Alleen slecht weer kan Ullrich nog verontrusten

SAINT ETIENNE - Jan Ullrich vond het een gedenkwaardig moment, toen hij Richard Virenque inhaalde. Het gaf hem in de individuele tijdrit extra motivatie. Om zijn naaste, niet versagende 'concurrent' in de Tour de France daadwerkelijk voor te blijven, raffelde hij de laatste kilometer nog eens af in 1,16 minuut. “Verbazingwekkend snel”, stamelde zijn privé-trainer Peter Becker vol ongeloof. “Hij is meester op mijn terrein”, zo sprak de geklopte Virenque een treurige grafrede over zichzelf uit.

JOHAN WOLDENDORP

Het is de bekende open deur van de meeste Ronden van Frankrijk. Van 1991 tot en met '95 werd die vraag na elke vergelijkbare machtsdemonstratie van Miguel Indurain gesteld, rond de jaren tachtig een keer of vijf toen Bernard Hinault weer eens iedereen naar huis had gereden, in het decennium daarvoor toen Eddy Merckx vergeefs op zoek was naar zijn gelijke en in de gouden tijd van Anquetil aan Maître Jacques himself. Wie houdt - we schrijven dan 1997 - Jan Ullrich van de Tourzege af? “Slecht weer”, antwoordt de betrokkene timide. “Ik hoop dat wij het geluk aan onze zijde houden, ik bid dat het in Alpen niet zal regenen.” En wat wanneer aan die voorwaarden wordt voldaan? “Dan blijven het zware bergritten. Elke dag loert het gevaar.” Parijs is nog ver, zou Joop Zoetemelk zeggen. Dan wordt het een mooie, lange zegetocht, zou ieder ander reageren.

Ullrich heeft gisteren in een 55 kilometer grote lus rond Saint Etienne huis gehouden, zoals bovengenoemd gouden kwartet dat in hun tijd voor hem heeft gedaan. In een weergaloze cadans, als een menselijke Rennmaschine, zoals hij in Duitsland al vertederend wordt genoemd. Virenque werd, zoals gezegd, ingehaald en moest derhalve ruim drie minuten inleveren. Ploeggenoot Riis, Olano en Pantani verloren nog iets meer terrein op de geweldenaar, waardoor hun achterstand ontmoedigende vormen heeft aangenomen. “Ik ben blij dat ik een behoorlijke voorsprong heb opgebouwd”, meldt Ullrich voorzichtigheidshalve op de persconferentie en hoopt inwendig dat hij de komende dagen niet eindeloos over non-prognoses uit de tent wordt gelokt. Het mooiste moment moet zijn geweest toen assistent-ploegleider Rudy Pevenage de microfoon pakte en de laatste vraag aankondigde. Ullrich is wat dat aangaat de perfecte kloon van Miguel Indurain. Die weigerde bijvoorbeeld halsstarrig de wielertaal Frans te leren om op de manier van een heel hoop interviews af te zijn.

Wat zich dinsdag in de koninginnenrit in de Pyreneeën al aftekende, werd gisteren nog eens onderstreept. Iedereen die van de daken schreeuwt dat Ullrich het in zich heeft om de Tour de France (minimaal) vijf keer te winnen, zou zich bij het eeuwfeest van de ronde in 2003 best eens op de borst mogen kloppen. Na Indurain wacht de volgers wat dat aangaat een nieuw 'schrikbeeld'. Gelet op eerdere uitlatingen van zijn trainer Becker (in de DDR-periode zijn bondscoach bij de junioren) blijven er voor de overige renners genoeg wedstrijden over om de erelijst op te fleuren. Ullrich zal zich in de nabije toekomst louter op de Tour en het wereldkampioenschap richten. Net als bij Indurain komt de rest van het seizoen in het teken van die twee pieken te staan. Een kannibaal als Merckx zal hij niet worden; dat zou in het huidige wielrennen trouwens een soort zelfkannibalisme zijn.

Ullrich meent nog steeds in alle ernst dat de Alpen zijn feestje kunnen verstoren. In theorie is die mogelijkheid ook niet uitgesloten. De Ronde van Frankrijk blijft voor hem een soort ontdekkingsreis. Van de acht serieuze cols, die vandaag, morgen en maandag op het programma staan, kent hij slechts de Madeleine. Gisteren beleed hij opnieuw zijn liefde voor mooi weer. Daarin schuilt momenteel zijn zwakke plek: de angst om te vallen. Hij deed in dat verband een kleine twee maanden geleden slechte ervaringen op in de Midi-Libre. Toen gleed hij door regen twee keer onderuit. In de Ronde van Zwitserland had hij door slecht weer eveneens een jour sans, maar toen was hij nog niet in topvorm. Dus beschouwde hij dat als een bagatel.

Vooralsnog is de spanning geweken in de Tour de France. Virenque had de schijn mogelijk nog een kleine beetje op kunnen houden, wanneer hij niet door een schakelfout zijn knie had geblesseerd. Hij trapte door zijn ketting heen en raakte met het gewricht het stuur. “Ullrich lag toen nog maar anderhalve minuut achter mij. Zonder dat indident had hij me nooit ingehaald.”

In de laatste kilometer gebruikte Virenque zijn menselijke barrière naar de top nog als haas, maar in de 'spooksprint' bleef Ullrich hem net voor. De Duitser mag dan de Alpen vrezen, in de afsluitende tijdrit - over een week in Eurodisney - zal hij onverhoopt verlies in het hooggebergte zonder twijfel moeiteloos compenseren. Hij heeft dan in ieder geval de beschikking over de nieuwe Piranelli, die voor de proloog nog werd afgekeurd. Op de rustdag werd de aangepaste tijdritfiets afgeleverd, maar Ullrich vond het te riskant er gisteren al op te rijden. “Ik heb er nog niet op getraind. Ik heb na de col de Chaubouret wel van fiets gewisseld (zoals op Olano na alle toppers uit het klassement - red.). Het tijdverlies haal je op een meer aerodynamische fiets gemakkelijk in.”

Boogerd: superdag

Op het slagveld van Ullrich werden uiteraard weinig vreugdekreten gehoord. De stem van Michael Boogerd klonk er enigszins bovenuit. De Hagenaar werd keurig tiende op vijf minuten en schoof een paar plaatsjes op in de algemene rangschikking. In de Alpen kan hij misschien het sprongetje naar de beoogde twintigste stek maken. De rain man (naar de opmerkelijke triomfen die hij in slecht weer behaalde) baalde van de regen, omdat een tijdrit nu eenmaal toch anders is. “Ik had een superdag, maar daar heb je relatief weinig aan wanneer jij in de stromende regen moet starten en de grote jongens onderweg droog weer hebben.” Boogerd moest die verdienstelijke prestatie voor een deel op de tijdritfiets van een ander (de al thuis zittende Leon van Bon) leveren. Omdat de Raboploeg al veel materiaal bij zich heeft, werd alleen van de specialisten een tweede tweewieler mee naar Frankrijk genomen. De fiets van Van Bon was met een iets kleiner frame uitgerust, doch daarop bleek Boogerd achteraf wonderwel te passen.

De “goede pootjes” van gisteren heeft hij het liefst vandaag ook nog. Het is de dag van Alpe d'Huez. De magie van die col snelt vooruit. Omdat het de enige beklimming van de dertiende etappe is, zou het wel eens een lange sprint naar de voorheen Nederlandse top kunnen worden. Wat het karakter van de rit ook wordt, voor het klimtalent uit de residentie is het hoe dan ook iets speciaals. “Iedereen in Nederland weet wat Alpe d'Huez losmaakt. Al vanaf mijn vierde weet ik van de tvdat het iets bijzonders is. Ik kijk al mijn hele leven naar die etappe uit. Als ik goed ben, ga ik met kippenvel op mijn benen naar boven. Ik hoop alleen dat het droog is. Ik kan goed rijden in de regen, maar mijn ouders staan langs de kant. Die gaan om vijf uur 's ochtends al een plekje zoeken.”

Het is marginaal, maar met de tiende plaats van Boogerd, de vijftiende van Jonker (die zich stijf van de stress door de eerste twee weken heen worstelde) en de zestiende van specialist Dekker, kon de tot dusver zwaar teleurstellende Rabo-equipe zichzelf tenminste een beetje kietelen.

Tussentijden top tien tijdrit 12,5 km 26,5 55

1. Ullrich14.2243.24 1.16.24 2. Virenque 14.2945.30 1.19.28 3. Riis 14.3545.46 1.19.32 4. Olano 14.2945.40 1.19.38 5. Pantani14.4945.08 1.20.06 6. Casagrande 15.1545.24 1.20.20 7. Vdbroucke 15.0045.23 1.21.08 8. Jaskula15.0646.02 1.21.14 9. Zberg 15.3046.24 1.21.24 10. Boogerd15.2446.48 1.21.28

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden