

Ondanks het generatieverschil voelt hij zich niet oud: ,,Als ik hier uit de ring kom, ben ik twintig.’’ Toch naakt het eind van zijn carrière? ,,Ik stop ermee als mijn zoons me uit de prijzen rijden’’, lacht hij. En dan volgt een opzienbarende onthulling. ,,Als ik stop met springen, ga ik dressuur doen. Mijn gevoel zegt me dat ik daarin heel ver kan komen. Ik heb al eens op paarden van Anky van Grunsven gereden. Ja, je kijkt of je het niet gelooft, maar ik verzeker je dat het echt gaat gebeuren.’’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden