Als duiven op de dam

Gerbrand Bakker is schrijver en hovenier. Hij verhaalt over zijn huis, tuin en buren in de Duitse Eifel.

Die aparte lijster bleek geen lijster maar een Holunderdrossel

De op afstand bestuurbare boot van het bezoek van vorige week ging niet stuk. Sterker nog: er werd zó lang mee gespeeld dat ik na het schrijven van de column naar de visvijvers gelopen ben waar gevaren werd. Op de terugweg zagen we een vos wegrennen, een beboste heuvel op. We bleven staan, er werd gewezen. Vervolgens kwamen één voor één jonge vosjes als baaltjes wol naar beneden rollen. Het was alsof de eerste in het hol moest zijn voor de volgende omlaag mocht komen. Niemand van ons had eerder zulke kleine vosjes gezien. Bezoek blij - ze zagen ook al een paar reeën - en ik blij.

Twee dagen later stapte ik bijna op een hazelworm die naast de moestuin lag te zonnen. Toen ik beter keek, zag ik dat hij in zijn eigen staart beet. Na nóg beter kijken, besefte ik dat hij in het lijf van een tweede hazelworm beet. Met zulke buigbaar lintachtige wezens is het soms moeilijk te zien waar ze beginnen en eindigen en of het er één is of twee zijn. Ik neem aan dat ze aan het paren waren, waarom zou je anders je zongenoot bijten?

Ik was erg blij met deze twee hagedissen zonder poten, omdat ergens nog steeds een vaag schuldgevoel knaagt. Voordat de oude aanbouw afgebroken werd, leefde er een enorme kolonie hazelwormen onder de plastic golfplaten die als dak fungeerden. Vanaf het moment dat baggeraar Peter met zijn enorme graafmachine de boel afbrak, waren ze verdwenen. Ik had hem gewezen op de hazelwormen, waarop hij zijn schouders ophaalde en zei 'Die sind hier einheimisch'. Met andere woorden: als duiven op de Dam, niet zeuren, ik ga nu happeren.

De avond erop liep ik zoals gewoonlijk met Jasper door Nimshuscheidermühle. Op een gegeven moment raakte hij erg opgewonden van iets wat op de grond lag te flapperen, in het licht van een straatlantaarn. Een grote mot. De mot vloog op, stortte weer ter aarde en vloog weer op, hinderlijk in de weg gezeten door mijn happende hond. Maar uiteindelijk lukte het hem genoeg hoogte te krijgen. Een vleermuis die in het licht muggen aan het vangen was, dook omlaag, stortte zich op de mot - ik meende zelfs een knappend geluid te horen - en dat was dat. Mot morsdood, hond niet langer geïnteresseerd, vleermuis, alsof er niets gebeurd was, muggen vangend. Zal die vleermuis de grote mot als concurrent gezien hebben? Iets wat uit de weg geruimd moest worden?

Alsof dat allemaal niet genoeg was, zag ik op een ochtend een aparte lijster op het gazon scharrelen. Zo apart, dat ik dacht: dat is dus helemaal geen lijster. Petersons Vogelgids erbij gepakt. Een kramsvogel. Gelijk even de Duitse naam bekeken, zodat ik dakdekker Rudi kon vertellen wat ik nu weer in de tuin had. Holunderdrossel. 'Vlierlijster.' Ik vinkte hem af en dronk een derde kopje koffie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden