'Als eerzucht vervaagt is het met je gedaan'

Koen Verweij en Jan Blokhuijsen kampen met een postolympische crisis, in tegenstelling tot de veel gelauwerde EK-favorieten Sven Kramer en Ireen Wüst. Plezier is de sleutel tot motivatie en succes, concludeert ervaringsdeskundige Gianni Romme.

In het fitnesscentrum van ijsstadion Oeralskaja Molnija in Tsjeljabinsk werkt Gianni Romme zich op een hometrainer in het zweet. Het lijf van de 41-jarige coach is nog altijd afgetraind; de gekscherende vraag of hij dit weekeinde weer een EK rijdt kan niet uitblijven.

De tweevoudige olympische kampioen van Nagano op de vijf en tien kilometer zegt veel magerder te zijn dan in zijn actieve schaatstijd, toen zijn kont reusachtig was en de bovenbenen elkaar bij het lopen nauwelijks konden passeren. Hij praat over 'de fantastisch leuke tij' die hij als topschaatser heeft gehad, en hoe achterhaald de trainingsschema's van amper vijftien jaar geleden zijn.

"Nu ik trainer ben moet ik concluderen dat het niet handig was wat we toen deden. Destijds lazen we de schema's van Henk Gemser uit de jaren tachtig en lachten wij hem uit, zo achterhaald waren ze. En ook nu zijn de trainingen weer efficiënter geworden. Wij stonden veel op het ijs en zaten constant tegen overtraindheid aan. Er wordt nu slimmer getraind, waardoor schaatsers langer meegaan."

Romme is generatiegenoot van Marianne Timmer, die in Nagano de 1000 en 1500 meter voor haar rekening nam. Timmer liet op die gouden oogst het jaar daarop een wereldtitel volgen. Romme was daarentegen in 1999 compleet de weg kwijt. Nu brengen ze als coaches bij Team Continu Ireen Wüst op het topniveau van het vorige succesvolle olympische jaar.

Ofschoon Romme destijds met ernstige motivatieproblemen kampte, begrijpt hij de crisis niet waarin Jan Blokhuijsen (25) en Koen Verweij (24) van ploeg Corendon zitten. De eerste, de Europese kampioen allround is zo diep gezonken dat hij in Tsjeljabinsk zijn titel niet verdedigt en al een punt achter het seizoen heeft gezet. Verweij, de wereldkampioen, begon het seizoen na een lange vakantie met een trainingsachterstand. Tussen neus en lippen door merkt hij op dat de EK 'een mooie training is'.

"Topsport is vanaf je zestiende investeren tot je rond je 25ste in de bloei van je leven bent", aldus Romme. "Die twee jongens zitten precies op het tijdstip dat ze moeten gaan oogsten, dat ze de aanval op Sven Kramer moeten openen. Dan moet je zo donders gemotiveerd zijn en denken: die grote aap op de top van die berg moet er af. Gas erop, weg met de gast."

"Ik heb zelf lange tijd daarboven gezeten, en voelde altijd dat ze me eraf wilden trekken. Marianne en ik hebben het er regelmatig over dat je daarvan bij Blokhuijsen en Verweij niets ziet, al vanaf het begin van het seizoen. Ik begrijp dat niet."

"Ik heb een dip gehad in het na-olympische jaar 1999. Het was schandalig zoals ik toen in de rondte reed, ik schaamde me diep. Ik werd dertiende (vijftiende, red) op de EK, ik werd uitgefloten op de eerste dag. Ik wilde liefst onder het ijs kruipen, ik was het totaal kwijt. Niet mijn slag, zoals dat bij Blokhuijsen het geval is, maar het plezier in mijn sport."

"Er is een groot verschil met dietwee jongens. Ik had enorme pieken gehad en daarna veel veranderingen. Ik wist het even niet meer. Ik ben naar Lanzarote gegaan waar ik met atleten uit andere sporten heb getraind, en gekeken heb naar de manier waarop zij met hun sport omgingen. Dat was zo motiverend, als ik eraan terugdenk krijg ik er nog kippenvel van. Daar heb ik het gevoel voor topsport teruggekregen. Het jaar daarop werd ik wereldkampioen op de vijf kilometer en tweede op de tien."

"Koen Verweij en Jan Blokhuijsen zijn de afgelopen jaren dicht bij Sven gekomen, maar hun piek hebben zij nog niet bereikt. Jan heeft geen olympisch goud en, met alle respect, hij is slechts Europees kampioen. Zonde dat hij zo rijdt, hij is zo'n goede schaatser. Bovendien weet hij alles van Kramer, ze hebben jarenlang samen getraind."

"Als Sven nu een inzinking zou hebben, kon ik dat begrijpen. Hij heeft een lange carrière achter de rug, zou verzadigd moeten zijn door successen, is verslagen door Jorrit Bergsma op de tien kilometer, ziet hem op de vijf naderen en maakt dit jaar een enorme omslag. Bovendien, hoe vaker je wint, hoe lastiger het wordt. Het ziet er bij hem makkelijk uit, maar reken maar dat hij pijn lijdt, dat het zuur hem uit zijn oren komt. Hij ziet dat alles als nieuwe motivatie."

"Koen en Jan staan in de kinderschoenen van Sven, ze zouden op en top gemotiveerd moeten zijn om hem eraf te rijden. Daarin moeten ze zelf hun weg zoeken, het is de kunst om het zo ideaal mogelijk voor jezelf te maken. Als je op het positieve gefixeerd bent, kan je alle pijn verdragen. Als die eerzucht vervaagt, is het met je gedaan. Dat is de kracht van Sven: je moet het prachtig vinden."

In Tsjeljabinsk doen ze niet aan politiek

De oorlogstaal is verdwenen, politiek is tijdens de EK in Tsjeljabinsk geen issue. Nadat vorige maand in Nederland de sportboycot ten aanzien van Rusland van stal werd gehaald, reageerde Andrej Vahutin, vicevoorzitter van de Russische schaatsfederatie, met krachtige taal: hij dreigde de Nederlandse ploeg van de EK uit te sluiten.

Trainer Jan van Veen houdt vast aan zijn voorgenomen boycot en laat Koen Verweij over aan de zorg van Peter Kolder. Marrit Leenstra, die twijfelde over deelname, kwalificeerde zich niet. Ireen Wüst en Sven Kramer, die zich onder druk van de NOS-camera's negatief uitspraken over de locatie, doen gewoon een gooi naar de titel.

In de Russische industriestad werd de door Vahutin gevouwen plooi geruisloos gladgestreken. Tijdens een persconferentie van het organisatiecomité wordt een vraag gesteld over de boycot van Jan van Veen.

"Het organisatiecomité stelt zich neutraal op ten opzichte van het statement om dit toernooi te boycotten om politieke redenen door een Nederlandse coach", zegt Ksenia Shantseva van de Russische schaatsfederatie.

Om daar diplomatiek aan toe te voegen: "Alle deelnemers in Tsjeljabinsk nemen hier deel onder dezelfde condities."

Officials van de internationale schaatsfederatie doen politieke vragen af met het gebruikelijke cliché dat sport niets met politiek te maken heeft. Ze maken zich niet druk om het feit dat de KNSB met een 'versoberde afvaardiging' in Tsjeljabinsk is, met alleen algemeen directeur Paul Sanders.

Na eventuele titels zal geen champagne worden geschonken.

Sven Kramer rijdt graag in Tsjeljabinsk, maar had de EK liever elders gezien. "Ik heb niet in de hand waar kampioenschappen worden gehouden." Eventueel succes zal hij "op gepaste wijze" ingetogen vieren. Hoe, daar zegt hij nog geen idee van te hebben.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden