Alle vier verliefd op Nedjma

Algerijnse liefdesroman stelt kolonialisme aan de kaak

Wanneer zijn de zaken het ernstigst misgegaan: tijdens de kolonisatie of daarna, bij de dekolonisatie? Die ontgoochelde vraag hoefde en kon de Algerijnse schrijver Kateb Yacine (1929-1989) zich nog niet stellen toen hij begin jaren vijftig zijn antikolonialistische roman 'Nedjma' schreef. Dat een elegante manier van dekoloniseren niet bestaat, daar moesten de Algerijnen toen nog achterkomen. Maar dat er met het kolonialisme heel wat mis was, stond voor velen reeds vast.

Daarbij moet opgemerkt dat Algerije onder de Europese koloniën een bijzondere plaats innam. In het midden van de negentiende eeuw had de Franse regering besloten dat het officieel deel uitmaakte van het Franse moederland. Algerije werd dus niet beschouwd als een kolonie, maar stond administratief op gelijke voet met de Franse departementen. Het was een fictie waarin veel Fransen die zich in het zonnige, prachtige land vestigden vast geloofden, en die mede de felheid verklaart waarmee de Franse personages in Yacine's boek zich aan hun Afrikaanse bezit vastklampen.

De autochtone Algerijnen waren natuurlijk veel minder overtuigd van het Franse karakter van hun geboortegrond. Hun was het te moede zoals hun lotgenoten overal ter wereld: alsof wildvreemden hun huis waren binnengedrongen, zich in de beste leunstoel hadden genesteld, zich door de huisbewoners het lekkerste eten en drinken uit de koelkast lieten serveren, en dan nog over de bediening meenden te moeten klagen óók.

Hoezeer de bevolking van het land door de kolonisators enkel als goedkoop personeel en minderwaardige stoffering van het landschap werd gezien, maakt Kateb Yacine in zijn roman goed voelbaar. Hij heeft het allemaal zelf gezien en ervaren, en vastgelegd in soms onthutsende taferelen en dialogen.

Is een boek dat zozeer in zijn tijd wortelt, en allereerst bedoeld was om daarin een rol te spelen, voor de lezer van nu nog de moeite waard, anders dan als historisch document?

Ja, ook na zestig jaar is 'Nedjma' nog steeds een boeiende roman, omdat de auteur zijn land door en door kent, en overtuigende personages opvoert die niet de slaaf zijn van de ideeën van de schrijver. Yacine schetst het leven van vier jongemannen, dagloners in een steengroeve. Wanneer een van hen onbedoeld een Fransman doodt en wordt opgepakt, slaan zijn kameraden op de vlucht. Alle vier zijn verliefd op Nedjma, een jonge, onbereikbare vrouw van gemengde Frans-Algerijnse afkomst. Zij symboliseert Algerije, legt vertaalster Hester Tollenaar in haar behulpzame voorwoord uit.

Trefzeker schetst de schrijver de broeierige erotische gevoelens waaraan jongens van die leeftijd, een en al testosteron, ten prooi kunnen vallen. Zo mijmert een van hen: "De tweedracht die Nedjma zonder kwade opzet overal zaaide was het wapen van een vrouw door wie ik op zijn minst één keer verwond wilde raken voordat ik mijns weegs zou gaan, want de scheiding leek me onvermijdelijk."

Yacine vertelt zijn verhaal van onmacht, opstand, liefde en geweld niet in chronologische volgorde. Er vinden intrigerende, soms zelfs onmogelijke tijd- en ruimteverspringingen plaats, waardoor de lezer niet altijd zeker is van zijn greep op de stof. Gaat het hier enkel om een koketterie, een in die jaren door de literaire avant-garde vaker gebruikt procedé, of wil de schrijver de beschreven gebeurtenissen zo een ruimere geldigheid geven? Ik zou het niet weten. Vaak dwingt deze vorm de lezer tot oplettendheid, maar niet altijd is precies duidelijk wat de auteur ermee wil.

Soms ook lijkt het plezier in het formuleren een beetje met de schrijver op de loop te gaan, zoals wanneer hij een bloedheet moment van de dag beschrijft: "De schaduw onder de begroeiing laat zich zijn onweerstaanbare aantrekkingkracht niet ontnemen door het middaguur met zijn bombardement van vuurbundels, en blijft zich verbeten verplaatsen, als een brand op zoek naar zuurstof." Dat het warm is, wil je na zo'n zin best aannemen, maar de retorische overdaad is eerder ontwapenend dan bondig en raak. Maar die bezwaren vallen weg tegen de frisheid van de stijl, de manier waarop de schrijver zich inleeft in zijn personages en de mooi geschetste karakters en onderlinge verhoudingen.

Kateb Yacine: Nedjma. (Nedjma) Vertaald door en met een voorwoord van Hester Tollenaar. Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam; 269 blz. € 19,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden