Alles draait om de Mercedes van Siegfried

In 'Der Untergang der Nibelungen' van Friedrich Hebbel schudt het Berlijnse Gorki Theater flink aan het Duitse zelfbeeld. Kan dat wel, een Turkse Duitser als Siegfried en een man in de rol van Brunhild? Dramaturg Jens Hillje legt uit.

Op het eerste gezicht is het een overzichtelijk verhaal. Liefde, verraad, wraak. Siegfried valt op Kriemhild. Met een list weet hij haar te krijgen. Wanneer Kriemhild de list ontdekt, voelt ze zich verraden. Dat wordt Siegfrieds dood. Dan volgt Kriemhilds ultieme wraak. Ze stort het rijk der Nibelungen in de ondergang.

Het complete verhaal is echter veel wijdlopiger en onoverzichtelijker en kent allerlei zijsporen. Er komt een schat aan te pas, het Rijngoud, en enige tovenarij. Honderden jaren is aan het verhaal gesleuteld. Zelfs wat als de oertekst geldt: het 'Nibelungenlied', is een door een dertiende-eeuwse monnik uit overlevering en fantasie in elkaar geknutseld maakwerk.

Vandaar dat menig kunstenaar zich vrij voelde om er zijn eigen fantasie op los te laten. In de negentiende eeuw werd dat een Duitse nationale sport. "In 1890 waren er een stuk of tachtig verschillende toneelversies", vertelt dramaturg Jens Hillje van het Gorki Theater. Zijn ensemble produceerde de jongste versie, te zien op het Holland Festival.

In de negentiende eeuw werd het Nibelungenverhaal gezien als de oorsprong van de Duitse identiteit. Siegfried was de nationale held. Hij had de draak gedood en door zijn huwelijk met Kriemhild de Duitse natie gesticht. Dat zijn daden tegelijk de ondergang van zijn 'nevelrijk' ('Nibel' is 'nevel') betekenden, loopt als een rode draad door de latere Duitse geschiedenis.

Wat in de afgelopen twee eeuwen in de verschillende versies van het Nibelungen-verhaal telkens weer terugkeert, is de obsessie van de Duitsers met hun eigen ondergang. Dat is ook het geval in de actuele variant van het Gorki Theater. Het gezelschap heeft twee monologen ingelast, waarin het de huidige angst van de Duitsers voor de zelfvernietiging verwoordt.

"In 2006 speelde Duitsland mooi voetbal op het WK in eigen land", legt Hillje uit. "Iedereen riep toen: 'We stellen weer wat voor!' In 2008 begon de financiële crisis. Daar is Duitsland, in de woorden van Merkel, alleen maar sterker van geworden. Duitsland is wereldkampioen export. 'We stellen nóg wat voor', heet het nu. Dat noem ik: 'de schommel van de angst'."

Het ensemble van het Gorki Theater beeldt, onder regie van Sebastian Nübling, die situatie uit met behulp van een zwarte Mercedes uit de luxe S-serie, het enige rekwisiet op de bühne. De Mercedes stelt zowel de burcht der Bourgondiërs voor, waar Kriemhild met haar broers huist, als de schat, het Rijngoud, die Siegfried in het huwelijk met haar inbrengt.

De achterbank van de Mercedes is ook de plek van het verraad. Daar verleidt Siegfried Brunhild, de beoogde bruid van Kriemhilds broer Gunther, koning van de Bourgondiërs. Als Siegfried haar heeft verleid (in dit geval 'hem': Brunhild is een man met Conchita Wurst-look), laat hij haar over aan Gunther, waarna Gunther Kriemhild aan Siegfried schenkt.

Gunther is degene die de eerste actuele monoloog uitspreekt. De rouwrede bij Siegfrieds dood. De tekst is voor een groot deel gebaseerd op Merkels rede ter nagedachtenis van de slachtoffers van de NSU, de rechts-extreme terreurgroep die een spoor van dood en verderf door Duitsland trok. Hillje: "Er is nauwelijks een theatercriticus die dat heeft opgemerkt."

De tweede actuele monoloog is aan het slot, uitgesproken door Hagen von Tronje, de Bourgondische vazal die de moord op Siegfried uitvoerde. Anders dan in de meeste varianten van het Nibelungenverhaal is Hagen geen duistere onderkruiper maar een afstandelijke observator. In de slotmonoloog verwoordt hij Hilljes 'schommel van de angst'.

"Hagen is de eigenlijke held van het verhaal, niet Siegfried", zegt Hillje. "Hagen zit in de positie van de toeschouwer, met hem moeten de mensen in de zaal zich identificeren." Wat niet zo moeilijk is, want Hagen wordt met veel rust en onderkoelde superioriteit gespeeld door de uit Kazachstan stammende Dimitrij Schaad.

Het Gorki Theater speelt de tekst van Friedrich Hebbel, de enige Nibelungen-variant die de negentiende-eeuwse nationale euforie over het verhaal heeft overleefd (natuurlijk naast die van Wagner in zijn wereldberoemde 'Ring des Nibelungen'). Al heeft het ensemble wel Hebbels doodsaaie, meer dan vijf uur durende drama tot minder dan de helft teruggebracht.

Ook al het gedoe met burchten, bergen en berenvellen, met gehoornde helmen, zwaaiende zwaarden en vervaarlijke vrouwenfiguren, bekend van veel ensceneringen, variërend van Wagners 'Nibelungen' tot Fritz Langs verfilming en zelfs tot in recente uitvoeringen, is teruggebracht tot een enkele Mercedes en een multiculturele acteursgroep.

Siegfried wordt gepeeld door een Turkse Duitser, Brunhild door een mooie man, Kriemhild, eerst in geile pose, later als doortrapte machtsvrouw, door een Armeense, haar nieuwe echtgenoot, koning Etzel (Atilla) door de actrice Nora Abdel-Maksoud. "In de soms vernietigende kritieken dook een ontzaglijk wij-zij-probleem op", zegt Hillje.

"De critici zeiden: dat zijn wij niet", vat Hillje samen. Volgens hem zijn zij al te zeer gewend aan blonde protagonisten met blauwe ogen. In deze uitvoering zien ze ineens gekleurde hoofdrolspelers die het drama rond de Duitse identiteit uitbeelden. Het, zoals dat heet, 'post-migrantische' ensemble moet zich volgens de critici niet met de Duitse zaak bemoeien.

Het Gorki Theater staat sinds het vorige seizoen onder leiding van Shermin Langhoff en boekt het ene succes na het andere. Vorig jaar riep het gezaghebbende blad Theater Heute het ensemble uit tot theater van het jaar. Een eer en een last, vindt Hillje dat. "De critici leggen de lat nu extra hoog en vinden onze 'Nibelungen' de prijs onwaardig."

Het Nibelungenverhaal, dat elk zichzelf respecterend theater in Duitsland wel een keer uitvoert en waaraan de 'Nibelungenstad' Worms jaarlijks een festival wijdt, is een door en door Duitse aangelegenheid. Dat is het des te meer sinds nazi-propagandaminister Goebbels 'Nibelungentrouw' van de Duitsers eiste toen de oorlog al uitzichtloos was geworden.

"Elke uitvoering", zegt Hillje, "moet met die smet in het reine zien te komen door een nieuw zelfbeeld te ontwerpen. Dat doen wij ook. Veel critici kunnen of willen zich daar niet in herkennen. 'Dat is een migrantenwijk in Berlijn', roepen ze dan, 'dat is Neukölln.' Maar gelukkig zijn er ook veel mensen die zich er wél in herkennen. Kijk maar naar de zaal, al die jonge mensen."

Wat het jonge, enthousiaste publiek nog het minst mist, is het traditionele bloedbad aan het eind van het stuk: de ondergang van de Nibelungen. Het Duitse zelfbeeld dat het Gorki Theater ontwerpt, weet het zonder dat eeuwige slachthuis te stellen.

'Der Untergang der Nibelungen' is op 10 en 11 juni in het kader van het Holland Festival te zien in de Stadsschouwburg Amsterdam.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden