Alles draait om jam in Neede

Wat nou Flipje uit Tiel? De echte jam komt uit Neede. Tenminste, dat vinden ze in de Achterhoek, waar woensdag weer de Nationale Jammarkt wordt gehouden.

De oranje worteljam van Optiek Van Rugge heeft een zoetje. „Niet vies”, verzekert Jan Kooiker ten overvloede in zijn lenzen- en brillenwinkel in hartje Neede. „Het is juist lekker fris. Hiervoor komen mensen speciaal terug. Elk jaar.”

Opticien Kooiker en zijn medewerkers maken elk jaar weer een eigen worteljam ter gelegenheid van de Nationale Jammarkt. Ze smeren hem op toastjes en delen die uit op de jammarkt die jaarlijks tussen de vijfentwintig- en veertigduizend bezoekers trekt. Woensdag is al weer de twintigste editie. Halverwege deze dag is zijn voorraad op, weet Kooiker nu al.

Ooit was de jamfabriek van Neede (9.700 inwoners) de trots van het Achterhoekse dorp. Het zoete broodbeleg ging de hele wereld rond. Maar de economische crisis in de jaren dertig van de vorig eeuw betekende het einde van het succesverhaal. De Tielse concurrent ’de Betuwe’ overleefde wel met het destijds luxe product, zodat die stad zich nu als de Nederlandse jamstad kan afficheren met reclamekarakter Flipje als boegbeeld.

Juist daarom herinnert de Nationale Jammarkt sinds 1991 op de derde woensdag van augustus aan de Needse jamgeschiedenis. Wat ontstond als een spontaan idee van de Needse marktmeester wiens moeder nog bij ’d’n Jam’ had gewerkt, trok sinds de allereerste markt een groeiend jamminnend publiek naar het dorp. Binnen enkele jaren was de Nationale Jammarkt als traditie gevestigd. Heel Gelderland en ook de Duitse grensstreek kent het fenomeen.

Aan het einde van de 19de eeuw begonnen rijke Nederlanders vruchtenjam te eten. Aanvankelijk aten ze het Engelse luxeproduct. De naam is afgeleid van to jam en duidt op het samenpersen van vruchten. Vooral de Tweede Boerenoorlog in Zuid-Afrika maakte jam in Nederland onder een breder publiek populair.

Bij die oorlog (1899-1902) kozen de Nederlanders partij voor de opstandige Boeren met hun Nederlandse voorouders. Nederland raakte in een anti-Britse stemming. Er ontstond behoefte aan eigen jam, want met Engelse zoetigheid kon niemand zich meer vertonen. Ineens ontstonden her en der in Gelderland jamfabriekjes die begonnen met het aanboren van een groter nationaal jampubliek.

Het succes van de Needse jamfabriek van de Tuinbouwmaatschappij ’Gelderland’ was groot, maar tijdelijk. De lokale gemeentesecretaris Gerard Voerman had al in 1896 ontslag genomen om een kwekerij te stichten. Het kostte zeven jaar later weinig moeite een jamfabriek te bouwen om aan de aanzwellende jamvraag te voldoen. Het bedrijf beleefde zijn hoogtijdagen tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Nadien verdwenen de handelsbelemmeringen. Tuinbouwmaatschappij ’Gelderland’ begon de jams uit Neede over de hele wereld te verkopen, van Scandinavië en Zuid-Amerika tot in Azië. Vooral in Nederlands-Indië verschenen de Achterhoekse jams bij de broodmaaltijd en in desserts. De Needse fabriek, kwekerijen en fruitboomgaarden trokken telden steeds meer medewerkers, uiteindelijk 120 mensen.

Maar de internationale expansie met conservenmerken als Superba en Supra bleek te ambitieus toen de economische crisis in het begin van de jaren dertig toesloeg. De Needse vruchtenjamfabriek kon in Nederlands-Indië de Australische concurrentie niet aan. Het bedrijf had meer problemen en ging in 1931 failliet. ’D’n Jam’ verdween. Klanten en recepten gingen naar de concurrent TEO in het Betuwse Elst.

De Nationale Jammarkt herinnerde Neede in 1991 voor het eerst in jaren weer aan zijn jamverleden. De toenmalige gemeente nam het initiatief en organiseerde alles. Neede kon immers een oppepper gebruiken, omdat het textielverleden net als elders in de Achterhoek en in Twente een spoor van lege, verlaten panden had achtergelaten. De eerste Nationale Jammarkt bracht meteen een positief gevoel teweeg. Er kwam zoveel publiek op af dat alle jam in het dorp uitverkocht raakte.

„De gemeente deponeerde snel de naam Nationale Jammarkt”, vertelt Jan Willem Holtmaat van de organiserende stichting. Want sinds Neede in 2005 met de buurdorpen opging in de gemeente Berkelland staat de jammarkt op eigen benen. Het festijn mag niet te commercieel worden, vindt Holtmaat. „De markt is vooral bedoeld voor de hobbyist. Hier komen niet alleen toeristen uit de omgeving, maar mensen uit het hele land, die dagelijks met hun hobby jam maken bezig zijn. En ook uit Duitsland.”

De Nationale Jammarkt 2010 telt honderd kramen met jams, chutneys, marmelades en geleien uit binnen- en buitenland. Niet alleen jamfabrikanten laten zien wat ze maken, ook de thuismakers bieden hun zoete producten aan. Verder worden er spullen verkocht die handig zijn bij het conserveren van vruchten. En hebbedingetjes die met jam te maken hebben, zoals een heus jamkwartet met kaarten vol vruchten.

Jaarlijks maakt dorpsomroeper Gerrit ter Braak de nieuwe Jamkoningin bekend. Ze is niet alleen gastvrouw voor de bezoekers, maar ze vertegenwoordigt Neede ook bij het jaarlijkse fruitcorso in Tiel. Animositeit tussen de beide Gelderse jamsteden is er niet, eerder een gedeelde geschiedenis. Flipjes jamfabriek ’de Betuwe’ verhuisde al lang geleden van Tiel naar Breda, waar de Hero-fabriek staat.

Maar de Gelderse fruit- en jamgeschiedenis bloeit nog volop. Niet voor niets haakt opticien Kooiker in op het succes van de Nationale Jammarkt met toepasselijke jam. In zijn winkel aan de Oudestraat zijn voor liefhebbers potjes worteljam verkrijgbaar. „Als optiek kozen we natuurlijk voor jam met wortels”, ver klaart Kooiker lachend. „Ze bevatten veel vitamine A. Zie je ooit konijnen met een bril? In een oud receptenboek vonden we de bereidingswijze. Er zit ook veel sinaasappel in. Lekker.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden