'ALS HET ERGER WORDT, PAK IK MIJN KOFFERS, MAAR JA, DE KINDEREN'

Er komt niet zoveel meer van een spelletje kaart in de Marokkaanse koffiehuizen van Den Haag. Bomaanslagen en andere uitingen van racisme houden de gemoederen bezig. Angst begint de bezoekers in zijn greep te krijgen. "De tijd dat je gewoon met je Nederlandse buurman kon praten is al lang voorbij."

Er komt niet zoveel meer van een spelletje kaart in de Marokkaanse koffiehuizen van Den Haag. Bomaanslagen en andere uitingen van racisme houden de gemoederen bezig. Angst begint de bezoekers in zijn greep te krijgen. "De tijd dat je gewoon met je Nederlandse buurman kon praten is al lang voorbij." Donderdagmiddag twee uur. Het is druk in het Marokkaanse koffiehuis aan de Haagse Hoefkade, midden in de Schilderswijk. De inrichting is sober. Wankele stoelen, gegroepeerd om kleine tafeltjes met formica bladen. Een onbarmhartige TLverlichting. "Vier thee" , schreeuwt iemand uit een hoek en laat dominostenen op de tafel rollen. Het spel kan beginnen.

Op andere tafels vallen de speelkaarten. Een paar kinderen vermaken zich met een flipperkast. De ober loopt onophoudelijk heen en weer, balancerend met theeglazen en Marokkaanse soep-Harira. Arabische muziek klinkt zachtjes op de achtergrond.

Spelers en toeschouwers blijken gemakkelijk te verleiden tot een discussie over de recente aanslagen op migrantendoelen en gewelddadigheden tegen buitenlanders. "Zo iets verwacht je niet in Nederland" , onderbreekt Ibrahim Bahar zijn kaartspel. "Wel in Duitsland, Frankrijk of Belgie, maar toch niet in Nederland." De jonge Marokkaan drukt gedachteloos met zijn lepeltje het groene takje mint stuk tegen de dikke buikwand van het theeglaasje. "Nederland is toch een tolerant land" , zegt hij vragend. "Of is dat alleen maar schijn?"

"Wat ben je toch naief" , reageert zijn vriend naast hem heftig. "Het geweld tegen buitenlanders is al jaren aan de gang. En daar lees je lang niet alles over in de kranten. De brandstichtingen in koffiehuizen en moskeeen komen veel vaker voor dan de mensen denken. En hoeveel buitenlanders worden niet in elkaar geslagen door een stel racisten?" Nee, Nederland tolerant? Wie dat vindt, sluit volgens hem al jaren de ogen voor de werkelijkheid.

Andere bezoekers leggen hun kaarten en stenen neer en schuiven aan. Het onderwerp leeft. De eigenaar van het koffiehuis komt achter de toonbank vandaan, veegt de handen af aan zijn besmeurde schort en zegt geemotioneerd: "Wij als migrantengemeenschap hebben geregeld te maken met bedreigingen. Twee maanden geleden werden de ruiten van mijn koffiehuis door Nederlandse jongeren ingegooid en werden leuzen als Turken rot op naar je eigen land op de muren gekalkt."

Volgens de meeste bezoekers van het koffiehuis zijn de recente geweldsuitbarstingen tegen buitenlanders geen incidenten. "Overal in Europa neemt het racistisch geweld toe en Nederland is geen uitzondering" , zegt de 20-jarige Aziz Idrissi, student aan de Technische Universiteit in Delft. De recente aanslagen zijn daarvan volgens hem het bewijs. "De houding van Nederlanders ten opzichte van migranten en vluchtelingen is heel duidelijk aan het veranderen. Zij krijgen de schuld van alle problemen. Vroeger had ik veel Nederlandse vrienden, maar ook zij moeten ineens niets meer hebben van buitenlanders."

Mohamed Azhar, uit de Molenwijk, beaamt dat: "De tijd dat je gewoon met je Nederlandse buurman kon praten is al lang voorbij. Je mag blij zijn als ze je groeten. Ook de Nederlanders in de wijk hebben het vaak slecht, maar ze kijken ons daar nu op aan."

Hij wijst op de moeilijkheden die een jaar geleden ontstonden, toen in de Molenwijk een moskee zou worden gebouwd. De autochtone Nederlanders kwamen in opstand. Er werden straten open gebroken en racistische pamfletten verspreid. Een bejaarde Marokkaanse man en zijn gezin werden mishandeld. De moskee kwam uiteindelijk buiten de wijk.

Azhar heeft jarenlang als metaalarbeider bij een bedrijf in Leidschendam gewerkt. Inmiddels is hij afgekeurd en in de WAO beland. "Over de recente aanslagen worden door Nederlanders bij mij in de straat nu grappen gemaakt" , zegt hij, "zo van: 'Jammer dat er geen doden zijn gevallen'. Zelf maak ik me niet zo druk. Als het erger wordt, pak ik mijn koffers en ga ik terug naar mijn eigen land."

Maar ja, realiseert hij zich vervolgens, hoe moet het dan met zijn kinderen? Die zijn hier opgegroeid.

Een bezoeker die zich tot dan afzijdig heeft gehouden, komt naar het groepje toe. Als hij hoort waar de discussie over gaat, reageert hij: "Aanslagen tegen buitenlanders? In Nederland? Nooit van gehoord." Met een wegwerpgebaar zoekt hij zijn tafeltje weer op. De anderen lachen wat beschaamd. "Let maar niet op hem" , zegt student Idrizzi. "Hij denkt alleen maar aan het kaarten."

Maar de sfeer is veranderd. Sommigen beginnen zich af te vragen of al die interesse van de media wel zin heeft. Zullen verhalen in de krant niet averechts werken? "Door die overdreven aandacht voor gewelddadigheden, loop je de kans dat het alleen maar erger wordt" , waarschuwt een toehoorder. Na deze woorden krijgt een man, gehuld in de traditionele Marokkanse djallabah, eindelijk zijn zin. "Wordt er nu nog gekaart?" roept hij voor de zoveelste keer.

Den Haag telt een stuk of twintig moskeeen. In de grootste, de moskee Al Mouhsinien aan de Stationsweg, is het drukker dan normaal. Op de drie etages maken drieduizend moslims zich op voor het vrijdaggebed. Overal aan de muren hangen Koranspreuken. In de hal zetten de gelovigen hun schoenen in rekken aan de muur. Sommigen snellen naar de wastafels om zich volgens islamitische voorschriften te wassen voor het gebed, anderen zitten de Koran te lezen of in groepjes met elkaar te praten. Alvorens gezamenlijk tot het middaggebed over te gaan, buigt een enkeling zich reeds richting Mekka. Om een vorig gebed in te halen.

De recente bomaanslagen en andere uitingen van racisme houden de gemoederen bezig. De meeste bezoekers zijn duidelijk geschrokken en bang dat hun moskee straks ook het doelwit zal zijn. Maatregelen zijn al getroffen. Er is permanent iemand in het gebouw aanwezig. En hoewel een moskee eigenlijk permanent toegankelijk behoort te zijn, staat de deur op de Stationsweg alleen open als er gelovigen in het gebouw zijn.

"Die ongerustheid is niet zo verwonderlijk" , zegt imam Ben Abdellah. "De moskee is al eerder het doelwit geweest van aanslagen. Twee jaar geleden werd brand gesticht en een paar maanden later vloog een benzinebom naar binnen. Om maar te zwijgen over de vele telefonische bedreigingen, bezoekers die lastig worden gevallen en hakenkruisen die op de muren worden getekend. Aan deze incidenten hebben we bewust geen ruchtbaarheid gegeven. De daders zijn alleen uit op publiciteit en willen angst zaaien onder de migranten."

Dat laatste is de plegers van de recente bomaanslagen gelukt. "De

sen zijn angstig geworden en vrezen dat we in Nederland dezelfde situatie zullen krijgen als in Duitsland" , zegt de geestelijk leider. Hij is bang dat de kloof tussen migranten en de autochtone bevolking alleen maar groter wordt. "Een dialoog met de Nederlanders wordt op deze manier wel erg moeilijk. Het enige dat wij kunnen doen is de mensen gerust stellen en hen vragen om zich niet te laten provoceren."

"We moeten de situatie ook niet overdrijven" , meent Allal Ajjouri, bestuurslid van de Haagse Marokkaanse gemeenschap, daarentegen. De vergelijking met Frankrijk of Duitsland gaat niet op, zegt hij. "In die landen zijn racistische groeperingen veel beter georganiseerd en treden veel openlijker op dan in Nederland." Hij is een van weinigen die vindt dat de aanslagen slechts incidenten zijn. Maar ze moeten wel serieus worden genomen. "We moeten alleen niet in paniek raken. Wie weet gaat het hier om een aantal baldadige jongeren die de sfeer proberen te verzieken."

Toch overheerst bij de bezoekers van de moskee de angst. Voor velen is er een duidelijk verband tussen de bomaanslagen en de discussie van de laatste tijd over de integratie van migranten. Alleen al het feit dat die discussie gevoerd wordt, ervaren ze als bedreigend.

"Als zelfs politici als Bolkestein, ik weet niet van welke partij hij is, roepen dat de islam een gevaar is voor de Nederlandse rechtsorde en dat er geen islamitische scholen moeten komen, dan is dat toch een voedingsbodem voor racisten. Die voelen dat als een vrijbrief om tegen buitenlanders tekeer te gaan" , zegt een bejaarde man na het gebed.

Een jongen valt hem bij: "Migranten zijn weer in de belangstelling. Sommigen vinden dat we niet willen integreren, anderen vinden weer dat we te lui zijn om te werken en de politiek doet er een schepje bovenop door ons te verwijten dat we fundamentalistisch zijn. Als we de radio aanzetten, horen we bovendien alleen maar van maatregelen van de regering die nadelig zijn voor buitenlanders. Vroeger waren we blij dat we in Nederland woonden en niet in Belgie of Frankrijk. Van die Nederlandse tolerantie is nu niets meer over."

Het klimaat dat door de racistische uitingen wordt geschapen is levensgevaarlijk, menen de moskeegangers. De stap naar rassenrellen zou klein zijn. "Als de aanslagen doorgaan, is de kans groot dat migrantenjongeren ook geweld gaan gebruiken, ze hebben toch geen enkel toekomstperspectief. En dan krijgen we hier net zulke rellen als onlangs in Brussel."

Na de gebedsdienst bedanken de gelovigen de imam en loopt de moskee langzaam leeg. De Stationsweg vult zich met groepjes moslims. Lachend en druk pratend verspreiden ze zich. Over tot de orde van de dag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden