Alleen in Nederland heerst de Sint

Sint-Nicolaas heeft het overal verloren van de Kerstman, behalve in Nederland. Een expositie brengt de Sint in beeld, van toen tot nu.

Voor Sint-kenner Eugenie Boer is er geen twijfel mogelijk: Sinterklaas is springlevend ondanks zijn hoogbejaarde leeftijd. Het zag ernaar uit dat de goedheiligman het af moest leggen tegen de Kerstman. Maar inmiddels staat Sint weer boven aan de lijst van meest geliefde tradities. In Nederland, wel te verstaan. In andere landen is het ritueel om elkaar cadeautjes te geven massaal verplaatst naar de Kerstdagen.

Hoe het kan dat het 5 decemberfeest met zijn pepernoten, surprises en gedichten zich wel heeft weten te handhaven in Nederland, is een vraag die niet beantwoord wordt op de tentoonstelling die Boer als gastconservator heeft gemaakt in museum Catharijneconvent in Utrecht. Dat zou nog eens goed uitgezocht moeten worden, zegt ze. „Ik vind het nog steeds een proefschrift waard.”

Misschien moet Boer zich zelf op dat onderzoek storten, afgaand op wat ze allemaal aan verrassende wetenswaardigheden boven tafel brengt op deze familietentoonstelling. De expositie ’Sint-Nicolaas op bezoek’ geeft aan de hand van schilderijen, beelden, gedichten, schoolplaten, foto’s en snoepgoed een stortvloed aan informatie over zijn lange en glorierijke geschiedenis, de gevolgen van de Reformatie en alle veranderingen die zijn personage heeft ondergaan. Bezoekers volgen het spoor van de heilige Nicolaas in zijn gloriedagen als volksheilige tot de moderne Sinterklaas in de 21ste eeuw.

Al rond het jaar 300 na Christus is er sprake van een bisschop Nicolaas van Myra, die volgens de legendes wordt geboren in Turkije. Hij verricht allerlei wonderen voor arme kinderen, maar ook voor zeelieden en handelaren, en voor vrouwen die een man zoeken. In de loop der eeuwen heeft de verering van Sint-Nicolaas, die van alle heiligen verreweg het populairst was, een schat aan kunstwerken opgeleverd, waarvan in het Catharijneconvent een aantrekkelijke mix is te zien. Tot de hoogtepunten behoren drie paneeltjes die deel uitmaken van het altaarstuk dat de Italiaan Gentile de Fabriano in 1425 maakte voor de kerk San Niccolo in Florence. In de negentiende eeuw zijn delen van het altaarstuk uit elkaar geraakt. Ze bevinden zich nu in diverse musea. De drie paneeltjes op de tentoonstelling zijn afkomstig uit het Vaticaans Museum. De afbeeldingen samen geven een mooi beeld van de volksheilige. Eerst zien we Nicolaas als vrome baby, gevolgd door twee voorbeelden van zijn liefdevolle zorg voor de jeugd. Hij geeft geld aan drie arme meisjes om hun van een bruidsschat te voorzien. En hij brengt drie vermoorde jongens weer tot leven.

De verering van Nicolaas verspreidt zich geleidelijk over grote delen van de toenmalige christelijke wereld. Na de invoering van het christendom in Rusland, eind tiende eeuw, wordt Nicolaas ook daar vereerd. Op tal van iconen wordt hij als patroonheilige van Rusland tot op de dag van vandaag afgebeeld. Zijn populariteit slaat over naar West-Europa, als christenen zijn stoffelijke resten vanuit het islamitische Myra overbrengen naar Bari in Zuid-Italië. De Italianen spreken van een redding, de monniken van Myra zien het als roof. In de Middeleeuwen groeit Nicolaas uit tot een belangrijke heilige. Maar de Reformatie in de zestiende eeuw zorgt voor een keerpunt.

De protestanten maken dan een eind aan de intense heiligenverering, waarbij vooral de populaire Nicolaas het doelwit is. Zijn beeltenis wordt weggehaald uit kerken. Kerkelijke vieringen op 6 december en festiviteiten worden verboden. Alleen in Nederland wordt weerstand geboden. Eugenie Boer: „In de zeventiende eeuw proberen overheid en kerk ook een eind te maken aan de huiselijke viering van het Sint-Nicolaasfeest. Het zetten van een schoen wordt in sommige steden op straffe van een boete zelfs verboden.” De strijd tegen het ’paepsche bijgeloof’ is tevergeefs, want het feest houdt stand, al heeft Sint-Nicolaas vanaf toen wel zijn religieuze betekenis verloren. Hij houdt zijn naam en blijft stiekem geschenken rondbrengen, maar de band met het verleden is doorgesneden.

Dat Sint-Nicolaas al in de zestiende eeuw bij kinderen thuis te paard geschenken brengt, wordt onder meer geïllustreerd met een schilderij van Jan Steen, die rond 1665 twee keer een strooiavond afbeeldde, overigens zonder Sint. Op dit schilderij is een appel te zien die volgens Boer de voorloper is van onze huidige surprise. De appel is opengesneden om er een geldstuk in te stoppen en vervolgens zijn de twee helften weer tegen elkaar geduwd. Ook de rol van Nicolaas als opvoeder krijgt aandacht op dit schilderij: het huilende jongetje heeft geen geschenken gekregen, maar de roe. Het meisje dat zoet is geweest, wordt overladen met cadeaus.

In die tijd was niet duidelijk hoe Sint-Nicolaas eruitzag. Een concreet beeld kwam er pas in de negentiende eeuw, toen de voormalige Amsterdamse onderwijzer Jan Schenkman het eerste prentenboek maakte over de goedgeefse heilige. Daarin draagt hij een rode mantel en mijter, die prompt werden nagemaakt. En Schenkman liet hem met een boot aankomen. Ook voerde hij een tweede personage op, Zwarte Piet, om het verhaal spannender te maken. Zwarte Piet was een variant op de page, de luxe huisknecht die rijken in die tijd hadden. Boer: „Met discriminatie had dat toen niets te maken.” In de loop der tijd heeft Zwarte Piet zich ontwikkeld van een dienstbaar persoon tot een steeds kwaaiere en boemanachtige knecht, die stoute kinderen in de zak stopt.

Een aantal jaren geleden ontstond discussie over de vraag of het bestaan van alleen Zwarte Pieten niet discriminerend was. Boer: „Moesten er ook geen gele pieten komen en andere kleuren. Voor mij had dat wel gemogen, maar dat is niet gelukt.” Ook de Sint zelf kwam onder vuur te liggen, door de opmars van de Kerstman. Maar volgens Eugenie Boer zit Sint steviger in het zadel dan ooit. „Tien jaar geleden zag ik in de Kerstman een grotere bedreiging dan nu. Mensen hechten weer aan tradities en je ziet dat ook jongeren weer meer Sinterklaas gaan vieren. Nederland is wat dit betreft echt een enclave in de wereld.”

Boer denkt zelf dat dat ook te maken heeft met ’onze eigenzinnigheid’. „We hebben hier al gauw lak aan regels en daarom gingen we gewoon door met onze Sint-Nicolaasvieringen en het zetten van de schoen, ook toen dat verboden werd. Gelukkig maar. Ik moet er niet aan denken dat Santa Claus, die toch vooral bekend is geworden door de Coca-Colareclames, Sinterklaas van het toneel zou verdrijven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden