'Als ik moet gaan,wil ik ook kunnen gaan'

Huisarts Brenda Ott ontwikkelt wilsverklaring tot niet-reanimeren

INTERVIEW | SYTSKE VAN AALSUM

"Bijna alle ouderen zijn bezig met het levenseinde. Ze vinden het heel fijn om daar met een buitenstaander, hun huisarts, over te praten. De ontroerendste verhalen komen dan naar boven. Over het overlijden van een kind of hun partner. Ik noem dat het cadeautje van de dag."

Brenda Ott (52), huisarts te Zeist, voert sinds vorig jaar gesprekken met kwetsbare ouderen over wel of niet reanimeren. Inmiddels heeft ze van dertig patiënten een wilsverklaring tot niet-reanimeren 'verzameld'. Die wilsverklaring, door Ott ontwikkeld tijdens haar opleiding ouderengeneeskunde, is te downloaden op www.thuisarts.nl, de website waarop de Nederlandse huisartsen hun patiënten informeren.

De wilsverklaring is onderdeel van de richtlijn die verpleeghuisartsen, huisartsen en verpleegkundigen gisteren naar buiten brachten. Belangrijkste advies: bespreek tijdig met kwetsbare ouderen of reanimatie mogelijk en wenselijk is bij een hartstilstand, en betrek daar vooral de huisarts bij. Van de honderd 70-plussers die gereanimeerd worden buiten het ziekenhuis, overleven er slechts acht. En van hen houden er vier blijvend letsel aan over.

Het is dit soort realistische informatie waar ouderen behoefte aan hebben, merkt Ott in haar praktijk. "Hoe zo'n gesprek tot stand komt? Dat is heel wisselend. Een enkeling komt zelf naar me toe. Zoals die patiënte die van de pijnpoli te horen kreeg: 'Mevrouw, wij kunnen niets meer voor u doen'. Toen ik doorvroeg, begon ze te huilen en haalde ze een briefje uit haar zak: 'Ik wil niet gereanimeerd worden'. Dat is een moment om er verder op in te gaan en de behandelwensen in de toekomst te bespreken."

Anderen, vertelt Ott, hebben al een euthanasieverklaring getekend en willen nu ook hun niet-reanimeerwens vastleggen. Of neem de bijna negentigjarige patiënt die steeds maar viel en werd doorgestuurd naar de geriater. "Ik heb hem gezegd: 'Die wil weten of u gereanimeerd wilt worden. De kans op overleven is heel klein'. De man heeft een wilsverklaring meegenomen bij opname in het ziekenhuis."

Maar Ott schroomt ook niet om hierover te praten met ogenschijnlijk nog redelijk vitale patiënten. "Een vrouw van 85 jaar had knieklachten. Ik vroeg haar: 'Hoe ervaart u uw gezondheid op dit moment?' 'Ach, wat krakkemikkig, maar er zijn genoeg dingen om van te genieten, de kleinkinderen bijvoorbeeld', antwoordde ze. Toen ik vroeg of ze nagedacht had over reanimatie, zei ze meteen: 'Nee dokter, dat wil ik niet. Als de dag komt dat ik moet gaan, dan wil ik ook kunnen gaan'. Die mevrouw heeft een wilsverklaring opgesteld."

Collega's van Ott vragen weleens waar zij de tijd vandaan haalt voor dit soort gesprekken. Dan geeft ze hen de volgende tips: "Als je binnenkomt, geef je non-verbaal aan dat je de tijd neemt. Doe je jas uit, ga op een stoel zitten en voel de rugleuning. Je begint met vragen en je luistert vooral heel goed. In een kwartier kun je al veel horen en bespreken."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden